AKTEN & REGESTEN BETREFFENDE LIEMPDE UIT DE VEERTIENDE en VIJFTIENDE  EEUW

HOME

Geactualiseerd: 1 maart 2017

1309, Oorkondenboek Meierij door dr. H.P.H. Camps, datum: 30 november 1309
Jan II, hertog van Brabant, verkoopt de lieden van Sint-Oedenrode gemene gronden binnen nader omschreven grenzen voor een som van 160 piond en een jaarlijkse erfcijns van 3 pond, en stelt verder regels voor het gebruik van deze gronden. O.a. in deze oorkonde "en vervolgens tot aan de grenzen van de gemeenschappelijke gronden van die van Liemde [Liempde], in de volksmond geheten geweylde [Gewelt], en van deze plaats tot aan de plaats in de volksmond geheten Ten Hulse [Den Hulst]"

1311, Oorkondenboek Meierij door dr. H.P.H. Camps, datum: 12 januari 1311
Jan II, hertog van Brabant, verklaart dat Willem die Cruudener het goed Jekschot van hem te leen houdt en dat deze het op zijn beurt bij gedeelten te leen en te cijns gegeven heeft aan een aantal mannen; voorts schenkt de hertog Willem die Cruudener diverse goederen, rechten en inkomsten in Jekschot, Liempde en Sint-Oedenrode, en regelt de rechten en verplichtingen tussen hemzelf en Willem die Cruudener en tussen laatstgenoemde en diens mannen. O.a. in deze oorkonde "Dit sijn die tsinsen die wij hem bekennen in onse gemeente van Liempde: aan 35 boenre die Aart Ijsebrandt onse portre van den Bossche gecregt jegens den voorgenoemde Willemen met onsen willen......"; "Voorts bekennen wij den voorseide Willem 6 boenre in onse gewelt van Limde [Liempde]"; "Dit zijn de pale van Yecscot: van Jans huijs van Soute velt op Rudebroek, van Rudebroek op Michiels huijs, van Michiels huijs op de Vogel hutte, van de Vogel hutte op dende van Brestert op de side te Lieshout waart, ende van dien eende van Bremstert op den eerste grave Jans van Zoutvelt sijn huis regt jegens onsen bosch van Lint [Liempde]"

1340, CIJNSBOEK VAN DE HERTOG VAN BRABANT 1340

1342,  BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel, datum:  december 29
Johannes Basyn en Rodolphus de Zulikem, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Thomas Scouthendensone de Maelstrem en Arnoldus, Godefridus en Christina, kinderen van wijlen Jutta, vrouw van Gerardus de Zuetbake de Orthen, verkocht hebben aan Herbord, zoon van Mette de Vrilichoven [Vrilkhoven], de helft van een erve, gelegen in Liempde, met het hout daarop groeiende en alle rechten.

1346, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum:  februari 2.
Gylys die Wever, Henric van der Laer, Bauden Heylen Lemkenssoen, Lambrecht van den Achten, Gherart Cartellaer, Gheraer Scunde en Heynen van Lennenshovel, schepenen van Boxtel, verklaren, dat Lodewich, bastart van Buxstelle, als momber van zijn vrouw Kathelyne Vermertendochter van Vrilichove [Vrilkhoven, Liempde] beloofd heeft geen aanspraken te doen gelden op de erfenis van Herbrecht Vermertensoen, maar dat het goed zal toevallen aan Jan, Jacop en Herbertken, kinderen van Lambert van Vrilichoven, Henken en Aernd Heynen Manskinderen, alsmede aan Jan en Lemken, kinderen van Jan Tsimoens van Vrilichoven, uitgezonderd het roerend goed dat hem is toegezegd.

1350, Sint-Jan Bouwloods 's-Hertogenbosch nr. 42 (2673). Datum 10-01-1350
Emondus Stardenborgh en Johannes Coppelman, schepenen in Bucstelle, oorkonden dat de heer Gerardus de Bucstelle, kannunik van de hoofdkerk van Munster en investiet van de kerk van Bucstelle [Boxtel], aan Gerardus, zijn natuurlijke zoon, heeft overgedragen de hierna volgende erfgoederen:
1) 6 nieuwe bunder in Die Wedehage [Liempde] met hun afhankelijkheden
2) de hoeve welke was van Henricus Oemkens met diens afhankelijke goederen, 1 met 2 nieuwe bunders bij de genoemde hoeve, 1 met zijn afhankelijkheden tegenover het huis van de heer Gerardus bij Hoghestrate.
3) de goederen en erfgoederen Bleexlant met hun afhankelijkheden die waren van Martinus de Bleke en Gerardus, natuurlijke zoon van heet Willelmus de Mulsel, priester, achter het huis van Gerardus , 1 met een akker achter het huis van Gerardus tegenover de openbare weg waarop de sluitboom staat nabij de goederen van Arnoldus, de zadelmaker,
4) de Voeseckerm die was van Lambertus Scoenvoets bij de Molengrave

1350, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum:  augustus 24.
Machgiel van Gheet doet ten behoeve van Herbrecht van Vrilichoven [Vrilkhoven, Liempde] afstand van zijn gerechtigheid aan 5 bunder broekland, gelegen bij de Odoncsvoert, welke 5 bunder met nog 4 bunder door Willem de Zadelere waren opgedragen aan Johan den Hoveschen van Boxtel, Henric Stempel en Jacop van den Berghe, onder voorwaarde, dat Herbrecht aan Ghysbrecht, die men heet Beertken van den Velde, de erfcijns van 1 grote tournooise per bunder zal betalen.

1350, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: september 1.
Jorden Lysbettenzoen en Ghysbrecht Minnart, schepenen van Sint-Oedenrode, verklaren, dat Machghyel van Gheet ten behoeve van Herbrecht van Vrilichoven [Vrilkhoven, Liempde] afstand heeft gedaan van zijn recht op 5 bunder broekland, gelegen in Odendoncsvoert [Odendonksvoort] , welke 5 bunder Willem de Zadelere met nog 4 bunder gegeven heeft aan Johan den Hoveschen van Boxtel, Henric Stempel en Jacop van den Berghe Ghysbrecht die men heet Boertken van den Velde heeft van elke bunder 1 grote tournooise.

1355, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: februari 1.
Johan Mathyssoen, Johan die Tay, Johan Hondertpont, Johan van Bychlaer, Jacop Mariensoen, Boudewyn die Rademeker en Willem Willemssoen van der Velde, schepenen van Liempde, verklaren, dat Lodewych bastart van Bocxtel, momber van Katherine zijn vrouw, beloofd heeft geen aanspraken te doen gelden op de boedel van Herbrecht ver Metthensoen van Vrilichoven, maar dat de volgende personen het goed zullen delen: Johan en Jacop, zonen van Lambrecht, die een broeder was van Herbrecht voornoemd; Henric Henric Manssoen, man van Mechteld, dochter van Lambrecht; Lysbeth, natuurlijke dochter van Lambrecht; Johan en Lambrecht, kinderen van Johan Monic, broeder van Herbrecht; Arnt Henric Manssoen, man van Mette, dochter van Johan Monics voornoemd; Godevart Boudewynssoen, man van Mette, natuurlijke dochter van Henric Byes, broeder van Herbrecht.

1355, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel, datum 15 februari 1355
Boudewyn die Rademeker, Ghevart van den Venne, Daneel Gritensoen, Johan van Bychlaer, Johan Hondertpont, Willem Willemssoen van den Velde en Johan Mathyssoen, schepenen van Liempde, verklaren, dat Loye Mariensoen al zijn goed heeft opgedragen aan de erfgenamen van Herbrecht ver Mechtelden van Vrilichoven [Vrilkhoven], genoemd in voorgaand regest.

1355, BHIC, 221 Provinciaal Genootschap. datum 16 februari 1355
Akte van verklaring. Boudewijn die Rademeker, Jan Mathijszoon, Jan die Tay, Jan Hondertpont, Jan van Bychlaer, Jan Marienzoon en Willem Willemszoon van den Velde, schepenen van Lijmde [Liempde] verklaren, dat in hun gheseten ghedinghe Henric Henric Manszoon en Jan de bastaardzoon van Jan Monicx, ter voldoening van eener schuld van 4000 pond, die na te noemen Herbrecht had schuldig belden aan: Jan en Jacob,  zonen van Lambrecht, den broeder van dien Herbrecht; Henric Henric Manszoon als momboir over zijne vrouw Mechteld, de dochter van genoemden Lambrecht; Jan Rutgerszoon als man en momboir van Lysbeth, de natuurlijke dochter van meergenoemden Lambrecht; Jan eerstgenoemd en zijnen broeder Lambrecht, kinderen van genoemden Jan Monicx, den broeder van denzelfden Herbrecht; Arnd Henric Manszoon als momboir over zijne vrouw Mechteld, de dochter van meergenoemden Jan Monicx en Godevarde Boudewijnszoon als momboir over zijne vrouw Mechteld, de bastaarddochter van Henric Bies, den broeder van dienzelfden Herbrecht, en welke schuldvordering zij hadden overgedragen aan Henric Henric Manszoon en Jan, den zoon van Jan Monicx voornoemd - het goed van Herbrecht, ver Mechtelden soens van Vrilichoven [Vrilkhoven], overgedragen hebben aan Loyen Marienzoon van den Berghe. [Akte van verklaring, verleden voor Boudewijn die Rademeker / Jan Mathijszn / Jan die Tay / Jan Hondertpont / Jan van Bychlaer / Jacob Marienzn / Willem Willemszn van den Velde, schepenen van Liempde, dat Henrik Manszn en Jan Janszn Monicx, ter voldoening schuld van 4000 pond die Herbrecht Mechteldenzn van Vrilichoven schuldig is aan diverse personen, het goed van Herbrecht overgedragen hebben aan Loyen Marienzn van den Berghe]

1359, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: april 15
Boudewyn die Rademeker, Ghevart van den Venne, Daneel van den Ecker, Johan Mathyssone, Johan Tay, Johan van Bychlaer en Willem van den Velde, schepenen van Liempde, verklaren, dat Mechtelt Woutersdochter van Stroetbollen al haar goed heeft opgedragen aan Arnt en Ghodevart, zonen van Henrick Mans van Liempde, Johan Rutgherssone van der Haseldonc, Ghodevart Boudewynssone, Johan Lambrechtssone en Willem ver Mertensone van Vrilichoven [Vrilkhoven].

1360, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: mei 2
Gheryt van den Loe, Arnt Lybenssoen, Loye van den Berghe en Jan Gheenkenssoen, schepenen van Liempde, verklaren, dat Baudewyn die Padenacker, Johan Sporbossche en Henric Heynenmanssoen, hun medeschepenen, aan Jan van den Ors bij vonnis hebben toegewezen het erve die Bracke [Braak], gelegen te Vrilichoven [Vrilkhoven] tussen de gemene straat en Geertrude Wouters Coelberresdochter, strekkende van Arnt Heynenmanssoen nieuwe huis tot aan de beek, wegens een erfpacht van 36 lopen rogge, welke hem daaruit toekwam.

1367 / BOSCH’ PROTOCOL (Bossche protocollen) BP 1175,  13-12-1367 door S.J.M.M. Ketelaars
Gerardus genaamd Collaert de Leijmde [Liempde] verkocht aan Johannes Vijscher de Esche een erfcijns van 40 schelling, met Lichtmis in  Liemde te betalen, gaande uit een huis en tuin waarin de verkoper tegenwoordig woont, in Liemde, achter goederen genaamd Ten Velde, tussen de gemeint enerzijds en Arnoldus Collaert anderzijds, reeds belast met de hertogencijns.

1367 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175,  fol. 35, door S.J.M.M. Ketelaars
Henricus genaamd Coelborner zoon van wijlen Johannes genaamd Coelborner de Crumvoirt man van Margareta dochter van wijlen Stephanus van der Steghen droeg over aan Johannes zoon van wijlen Mathias de Liemde [Liempde] 1/3 deel in stukken land, die eertijds waren van voornoemde wijlen Stephanus, in Haaren, achter de kerk, (1) Kromland, (2) die Poelakkers, belast met 1 cijnspenning en 1 vierdevat mout.

1367 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175,  okt. 1367 door S.J.M.M. Ketelaars, pag 111, regesten
.... dochter van Petrus de Pettelaer droeg over aan haar broer Everardus de Pettelaer het recht, dat zij kreeg na overlijden van haar broer Petrus, resp. dat ze zal krijgen na overlijden van Hilla wijlen vrouw van haar broer, in een huis en erf in Bunde Boxtel ter plaatse Liemde [Liempde] tussen Johannes (?) Priker enerzijds en Johannes Baten zoen junior anderzijds

1367 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175,  fol. 1v, 1367 door S.J.M.M. Ketelaars, pag. 139 regesten
Godefridus genaamd van den Molengrave de Bucstel [Boxtel] verkocht aan Willelmus Loijer een erfcijns van 3 pond, met Allerheiligen te 's-Hertogenbosch te betalen, gaande uit 1 bunder beemd, 6 vrachten hooi omvattend, in Boxtel, ter plaatse Wijchmans Broek [Liempde] , tussen Lambertus van Hoelt enerzijds en Johannes zoon van Lambertus anderzijds, belast met de cijns aan de Heer van Boxtel

1367 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175,  fol. 60, 28-12-1367 door S.J.M.M. Ketelaars
Eligius, zoon van wijlen Alardus genaamd de Monte (?) de Liemde [Liempde] verkocht aan Winricus Screijnmaker een erfcijns van ?40 schelling, met Sint-Andreas te betalen, gaande uit 3,5 bunder beemd die eertijds waren van Johannes van den Scadecker (?), in Boxtel, genaamd Liempde, tussen Theodoricus zoon van wijlen Bartholomeus enerzijds en de gemeint anderzijds, reeds belast met 3,5 oude groot een erfcijns van 3 pond.

1368 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175,  fol. 9v, door Jan Toirkens
Land in "Lyemder gheweilde" tussen de gemeynt van Rode en land van de hertog van Brabant. (gheweilt= geweld: rechtgebied)

 

1368 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175,  fol. 33, door Jan Toirkens
Parochie Bucstel, ter plaatse Casterle [Kasteren]

1368 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, fol. 58v / door S.J.M.M. Ketelaars
Johannes en Yda, kinderen van wijlen Arnoldus genaamd Vos, timmerman van Bucstul, en Jacobus zoon van Godefridus .... man van Elizabeth dochter van voornoemde Arnoldus voor zich en voor Willelmus broer van voornoemde Arnoldus maakten een erfdeling van goederen die voornoemde wijlen Anoldus naliet, gelegen in Gemonde en Boxtel. Voornoemde Johannes en Willelmus kregen (1) een beemd genaamd Hulselaar met opgaand hout in Liemde [Liempde], naast Godefridus genaamd Grieten zoen, (2) een stuk land genaamd die Wierik, in Gemonden, tussen Heilwigis Aben enerzijds en Gerardus van der Braben anderzijds, (3) een huis genaamd Boer aldaar met een stuk land daar vlak bij, tussen Johannes Tector de Ghemonden enerzijds en voornoemde Jacobus anderzijds, (4) een erfcijns van 8 schellin en 1/2 hoen, die Metta genaamd de Mechelen met Sint Maarten betaalt, gaande uit een huis en tuin waarin zij tegenwoordig woont, in Gemonden, (5) een stuk land op de plaats genaamd Rullen, tussen Katerina genaamd Ghenen dochter enerzijds en Johannes zoon van Leijta anderzijds, (6) een stuk land in Gemonden, tussen Johannes genaamd Pape Jan enerzijds en Johannes de Waubraken anderzijds, (7) een stuk land in Gemonden op de plaats genaamd Baseldonk, tusen Heila de Berslaer enerzijds en de goederen genaamd Te Wiel anderzijds. Voornoemde Johannes en Willelmus betalen de helft van de cijnzen die voornoemde wijlen Arnoldus uit zijn huis, schuuren, huis genaamd Boer betaalde. Voorts waarschijnlijk ook onderhoud van dijken. Voornoemde Jacobus kreeg een huis, tuin en schuur met ondergrond, een akker aldaar afgepaald, en 1/4 deel van het hoen. Voornoemde Jacobus beloofde dat voornoemde Willelmus met deze indeling zal instemmen. Voornoemde Jacobus zal de helft van de cijnzen betalen die voornoemde wijlen Arnoldus uit zijn huis, schuur en goederen betaalde.
Yda kreeg een erfcijns van 28 schelling. Zij zal 1/8 deel van het hek dat hangt bij goederen van Elizabeth Aben onderhouden. Verder (vervolg staat op 1175 mf2 D. 04 fol 59) kreeg Yda (1) 1/4 deel van voornoemd hoen en een erfcijns van 28 schelling, met Lichtmis te betalen, gaande uit de goederen die aan voornoemde Jacobus ten deel vielen, (2) een stuk land genaamd die Rijtakker, in Gemonden, (3) 2 stukjes land in Gemonden nabij de kerk van Gemonden, (4) een vracht hooi gelegen ter plaatse genaamd Merle, (5) een erfcijns van 20 schelling die Ermgardis B... met Kerstmis betaalt, gaande uit een huis en tuin, waarin zij tegenwoordig woont, (6) een erfcijns van 20 schelling die Johannes zoon van Gherburgis met Lichtmis betaalt.

1368 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, datum: 24-02-1368. / door S.J.M.M. Ketelaars
Ghibo zoon van Oda de Vucht verkoopt aan Jacobus zoon van Jacobus genaamd Lichtwegghe 1/8 deel in een huis, tuin en schuur met ondergrond, die waren van Heilwigis de Collenberch, in Liemde [Liempde] nabij Hamsvoort, tussen Elizabeth genaamd Aerts der Kijnder enerzijds en de plaats genaamd Hamsvoort anderzijds, welke 1/8 deel voornoemde wijlen Heilwigis aan voornoemde Ghibo had vermaakt, belast met de hertogencijns. Jacobus zoon van Oda zag af van zijn recht van vernaderen.

1368 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, fol. 33v, datum: 29-03-1368. pag 202, regesten / door S.J.M.M. Ketelaars
Ghevardus, Wautgherus en Eligius genaamd Loij, kinderen van wijlen Johannes de Casterle, verkochten aan hun broer Johannes de Casterle de helft van een stuk land van 1/2 mudzaad, in Boxtel ter plaatse gemaand Kasterle [Kasteren, Liempde] tussen voornoemde Johannes de Casterle beiderzijds, belast met grondcijnzen.

1368 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, pag 350, regesten / door S.J.M.M. Ketelaars
Ghevardus, Wautgherus en Eligius genaamd Loij, broers, kinderen van wijlen Johannes de Casterle, verkochten aan hun broer Johannes de Casterle de helft in 2 stukken land die waren van wijlen genoemde genoemde Johannes, in Boxtel ter plaatse Kasterle [Kasteren, Liempde] nabij de watermolle, (1) tussen Everardus broer van voernoemde broers enerzijds en voornoemde Johannes de Casterle anderzijds, (2) tussen heer Arnoldus de Palude priester enerzijds en voornoemde Johannes de Casterle anderzijds.

1368 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, mf1 F 01 fol. 31v, datum: 30-06-1368. pag 374, regesten / door S.J.M.M. Ketelaars
Eligius genaamd Loij zoon van wijlen Alandus van den Berghe en Jacobus zoon van wijlen Lambertus de Vrilichoven [Liempde, Vrilkhoven] beloofden aan Gerardus Br.....  .... genaamd Vosse ten behoeve van
Johannes de Globo 19 mottoon met St. Remigius aanstaande te betalen.

1368 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, mf1 F 01 fol. 31v, datum: 30-06-1368. pag. 375 regesten / door S.J.M.M. Ketelaars
Jacobus zoon van wijlen Lambertus de Vrilichoven verkocht aan zijn broer Johannes een erfpacht van 1 mud rogge, Bossche maat, met Lichtmis in 's-Hertogenbosch te leveren gaande uit een akker genaamd Schoer Akker in Boxtel ter plaats Liemde [Liempde] op de akkers van Vrilikhoven [Vrilkhoven], tussen voornoemde Johannes koper en Oderadis wv Johannes Mathei anderzijds.

1368 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175,  fol. 33 door Jan Toirnkens
parochie Bucstel, ter plaatse Casterle [Kasteren]

1368 / BOSCH’ PROTOCOL
BP 1175,  door S.J.M.M. Ketelaars
Johannes zoon van Willemus genaamd Coertroc de Buctel en Joseph zoon van Baudewinus genaamd Van den Molengrave, man van Aleidis dochter van wijlen voornoemde Willelmus maakten een erfdeling. Voornoemde Johannes
kreeg 1-4 deel van de korenmolens genaamd te Casterle [Kasteren, Liempde] en Aucsel [Antsel, Liempde] en van de oliemolen; voorts kreeg hij alle erven die hij tegenwoordig bezit.

1368 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175,  fol. 93,  door S.J.M.M. Ketelaars, pag. 98 regesten
Ghevardus de Casterle [Kasteren] verkocht aan Reinerus Willems bakker een erfcijns van 30 schelling, met Lichtmis te betalen, gaande uit 4,5 bunder broek in Boxtel, ter plaatse Liemde [Liempde] genaamd Wijchmans Broek,  tussen Johannes Houbben enerzijds en en voornoemde Johannes Houbben en Johannes Teij anderzijds, reeds belast met  1 oude groot erfcijns per  bunder. 

1368 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175,  fol. 97, datum 23-02-1368 door Jan Toirkens
Jan Willemssn. Cortroc en Joseph Boudewijns vanden Molengrave man van Aleit Willem Cortroc, krijgen bij een deling ieder ¼ e deel der waterkorenmolens te Casterle [Kasteren] en van een oliemolen aldaar en alle erven, die zij al in bezit hebben.

1368 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175,  fol. 102v door S.J.M.M. Ketelaars
Ghevardus zoon van wijlen Johannes de Casterle verkocht aan Reinerus genaamd Willems bakker een erfcijns van 30 schelling, met Lichtmis te betalen, gaande uit 4,5 bunder broek in Boxtel, ter plaatse genaamd Wijchmans Broek, ter plaatse Liempder Woud, tussen Johannes Houbraken enerzijds en Johannes Teij anderzijds, reeds belast met een erfcijns van 30 schelling aan de koper en 1 oude groot erfcijns per 1/2 bunder broek. 

1368 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175,  fol. 104, door Jan Toirkens
Lyemde:   beemd "die Pranke"

1369 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175,  fol. 179. d.d. 15-03-1369 door S.J.M.M. Ketelaars
Daniel genaamd Luwe zoon van wijlen Danijel genaamd Luwe de Vlimen, man van Hilla deden iets met een aandeel in (1) een huis en tuin in Boxtel ter plaatse Kasteren, tussen Danile genaamd ... kart enerzijds en Erardus de Casteren en Johannes (?) ...... anderzijds, (2) ..... ...... tussen Yoseph enerzijds en Johannes Cortroc anderzijds (rest onleesbaar).

1369 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175,  mf6 D 13. fol. 191v. d.d. 20-06-1369 door S.J.M.M. Ketelaars
Willelmus zoon van Johannes de Berze, bakker droeg over aan zijn broer Nijcholaus (1) de Veldakker, in Boxtel ter plaatse Liemde [Liempde], 7,5 lopen rogge groot tussen Elizabeth Arnoldi enerzijds en die Heuvelstraat anderzijds, (2) 6 lopen roggeland aldaar in de akker genaamd die Westakker, tussen een weg ter Hazeldonk enerzijds en Johannes genaamd Teije anderzijds, (3) 3 lopen roggeland aldaar in de akker genaamd die Veldakker, in het achterste einde daarvan gelegen, tussen een sloot die reikt af van een zijde van voornoemde Veldakker enerzijds en Henricus genaamd de Lenenshoevel [Lennisheuvel] anderzijds, (4) 1 lopen roggeland gelegen aan de plaats genaamd Aan Gene Hoek, tussen twee sloten beiderzijds, (5) de helft van 1 lopen roggeland gelegen ter plaatse genaamd Op die Pul, welke erven voornoemde Willelmus kreeg na overlijden van zijn ouders.

1369 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175,  fol. 197v. d.d. 16-06-1369 door S.J.M.M. Ketelaars, pag. 250 regesten.
Johannes de Casteren beloofde aan Johannes Luttelman 24 pond, 1 Vlaams groot voor 16 penning, na maning te betalen.

1369 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175,  fol. 197v. d.d. 16-06-1369 door S.J.M.M. Ketelaars, pag. 251 regesten.
Johannes de Casteren verkocht aan Godefridus zooon van wijlen Andreas de Berlicum een erfcijns van 4 pond, een helft te betalen met Kerstmis en de andere helft met St. Jan gaan de uit (1) 2,5 bunder broek in Boxtel, ter plaatse Kasteren, tussen Wautgherus Eligii (?) zwager van verkoper enerzijds en Everardus broer van verkoper anderzijds, (2) 6 lopen gerstland in Boxtel, ter plaatse Kasteren, naast Everardus broer van verkoper beiderzijds, (3) 6 lopen gerstland aldaar, tussen Henricus die Hoessche enerzijds en heer Arnoldus de Palude priester anderzijds; de 2,5 bunder waren reeds belast met een erfcijns van 40 schelling. ...... zoon (?) van wijlenm Alardus van den Berghe zag af van zijn recht van vernaderen.

1370 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, pag. 55 regesten. febr. 1370 / door S.J.M.M. Ketelaars
Arnoldus Lijben soon de Lijempde verkocht aan Willelmus Loijer een erfcijns van 40 schelling, met Kerstmis te betalen, gaande uit een beemd in Boxtel, ter plaatse genaamd Liemde [Liempde] tussen Henricus genaamd Heijnmans soen enerzijds en Johannes Rutghers soen anderzijds, belast met een halve vracht hooitiende om het jaar.

1370 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, pag. 205 regesten. febr. 1370 / door S.J.M.M. Ketelaars
Arnoldus Lijben soen verkocht aan Willelmus Loijen een erfpacht van  een halve mud rogge, Bossche maat, met Lichtmis in 's-Hertogenbosch te leveren, gaande uit 4 lopen roggeland  in Boxtel, ter plaatse genaamd Liemde [Liempde] tussen Johannes Rutghers soen enerzijds en Johannes de Meijelsfort anderzijds.

1370 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, pag. 274 regesten. okt. 1370 / door S.J.M.M. Ketelaars
Lambertus zoon van wijlen Ioannes Monic verkocht aan Johannes Noijde een erfpacht van 1 mud rogge, Bossche maat, met Kerstmis in 's-Hertogenbosch te leveren gaande uit (1) een stuk land genaamd die Braak, in Boxtel ter plaatse genaamd Liemde [Liempde], tussenJohannes (?) zoon van Rutgherus Beiderzijds, (2) een beemd achter voornoemd stuk land gelegen, (3) een stuk land genaamd Vier Hornok Stuk, aldaar tussen erf behorend aan de H. Geest van Boxtel enerzijds en de gemeint anderzijds, (4) een tuin genaamd Reiners Hof, 1 lopen rogge groot, belast met de grondcijns en een tiend vracht hooi om het jaar.

1370 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, mf8 A 05. fol. 246v; pag. 303 regesten. 02-12-1370 / door S.J.M.M. Ketelaars
Eligius Loij zoon van wijlen Alandus genaamd Alant van den Berge verkocht aan Henricus genaamd Coele en Nijcolaus genaamnd Coel zoon van wijlen Wautgherus de Lijemde een erfpacht van 1 mud rogge, Bossche maat, met Lichtmis in 's-Hertogenbosch te leveren, gaande uit 1 mudzaad roggeland in Boxtel, ter plaatse Liemde [Liempde] nabij de plaats Berg, tussen kinderen van wijlen Johannes de Berze beiderzijds, reeds belast met grondcijnzen.

1370 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, mf8 A 09. fol. 248v; pag. 319 regesten. 19-12-1370 / door S.J.M.M. Ketelaars
Johannes zoon van wijlen Jordanus genaamd Codse verkocht aan Arnoldus Hoernken ten behoeve van Johannes Spiker zoon van wijlen Theodoricus Spiker een erfpacht van een halve mud rogge, Bossche maat, met Kerstmis in 's-Hertogenbosch te leveren, voor het eerst over 1 jaar, gaande uit 2 stukken land, 4 lopen groot, in Boxtel ter plaatse Liemde [Liempde], (1) tussen Henricus zoon van Henricus Mans soen enerzijds en wijlen Heijlwigis de Collenbergh anderzijds, (2) nabij de watermolen van Alsen [Antsel], tussen Theodoricus Meus soen enerzijds en Metta de Leemputten anderzijds, reeds belast met de cijns aan de Heer van Boxtel.

1371 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, pag. 26, regesten. datum: 13-02-1371 / door S.J.M.M. Ketelaars
Johanens van der Laerscot verkocht aan Henricus genaamd die Hoessche een erfpacht van 1,5 mud rogge, Bossche maat, met Lichtmis in 's-Hertogenbosch te leveren, gaande uit de navolgende erven gelegen in Boxtel ter plaatse Groot Liemde [Liempde], (1) een stuk land tussen Everardus zoon van Everardus Lichtwegghe enerzijds en beemden aldaar, (2) een stuk land tussen Wilhelmus de Laerscot enerzijds en Ghibo de Laerscot anderzijds, (3) een stuk land, tussen voornoemde Ghibo beiderzijds, (4) een stuk land aldaar ter plaatse het Gelookt, tussen voornoemde Everardus enerzijds en voornoemde Wilhelmus anderzijds, (5) 1/4 in 8 vrachten hooiland ter plaatse genaamd Breukerbeemd, eertijds van voornoemde wijlen Everardus Lichtwegghe, (6) 1/4 van 2 bunder heide aldaar, tussen Theodoricus zoon van wijlen Bartholomeus zoon van Theodoricus enerzijds en de gemeint anderzijds, reeds belast met grondcijnzen.

1371 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, fol. 248v, door Jan Toirnkens
Groter Lyemde, bij de watermolen van Alsen (watermolen huidige Meulekensweg).

1371 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, fol. 251v, door Jan Toirnkens
Lyemde, die Zeeltacker

1371 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, fol. 263v / door S.J.M.M. Ketelaars
Antonius zoon van wijlen Johannes genaamd Laet van der Donc verkocht aan Wolterus Rijt (1) 1/8 bdeel in 1,5 bunder beemd, in Schijndel, ter plaatse Eilde, tussen de gemeint enerzijds en Wautgherus de Casteren anderzijds, (2) de helft in een tuin te Boxtel, ter plaatse Kasteren [in Liempde], tussen voornoemde Walterus Rijt enerzijds en Willelmus Sniders ter plaatse Kasteren, tussen voornomede Willemus Sniders enerzijds en Henricus Roden anderzijds, voornoemde 1/8 deel belast met grondcijnzen.

1371 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, mf8 C 13, fol. 264v / datum: 24-04-1371 door S.J.M.M. Ketelaars
...kinus Luwe de Vlimen droeg over aan Everardus zoon van wijlen de Casteren 1/7 deel in (1) een voertke, in Boxtel ter plaatse Kasteren [in Liempde], tussen Johannes de Casteren beiderzijds, (2) een stuk land in Boxtel ter plaatse Kasteren, tussen hr. Arnoldus de Palude enerzijds en voornoemde Johannes de Casteren anderzijds, (3) in een stukje land genaamd Die Brake, aldaar, tussen voornoemde Johannes enerzijds en een gemene steeg anderzijds, (4) een streep land, aldaar, ter plaatse die Nieuwe Bunder, tussen voornoemde Johannes enerzijds en voornoemde Everardus zoon van wijlen Johannes de Casteren anderzijds, (5) 1/2 bunder beemd aldaar ter plaats Nieuwe Bunder, tussen voornoemde Johannes enerzijds en voornoemde Everardus anderzijds, (6) een stuk erf, deels beemd, deels heide, genaamd Sassen Bunder, ter plaatse Eilde, tussen Wautgherus de Casteren enerzijds en voornoemde Johannes anderzijds.

1371 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, mf9 A 2, fol. 285 / door S.J.M.M. Ketelaars
Aleijdis dochter van Godefridus Dunnecop weduwe van ?. droeg over aan Theodoricus Zoetmelc een erfpacht van tien zester rogge minus 1 spint, uit(?) een erfpacht van vier mud rogge, met Lichtmis te leveren, gaande uit goederen genaamd(?) Ten Velde. [te Liempde] Theodericus zoon van wijlen Theodoricus genaamd Zoetmelc beloofde aan voornoemde Aleijdis ten behoeve van haar en ten behoeve van haar zoon Godefridus, verwerkt door voornoemde wijlen Godefridus, een erfpacht van drie lopen, ? spint rogge, Bossche maat, met Lichtmis in Den Bosch te leveren, gaande uit de helft in de goederen genaamd Sweenslaken, die waren van voornoemde wijlen Gerardus, gelegen deels in Erp en deels in Veghel.

1371
/ BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, fol. 285 / door dr. Geertrui van Syngel
Dirk (Theodoricus), zoon van wijlen Dirck (Theodoricus ) Zoetmelc, zoon van wijlen Rudolf (Rodolfus) genaamd Bruijlant, heeft erfelijk verkocht aan Arnold Hoernken ten behoeve van Margareta genaamd (onleesbaar, Ketelaars veronderstelt Spiker) een erfpacht van 10 sester rogge minus 1 spint (Bossche maat), te leveren met Lichtmis (2 februari) in Den Bosch uit de goederen genaamd Ten Velde gelegen in Liempde, welke erfpacht toekwam aan (wijlen) Rudolf Bruijlant ? die hem toekwam door de dood van wijlen Gerard Mostart en zijn vrouw Jutta. Datum (vlgs S.J.M.M. Ketelaars:) 29 oktober 1371

1372 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, april, 1372, pag. 58 regesten / door S.J.M.M. Ketelaars
......Faber zoon van wijlen Jacobus de Halle en Johannes Postken verkochten hun deel in een erf (?) in Boxtel ter plaatse genaamd Kasteren [in Liempde], tussen Wolterus genaamd ....lie beiderzijds.

1372 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, fol. 252, vrijdag na Driekoningen door Jan Toirnkens
Joseph Boudewijns vanden Molengrave koopt ¼  van de waterkorenmolen van Casteren (Kasteren), van de wateroliemolen van Casteren (Kasteren) en van de watermolen van Autsel (watermolen huidige Meulekensweg) in Lyemde van Jan Buckinc (?)

1373, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: februari 6
Ghevart van den Venne, Loy van den Berghe, Henric Heynenmanssoen, Coel Wantghers, Jan Meydensvoert, Joseph die Moelner, Godevart Jans Crommensoen, schepenen van Liempde, verklaren, dat Arnt Janssoen van Gunterslaer verkocht heeft aan Jan geheten Rotart, zijn natuurlijke broeder, een akker land, geheten Heerlaersche Ecker [Hezelaarse akker?] , gelegen te Liempde tussen Mette Sporbosche en Jan heer Aelbrechtssoen.

1377 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1175, pag. 32 regesten / door S.J.M.M. Ketelaars
.... zoon van Ghislebertus genaamd de Berselaer (?)  gaf uit aan Mathijas ....... 1/4 deel in 4 stukken land in Boxtel ter plaatse genaamd Vrilikhoven [Vrilkhoven, Liempde], (1) tussen Jacobus Lambrechts soen de Vrlichoven enerzijds en Jacobus .uijsken anderzijds, (2) genaamnd dat ..... tussen kinderen van Johannes ...... enerzijds en ......  de Meijelsfoert anderzijds, (3) onleesbaar, (4) onleesbaar; de uitgifte geschiedde voor de grondcijnzen en thans voor een erfpacht van een half mud rogge, Bossche maat. Er is een bepaling met betrekking tot de wegen die over deze goederen lopen. ..... Rutgherus (?) man van Oda ...... gaf aan voornoemde Mathijas zijn 1/4 deel uit. ...... ....... dochter van wijlen (?) Theodoricus van der Heijden gaf aan voornoemde Mathijas haar 1/4 deel uit. ....... ...... zoon van wijlen Adam van der Heijden (?) man van ..... ......gaf aan voornoemde Mathijas zijn 1/4 deel uit.

1377 BP 1175, fol.150r. door dr. Geertrui van Syngel
Willem van Meyelsvoert en Jacob, zijn broer, kinderen van Jan van Meylsvoert, verkopen erfelijk aan Walter Delyensoen een erfcijns van 10 pond uit 3 bunder in de jurisdictie van Liempde … en uit 2 bunder weiland naast de plaats genaamd Vellaer.

1379 BP 1181, fol. 21, door dr. Geertrui van Syngel
Wilhelmus zoon van wijlen Willem xxx heeft zijn vijfde deel dat hem toegekomen was door de dood van Willem xxx in de goederen genaamd Goed Ten Assche, als mede in drie bunder gelegen xxx in genoemde xxx op de plaats genaamd Vellaer tussen het erfgoed van de Heer van Boxtel enerzijds en het erfgoed van Jacob xxx die eertijds van Jan van Achel waren, gelegen xxx. Wilhelmus zoon van wijlen Willem heeft zijn vijfde deel erfelijk verkocht aan Arnout zijn broer.

1379 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1176, fol. 116, door Jan Toirnkens
Lyemde, de plaatse "Laerscot"

1379, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: april 17 .
Willem van den Velde, Jonghe Ghevart van den Venne, Pauwels Heynemanssoen, Jan van den Assche, Laurens van Autmolen en Zebrecht van Collenberch, schepenen van Liempde, verklaren, dat Oude Jan Meyensvoert verkocht heeft aan Jan Roetart, de landen die hij heeft in Smaelwarteest [Smalder?], Diepeneest en Droghen onder Liempde.

1380, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: augustus 9.
Johannes Scrage en Johannes de Wynsel, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren dat Johannes, zoon van wijlen Henricus de Luyssel, en Nycholaus de Luyssel verkocht hebben aan Johannes Roetart, twee stukken weiland, gelegen in de parochie Boxtel in Groter Liempde in de Pranghe [Prangen], tussen Bartholomeus, zoon van Johannes Rutgherssoen, en Heylkinus Enghelen.

1381 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1176, fol. 19v, door Jan Toirnkens
woensdag na 't oktaaf van Petrus en Paulus

Eligius, genaamd Loy vanden Berge Alardszoon draagt op aan zijn natuurlijke dochter Elizabeth een huis en hof ( vroeger van Lodewijck Kelner) in Lutterlyemde onder Bucstel tussen Jan vander Velde en Jan Proest van Bucstel, een stuk land aldaar tussen Jan Proest en Jan vander Velde, een stuk land aldaar tussen Gerit Wolfs en Willem Spruyt, een stuk land "in die Brake" aldaar tussen Jan vander Velde en Joseph Grietensoen, een stuk land in een veld, dat vroeger was van Jan vanden Stadeacker in Groter Lyemde tussen Henrick van Uden en de gemeynt.

 

1381 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1176, fol. 208, 2 mei, door Jan Toirnkens
Henrick Henrics die Man van Lyempde geeft aan zijn broer Arnt een stuk beemd in Lyemde tegen een cijns op St Maarten van 6 pond en 8 schilling ( en de lasten).

 

1381 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1176, fol. 218v, door Jan Toirnkens
donderdag na St Gielis? Lyemde, beemd "Breuckelwinckel" aan de  Dommel bij de moelen "Audsel".

 

1381 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1176, fol. 218v, door Jan Toirnkens
donderdag na St Gielis?

Lyemde, Voertbeemd voor de molen van Audsel aan de loop "Runne" (nu Grote Waterloop).

 

1381 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1176, fol. 220v, door Jan Toirnkens
donderdag na Lambrecht

Henrick Henrick Mans soen verpacht aan Lambrecht die Monic 5 buunder hei voor 't "Perrie" in de parochie Bucstel, tussen Claes Coelbornre en de gemeynt, voor 1 ½ mud rog, op Lichtmis in Den Bosch te leveren. ( last: 3 oude groten aan de heer van Bucstel) Lambrecht zet als pand: een stuk beemd in Lyemde.

 

1382 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1176, fol. 236v, door Jan Toirnkens
zaterdag na 't oktaaf van Driekoningen

Leunis van Langvelt verkoopt aan Willem Waerloes een korentiend in Lyemde, welke jaarlijks rijdt tegen een tiend van heer Henrick van Mordrecht, ridder, aldaar.(Leunis had een tiend gekocht van heer Diederick van Huerne, heer van Pereweis en van Cranendonck, ridder (en heer van Herlaer-Gestel).

 

1382 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1176, fol. 238v, door Jan Toirnkens

donderdag na Paulus' bekering

Jacob Jan Jordenssoen van Bucstel verkoopt aan Claes van Luysel een cijns van 4 pond, te betalen op Kerstmis, uit de akker "die Pasche" in Lyemde.

 

1382 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1176, fol. 262, door Jan Toirnkens

donderdag na 't oktaaf van Sacramentsdag

Hilla, weduwe van Henrick Wert, en haar zoon Steven verkopen aan Ghijbrecht Vullinc 't goed "die Haseldonc" in Lyemde. Dat goed was vroeger van Elizabeth Yuwijns, grootmoeder van voornoemde Steven. (last: grondcijnzen)

 

1382 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1176, fol. 265v, door Jan Toirnkens

donderdag na Margriet

Jan Henrics van Achel draagt op aan jonkvrouw Henrick, weduwe van Willem Bastart van Bucstel, een cijns van 1 oude grote, welke Jan Jansz van Meyelsfoert beloofd had aan Jan van Achel te betalen op St. Remeys, alsmede 3 ½  brabants dobbel, welke Jan van Meyelsfoert beloofd had aan Jan van Achel te betalen op Andries uit de helft  van een veld "Priemsbuenre" in Groterlyemde.

1383, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: januari 27
Pauwels Heynemanssoen, Coel Wantgerrsoen, Jan van den Assche, Ghevart van den Venne, Zebrecht van Collenbergh, Rutgher Janssoen en Mathys Libenssoen, schepenen van Liempde, verklaren, dat Loye, zoon van wijlen Jan van Casteren, verkocht heeft aan de kinderen van wijlen Ghevart zijn broeder, zijn deel van een kamp land, geheten de Heydekamp, gelegen te Liempde in Dyentvelt [Dienstveld?], tussen Lambrecht Monycs en Lysbethen Arnt der Kynderen wyf.

1383, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: juli 21.
Jan van den Assche, Ghovart van den Venne, Zebrecht van Collenberch, Coel Wantgherssoen, Rutgher Janssoen en Mathys Lybensoen, schepenen van Liempde, verklaren, dat Pauwel Heynemanssoen verkocht heeft aan Jan Roetart van Liempde, een stuk land, gelegen te Liempde tussen Willem van den Velde en Johan Aleyttensoen van de Laerschot.

1383, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: juli 26
Ghevart van den Venne, Jan van den Assche, Coel Wantgherssoen, Pauwels Heynemanssoen, Zebrecht van Collenberch, Rutgher Janssoen en Mathys Libensoen, schepenen van Liempde, verklaren, dat Willem van den Velde verkocht heeft aan Jan geheten Roetart van Liempde, een stuk land, gelegen onder Liempde, tussen de koper en Yde Jansdochter van Bychghelaer.

1383 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1176, fol. 302, door Jan Toirnkens

maandag na Jubilate

 Engbrecht van Baex draagt op aan Henrick, natuurlijke zoon van wijlen heer Henrick van Baex, zoon van voornoemde Engbrecht, een pacht van 1 mud rog uit land "die Hoevelacker" in Luttellyemde onder Bucstel, en uit die "Laeracker"aldaar. ( Wouter Mariensoen van Lyemde had die stukken verkocht aan Engbrecht.)

 

1383 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1176, fol. 320v, door Jan Toirnkens

parochie Bucstel, ter plaatse "Wedehage" bij "die Hogestrate"

 

1383 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1176, fol. 320v, 27-08-1381 door Jan Toirnkens

Gerit nat. zoon wijlen heer Gerit van Bucstel koopt een pacht in Wedehage, Bucstel.

 

1383 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1176, fol. 322, door Jan Toirnkens

Leymde,   " 't goet ten Acker"

(de pachter Jan van Vinckenscoet moet elk jaar uit een veld in Eilde 15 "boenre-royen pleckenlinck "steken" en die turven moeten een "hamervoet" dik zijn)

 

1383 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1176, fol. 330v, door Jan Toirnkens

donderdag na Ontvangenis

Jan Jan Moenszoon verkoopt aan Henrick Wellenssoen van Wetten een pacht van ½ mud rog op Lichtmis te leveren in Den Bosch, uit 5 lopense land in Onrade onder Bucstel tussen Goeswijn de Wever en Loy van Casteren (Kasteren).

 

1383 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1177, fol. 45, door Jan Toirnkens
Eligius geheijten Loij van Casteren (Kasteren), schoonbroer van wijlen Jacop sn. Jacops Coster.


1384 / BOSCH’ PROTOCOL
BP 1176, fol. 336, 14-01-1384 door Jan Toirnkens

Gerit nat. zoon wijlen heer Gerit van Bucstel koopt land op Zavendonc in Eilde.

1384 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1177, mf3 E 05 fol. 110v. / website Jan Toirkens / Donderdag 17-03-1384.
Voornoemde Gertrudis dochter van wijlen Walterus genaamd Coelborner, wv Rodolphus zoon van Henricus genaamd Priems en haar zoon Walterus gaven uit aan Engbertus zoon van wijlen Lambertus de Ertbruggen een stuk beemd in Boxtel, ter plaatse genaamd Liempde, ter plaatse genaamd Vellaar, tussen heer van Boxtel enerzijds en Nijcholaus genaamd Coelborner anderzijds; de uitgifte geschiedde voor 2? oude groot, aan de heer van Boxtel, en thans voor een erfcijns van 4 gulden hellingen en 6 Holland plakken, te betalen met St. Maarten. Ter meerdere zekerheid stelde voornoemde Engbertus tot onderpand een erfpacht van ? mud rogge, maat van Oirschot, die Johannes de Helmont hem met lichtmis levert, gaande uit erfgoederen in Oirschot, ter plaatse genaamd Best, nabij Godefridus van der Hoeven.

1384 / BOSSCHE ENCYCLOPEDIE
(zie ook Inventaris van het Oud-Archief van het "Zinnelooshuis" te 's-Hertogenbosch door J.M. van Rooij, pag. 127)
Vestiging erfcijns land en beemden Boxtel-Casteren
Wautgerus van Casteren
t.b.v. Arnoldus Hoernken
van: erfcijns 20 schelling
uit: een stuk land gend. DIE PUTACKER in Boxtel in de jurisdictie van Liempde OP SAVENDONC [Savendonk] en twee stukken in CASTEREN [Kasteren] achter de watermolen aan de DOMMEL
lasten: één OPPER hooi afwisselend uit beide beemden te leveren aan N.N.
Nr 944 | 30 juni 1384

1385 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1177, fol. 254 door Jan Toirnkens
Ghevart ... (onleesbaar).. moet jaarlijks in de 4 pachtjaren van de verpachter Jan Gerits Vos een roede moer in Huysvenne steken en drogen en naar Den Bosch brengen in verpachters huis ofwel in plaats daarvan een keer per jaar met kar en paard een vracht voor verpachter brengen van Den Bosch naar Luik. (de verpachters hoeve lag in Lyemde)

1386, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: december 13
Pauwels Heynemanssoen, Ghevart van den Venne, Willem van den Velde, Jan van den Assche, Zebrecht van Collenbergh, Rutgher Janssoen en Mathys Lybenzoen, schepenen van Liempde, verklaren, dat Jan, zoon van wijlen Gherart van den Loe, verkocht heeft aan Jan (Roetart), natuurlijke zoon van wijlen Jan van Ghunterslaer, de goederen, welke hem aanbestorven zijn van Beele zijn moeder, gelegen te Liempde in Ghevarts beemden van den Venne.

1387/ BOSCH’ PROTOCOL  BP 1178 f73v / door dr. Geertrui van Syngel
Dirck Buc, zoon van wijlen Godeschalk  van der Sporct, man en wettig voogd van Eesse, zijn vrouw, en Hendrik Buc, zoon van Dirck Buc, man en wettig voogd van Elisabeth, zijn echtgenote, dochters van Hendrik van Uden, verwekt door Hendrik en Hadewich, hebben een hoeve genaamd t Goet te Velde (afkomstig) van wijlen Bartholomeus, gelegen in de parochie van Boxtel  in de plaats Liempde, samen met alle aangehorigheden van het genoemde goed, alsmede uit (op de fotocopie niet duidelijk of hier het woord de staat, wat uit betekent, of dat het doorgestreept is. Dit is van belang voor de interpretatie: in het ene geval wordt de hoeve met 18 bunder in erfpacht gegeven, in het andere geval bestaat de hoeve uit 18 bunder) 18 bunder land in dezelfde plaats genaamd Liempde gelegen en grenzend [mogelijk staat hierna nog een onleesbaar woordje] aan Hendrik Pauli, zoon van Hendrik genaamd @ en Hendrik Boudekenssoen en Fyssia van den Berze, zoals daar de 18 bunder gelegen zijn. Zij (Dirck Buc, Henrik Buc, Eesse en Elisabeth)  hebben de hoeve genaamd 't Goet te Velde in erfpacht gegeven aan Arnold/Arnoud van den Dike en Wellinus Wellenssoen van Acht, door hen erfelijk te bezitten voor alle onraet, die wijlen Bartholomeus en Berthold, zijn broer (of zijn zoon, moeilijk te lezen op fotocopie), jaarlijks rechtens gewoon waren te betalen, alsmede voor een erfpacht van zestien en een halve mud rogge Bossche maat, erfelijk op Lichtmis te geven. Genoemde Dirk en Hendrik Buc hebben zeven bunder van wijlen Bartholomeus, zoon van Dirk, gelegen in de parochie van Boxtel op de plaats genaamd Liempde, tussen het erfgoed van Willem van de Velde enerzijds en het weiland van Arnold van den Perre anderzijds (hierna staat nog iets bovengeschreven dat ik op de fotocopie niet kan lezen), tegen een erfcijns gegeven aan Wellinus Wellenssoen van Acht, door hem erfelijk te bezitten voor alle onraad daaruit jaarlijks te voldoen alsmede voor een erfpacht van 4 mud rogge Bossche maat, erfelijk te geven op Lichtmis.

1388, / BOSCH’ PROTOCOL
BP 1178 fol. 217v / door dr. Geertrui van Syngel
Henrick Buc, zoon van Dirck Buc, zoon van wijlen Dirck Buc  heeft de helft die hem toekomt in een erfpacht van vier mud rogge (Bossche maat) erfelijk te  voldoen uit 7 bunder die van Bartholomeus was, zoon van wijlen Dirck, gelegen in de parochie van Boxtel  op de plaats Liempde, tussen het erfgoed van Willem van den Velden enerzijds en tussen het erfgoed van Arnold Van der Perre anderzijds, Welke 7 bunder Henrick Buc en Dirck Buc, zoon van wijlen Godfried  van der Sporct, in erfpacht gegeven hadden aan Willem Willemszoon van Acht, namelijk voor alle lasten daaruit jaarlijks te voldoen alsmede voor de voornoemde erfpacht van vier mud rogge.

1388, / BOSCH’ PROTOCOL BP 1178 fol. 225v / door dr. Geertrui van Syngel
Henrick, zoon van Willem van de Velden heeft drie bunder weiland in de parochie van Boxtel onder de jurisdictie van Liempde op de plaats genaamd in Wychmansbroeck [Wichmansbroek] overgedragen aan Jan, zijn broer.

1389 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1178 f254 / door dr. Geertrui van Syngel
Gertrudis, dochter van wijlen Walter genaamd Coelborner, weduwe van Hendrik Priem, met haar voogd, en haar zoon Walter, hebben een erfcijns van vier gouden penningen genaamd gulden hellingen en zes penningen genaamd oude plakken ook hellingen, die Engelbertus, zoon van wijlen Lambert van Eertbruggen gewoon was aan  Gertrudis en haar zoon Walter te betalen op Sint-Maarten uit een stuk weiland/beemd, gelegen in de parochie Boxtel  op de plaats genaamd Liempde op de plaats genaamd Vellaer, gelegen tussen het erfgoed van de heer (met kleine letter) van Boxtel een de ene zijde en Nicolaas Coelborner aan de andere zijde, welk stuk land Gertrudis en Walter  in erfcijns gegeven hadden aan genoemde Engelbert (zoon van Walter van Eertbruggen) voor twee oude groten en voor een kwart van een oude groot aan de heer van Boxtel daaruit te betalen,  alsmede voor een erfcijns van 4 gulden en 6 plakken nieuw daaruit te betalen, alsook uit een erfpacht van 1 mud rogge Oirschotse maat die Jan van Helmond gehouden was erfelijk te betalen op Lichtmis aan genoemde Engelbert (zoon van Walter van Eertbruggen) uit erfgoederen in de parochie Oirschot op de plaats genaamd Best, naast het erfgoed van Godfried van der Hoeven, welke pacht van 1 mud rogge genoemde Engelbertus samen met het genoemde stuk weiland voor de aflossing van de cijns als onderpand had gesteld, zoals in de schepenoorkonde staat, verkocht aan Nicolaas van Beerze en overgedragen met schepenoorkonden en het recht. Zij (Gertrudis en Walter) hebben  de erfcijns (van vier gouden penningen genaamd gulden hellingen en zes oude penningen genaamd oude plakken ook genaamd hellingen die Engelbrecht zoon van Walter van Eertbruggen gewoon was aan  Gertrudis en haar zoon Walter te betalen) verkocht aan Nicolaas van Beerze

1389  / BOSCH’ PROTOCOL BP 1178 f279v / door dr. Geertrui van Syngel
Elisabeth, dochter van wijlen Arnoud van Westfalen, met haar voogd, heeft een erfcijns van 10 pond en 1 oude Tourse groot uit een erfcijns van 32 pond, welke cijns van 32 pond de heer Willem van Boxtel, ridder, zoon van wijlen heer Hendrik van Boxtel, ridder, op Sint-Maarten moest voldoen uit de bunders land genaamd De Weijboenre [weibunder zie boek Frits Beelen], gelegen in de parochie van Boxtel op de plaats genaamd Lyemderwout, tussen de gemeint van Sint-Oedenrode richting het oosten aan de ene kant, achter de kerk van Oirschot richting het westen aan de andere kant, grenzend met het ene eind aan de gemeint van Liempde, welke cijns van 10 pond Elisabeth verworven had van Jan Janszoon van Hees, schoonzoon van Willem van Mynnemeer, overgedragen aan Mette Vilt, zoon van wijlen Hendrik Vilt.

1389, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS
  door W.A. Fasel datum: mei 30
Gheryt Hesselsoen, Joseph van Casteren, Coel Wantgerssoen, Lambrecht van den Ecker, Jan van der Laerscot en Jan Lobken, schepenen van Liempde, verklaren, dat Jan Claessoen van der Laerscot verkocht heeft aan Jan Roetart, natuurlijke zoon van wijlen Jan van Gunterslaer, alle beemden en groes, die hij heeft onder de dingbank van Liempde.

1390  / BOSCH’ PROTOCOL BP 1178 f270 /  door dr. Geertrui van Syngel
Hendrik Buc, zoon van Dirk Buc, zoon van wijlen Dirk Buc, man en wettig voogd van Elisabeth, zijn vrouw, en Hendrik van Uden, door diezelfde Hendrik van Uden en Hadewich, wijlen zijn vrouw, dochter van wijlen Bartholomeus, zoon van Dirk, verwekt, hebben een erfpacht van 4 mud  en 1 sester rogge Bossche maat uit de helft die hem toekomt in een erfpacht van 16,5 mud rogge, erfelijk op Lichtmis te betalen uit een hoeve genaamd 't Goet te Velde van wijlen Bartholomeus, gelegen in de parochie van Boxtel  in de plaats Liempde, en uit alle aangehorigheden van die hoeve,  alsmede uit 18 bunders land in dezelfde plaats Liempde geheten gelegen, naast het erfgoed van Paulus, zoon van [niet leesbaar in zwart van de fotocopie] genaamd die Man, Thomas genaamd Boudekenszoen en Fyssia genaamd van den Berge, [***] , welke hoeve met haar aangehorigheden en 18 bunder land genoemde Hendrik Buc en Dirk Buc, zoon van wijlen Godschalk, [zwart op fotocopie], man en wettig voogd van Eesse, zijn vrouw, dochter van Hendrik van Uden en wijlen Hadewich, in erfpacht hebben gegeven aan Arnoud van den Dijke en aan Wellinus genaamd Wellenssoen van Acht voor de lasten genaamd onraet, die Bartholomeus en [zwart], zijn broer, jaarlijks uit die hoeve met haar aangehorigheden en uit de 18 bunder land rechtens gewoon waren te betalen, erfelijk verkocht aan Rodolf van den Perre.

1390  / BOSCH’ PROTOCOL BP 1178 f279 /  door Jan Toirnkens
Heer Willem van Bucstel, ridder, zoon van wijlen heer Henrick van Bucstel, ridder, beurde een cijns van 32 pond uit die Weijboenre in Lijemderwout. (dus NIET vergeldt zoals ik vroeger heb opgegeven!)

1390  / BOSCH’ PROTOCOL BP 1179 f10 /  door Jan Toirnkens
Lyemde, een stuk land "die Zitart" (daaruit: 5 ½ penning cijns aan de heer van Pereweys)

1391  / BOSCH’ PROTOCOL BP 1179 f33 5 januari /  door Jan Toirnkens
broeder Jan van Arkel, prediker (O.P.) zoon van wijlen Henrick Rode van Bucstel, verpacht aan Jan Moerken een stuk beemd in die Rubeemt (Rauwbeemd?) in de parochie Bucstel voor 14 lopen rog. Willem en Baudewijn doen afstand daarvan ten bate van hun broer Jan.

1391  / BOSCH’ PROTOCOL BP 1179 f107 op Severijnsdag /  door Jan Toirnkens
Henrick Janz die Moelner van Bucstel verkoopt aan Henrick die Wit, schoonzoon van wijlen Jan Wilgeman, een pacht van 2 mud rog uit een stuk land "dat Berckerot" op Onrode in Bucstel tussen Willem Mijnnemeer en Aelbrecht vanden Dijc; uit een beemd in 't Hilsbroec aldaar tussen Willem Mijnnemeer aan beide zijden; uit een stuk land, een hof en een wei aldaar aan elkaar gelegen tussen Willem Mijnemeer en Elisabeth vanden Everbossche; en uit een akker op Zelissel tussen Hozen-kijnderen van Casteren (Kasteren) en de kinderen van Lambrecht van Hoelt. ( de panden zijn belast met een grondcijns, ¼  meyeverken, een maatje wijn en 1 zester  gerst).

 

1391  / BOSCH’ PROTOCOL BP 1179 f111 op 2 november /  door Jan Toirnkens
Goosewijn Moedel zoon van wijlen Bertout Dircssoen verkoopt aan Ghijsbrecht Wouters vanden Berghe, Zebrecht Laureijnsz vander Hamsvoert en Jan Bathen soen vander Laerscot al het hout genaamd "doefhout"  (behalve het wilgenhout) staande binnen het hek van een veld behorende bij 't goed "te Bychelaer" in Lyemde. Voor begin mei moeten zij "te was" hakken en voor eind mei dat hout verwijderen.


1391  / BOSCH’ PROTOCOL BP 1179 f224 op donderdag na Letare /  door Jan Toirnkens

Wautgher van Casteren (Kasteren) verkoopt aan Jan van Holaer een cijns van 50 schillingen uit 12 lopense  gerstland op Zavendonc in de parochie Bucstel.

1392, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: januari 31
Gherart Kesselssoen, Ghevart van den Venne, Coel Wantgherssoen, Willem van Bichgelaer, Jan Meydensvoert, Henric Mutssart en Laurens van Autmolen, schepenen van Liempde, verklaren, dat Arnt Janssoen van den Orsse heeft opgedragen aan Lambrecht den Monyc Jan Monycssoen, Arnt Heymanssoen, Wouter Arntssoen van Essche en Beerten, dochter van Willem Henrics van der Vlasvoert, het goed die Brake, breder omschreven in de gevidimeerde schepenbrief van 2 mei 1360.

1392, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: maart 31.
Jan Meydensvoert, Ghevart van den Venne, Gherart Hesselssoen, Coel Wantgherssoen, Willem van Bychghelaer, Henric Mutsart en Laurens van Autmolen, schepenen van Liempde, verklaren, dat Gheertruyt, dochter van wijlen Jan heer Aelbrechtssoen, verkocht heeft aan Jan Roetart van Liempde, de helft van een stuk land, gelegen in de Heerlaersche eckere { Hezelaarse akker?] achter het ven, tussen de koper en Heyne van Bychghelaer.

1392  / BOSCH’ PROTOCOL BP 1179 f377 5 januari /  door Jan Toirnkens
Henrick Godevaerts Dicbier verkoopt aan Mechtelt Gerits Berwout een cijns van 7 aude scilde, half op St. Remeys, half op Pasen, uit een hoeve van verkoper in Essche en uit huis en hof in Den Bosch aan de Zile; alsmede uit een pacht van 16 mud rog, welke hij beurt uit "'t goet ten Acker"  in Lyemde en uit een veld in Eilde. ( Jan van Derentheren, Jan, Willem en Geryt zonen van voornoemde Jan van Derentheren, Wouter vanden Stoel en de voornoemde Henrick Dicbier hadden het voorschreven goed verpacht aan Reyner Jansz van Vinckenscoet voor 16 rog..), verder uit "die Hezeacker"  in Vechel en uit 3 stukken beemd in Vechel. De hoeve in Essche is belast met een grondcijns en met 2 mud rog pacht.

 

1392  / BOSCH’ PROTOCOL BP 1179 f391 donderdag na Misericordia /  door Jan Toirnkens
Jan, natuurlijke zoon van wijlen heer Eligius genaamd Loy vanden Aker, priester; Henrick Machielssoen, Godevaert Godevaert Vos, Corstiaen Pauwels van Lyemde en Jan Godevaerts van Broechoven verkopen aan Ghijsbrecht Jan Ghibensoen een stuk land in Essche tussen de straat en Jan Arnts Buckinc. Wouter Mathessen keurt deze verkoping goed.

 

1392  / BOSCH’ PROTOCOL BP 1179 f393 donderdag na Jubilate /  door Jan Toirnkens
Henrick Machielssoen, Corstiaen Pauwelssoen van Lyemde, Jan natuurlijke zoon van wijlen heer Eligius genoemd Loy vanden Aker, priester, Jan Godevaert van Broechoven en Godevaert Godevaert Vos verpachten aan Loy Alautssoen vanden Berghe  voor 7 jaar na kerstmis eerstkomend alle erfenissen van voornoemde Eligius in Lyemde voor een pacht van 6 oude groten en 3 ½ mud rog. Deze brief worde overhandigd aan Henrick Machielssoen.

 

1392  / BOSCH’ PROTOCOL BP 1179 f487 /  door Jan Toirnkens
Lyemde,   in Alsenre beemde

1393, BOSCH’ PROTOCOL BP 1179 fol. 532 / door dr. Geertrui van Syngel
Arnold/Arnoud van den Dijke heeft de helft (erfpacht: staat er niet) die hem toekomt in een zekere hoeve genaamd t Goet te Velde van wijlen Bartholomeus, zoon van Dirk, gelegen in de parochie van Boxtel op de plaats genaamd Liempde met de aanhorigheden van die hoeve op welke plaats dan ook gelegen, alsmede de helft die hem toekomt in 18 bunder land gelegen in de plaats genaamd Liempde, grenzend naast het erfgoed van Paulus, zoon van Hendrik die Man, Thomas Boudekenszoen en Fyssia genaamd van den Berge,  welke hoeve met haar aangehorigheden en 18 bunder land Arnoud en Wellinus genaamd Wellenszoen van Acht van Dirk Buc, zoon van wijlen Godschalk van der Sporct en Hendrik Buc, zoon van Dirk Buc in pacht verworven hadden, zoals in schepenoorkonden, erfelijk verkocht aan Jan genaamd Zaest. Jan van Zaest de koper, heeft beloofd 4x 50 Hollandse gulden aan Arnold/Arnoud van den Dijke, de verkoper, te betalen. 

1393, BOSCH’ PROTOCOL BP 1179 fol. 635 / door dr. Geertrui van Syngel
[*] Van Uden heeft een jaarlijkse erfpacht van vier mud rogge en 1 sister rogge Bossche maat uit de helft die toekomt aan Henrick en Dirck Buc, in een erfpacht van 16 mud op te brengen  uit een zekere hoeve genaamd t Goet te Velde, van wijlen Bartholomeus, gelegen in de parochie van Boxtel in de plaats genaamd Liempde, en uit de aanhorigheden van die hoeve, alsmede uit [gevlekt] bunder land in Liempde onmiddellijk naast het erfgoed van Paulus, zoon van [gevlekt], 
Van Uden heeft/hebben dat in erfpacht gegeven aan Arnout van den Dijke en aan Wellinus genaamd [gevlekt]
[De transactie is hier moeilijk te bepalen, omdat de tekst gevlekt is. Als Van Uden in erfpacht geeft, dan zou er niet dedissent kunnen staan. Dus mogelijk ontbreekt hier de eigenlijke rechtshandeling door de vlekken of loopt de tekst nog door op de volgende folio.]

1394??, BOSCH’ PROTOCOL BP 1175 fol. 52v/ door Jan Toirkens

Groetlyemde,   ter plaatse Vlassprey

 

1394??, BOSCH’ PROTOCOL BP 1175 fol. 150 / door Jan Toirkens

Lyemde  rogland, dat "Huffelt"


1394, BOSCH’ PROTOCOL BP 1180 fol. 252 / door Jan Toirkens

Groter Liemde,   land “Hezenroet”

1395, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: juni 6
Ghevart van den Venne, Gheryt Hesselssoen, Heynryc Mutsart, Lauwerens van Autmolen, Willem van Bychghelaer, Jan Tay en Willem van Meyensvoert, schepenen van Liempde, verklaren, dat Lambrecht den Monyc aan Aleyt, weduwe van Jan Scyman, en aan Katheryne en Mechtelt haar dochters, heeft afgelost een vierendeel van een voeder tiendhooi, dat hij jaarlijks uit zijn erve te Liempde placht te geven.

1395, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: juni 29
Ghevart van den Venne, Gheret Hesselssoen, Heynric Mutsart, Lauwerens van Anemolen, Willem van Bychgelaer, Jan Tay en Willem van Meyensvoort, schepenen van Liempde, verklaren, dat Heynryc en Peter, zonen van wijlen Henryc die men hiet van Scoet, en Mathys, zoon van wijlen Heynric Vyjans, hun zwager, verkocht hebben aan Jan Roetart van Liempde, een stuk land, gelegen op Vrillekover acker onder Liempde, tussen Willem van den Velde en Aleyt van den Berghe.

1396 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1180, f428 / door dr. Geertrui van Syngel
Dirck Buc, zoon van wijlen Godschalk  van der Sporct, man en wettig voogd van Eesse, zijn vrouw, dochter van wijlen Hendrik van Uden, door Hendrik van Uden en Hadewich, dochter van wijlen Bartholomeus, zoon van Dirk, verwekt,  heeft een erfpacht van 4 mud  rogge en 1 sester rogge die Dirk toekomt uit een erfpacht van 16,5 mud rogge, welke pacht van 16,5 mud rogge genoemde Dirk Buc en Hendrik Buc, zoon van Dirk, zoon van wijlen Dirck Buc, gewoon waren te betalen op Lichtmis en in Den Bosch te leveren uit een hoeve genaamd t Goet te Velde van wijlen Bartholomeus, gelegen in de parochie van Boxtel  in de plaats Liempde en uit de aangehorigheden van die hoeve waar dan ook gelegen alsmede uit 18 bunder gelegen in Liempde, gelegen tussen het erfgoed van [Paulus], zoon van wijlen Hendrik die Manne, en Thomas Baudekenszoen en Fyssia van den Berge, welke 18 bunder Dirk Buc en Hendrik Buc in erfpacht gegeven  hadden aan Arnoud van den Dyke en Wellinus Wellenssoen van Acht, alsmede voor de onraet die genoemde wijlen Bartholomeus, zoon van Dirk, en Bartholomeus jaarlijks uit die hoeve  met aangehorigheden en uit de genoemde 18 bunders moesten betalen, erfelijk overgedragen aan Ludolf, zoon van wijlen Ludolf van Boemel.

1396, Sint-Jan Bouwloods 's-Hertogenbosch nr. 1205 (2318). Datum 18-12-1396
Gerardus de Wiel en Arnoldus Heyme, schepenen in Buscoducis, oorkonden dat Johannes, zoon van wijlen Ghevardus Castoren, aan Johannes, zoon van Johannes Hoester de Luyssel, verkocht heeft een erfpacht van een halve mud rogge, waarvan de eerste betalingstermijn zal zijn vanaf het eerstvolgende feest van Kerstmis na het verstrijken van het jaar uit:
1) halve bunder beemd in de parochie Bucstel in het rechtsgebied van Lyemde [Liempde] op de plaats Die Vloet [De Vleut] op de plaats Die Hamsvoert tussen het erfgoed van de kinderen van wijlen Laurentius van der Hamsvoert aan de andere zijde,
2) huis en erf op de plaats Die Vloet, tussen het erfgoed van die kinderen van wijlen Laurentius aan een zijde en de openbare weg aan de andere zijde,
3) 1,5 lopenzaat rogge in het rechtsgebied van Lyemde tussen het erfgoed van wijlen Gerardus Vosse aan een zijde en het erfgoed van Willelmus de Byechaelaer aan de andere zijde.

1396, BOSCH’ PROTOCOL BP 1180 fol. 573 / door Jan Toirkens

Groet Lyemde  op Beeclake

 

1396, BOSCH’ PROTOCOL BP 1180 fol. 587, maandag na Maria- Geboorte / door Jan Toirkens
Gerit Baliart en zijn zoon Gerit dragen op aan Jacob van Berze van der Horst alle beesten op de hoeve in Bychelaer, Liemde, voor 3 jaar.

 

1397, BOSCH’ PROTOCOL BP 1180 fol. 726 / door Jan Toirkens

Lyemde    land "dat Broecloect"  neven de erfenis der kinderen genoemd "hondert pondert ponts kijnderen"

 

1397, BOSCH’ PROTOCOL BP 1181 fol. 21, 09-08-1397 / door Jan Toirkens

Willem zoon van wijlen Willem Mijnnemeer verkoopt aan zijn broer Arnt 1/5e deel geerfd van zijn vader en te erven van zijn moeder Katherijn, in ´t goet " Ten Assche", Bucstel en in 3 buunder beemd die Zijldonc in Vellaer en in een beemd bij Hoggendonc. Lasten : o.a. 1 mud rog aan Dirck van den Valchuze.

1398, BHIC, 221 Provinciaal Genootschap. datum 18 april februari 1398
Akte van verlening, verleden voor Arnoldus van Vladeracken en Engelbertus Ludinc Pijnappel, schepenen van 's-Hertogenbosch, door Johannes Henricuszn Hencenszn van Rode Sint-Ode, aan Andries van Ouderichem, van grondrente uit land onder Boxtel "Borselaer" [Bordelaar, Liempde?], en uit huis met erf, in Sint-Oedenrode "Onlant",

1398, BOSCH’ PROTOCOL BP 1181 fol. 100, 14-10-1398 / door Jan Toirkens
Broeder Herman van Porta Celi en Willem. zonen van wijlen Willem Mynnemeer, Jan Janssn. van Hees man van Lijsbeth Willem Mynnemeer en Jan Wauterssn. van Brakel man van Margriet Willem Mynnemeer, hebben opgedragen aan hun broer Arnt Willem Mynnemeer 1/5e deel dat Mechtelt Willem Mynnemeer geerfd had van haar vader Willem en zou erven van haar moeder Katherijn in de hoeve ´t goet "Ten Assche", Bucstel, Cleijn Lijemde en in een buunder broekland "die Zijldonc" bij Vellaer en in een beemd bij de Hoge Vonder.

 

1399, BOSCH’ PROTOCOL BP 1181 fol. 89, 03-01-1397 / door Jan Toirkens

Jan nat. zoon van wijlen heer Willem heer van Bucstel, geeft in erfpacht aan Willem van Dormalen een beemd in Groter Lyemde met de helft van de oude sloot of gracht, om ½ mud rog Bossche maat op Lichtmis en 2 aude groten grondchijns.
Lambrecht van Luyssel ziet af van vernadering.

14.., BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: december 16.
Akte van .. voor schepenen van 's-Hertogenbosch, waaarbij Arnoldus Deris van den Cloet en zijn vrouw Sophia aan .... opdragen (?) het vierdedeel in een beemd 'op den Run' onder de parochie Boxtel, maar de jrusidictie van Liempde, loco dicti Munsel, en een wei geheten 'die Voertbeemd' 

1400  / BOSCH’ PROTOCOL BP 1186 fol. 88v / door dr. Geertrui van Syngel
Ludolf, zoon van wijlen Ludolf van Boemel, heeft een erfpacht van vier mud rogge en 1 sister rogge, Bossche maat, die aan Dirck Buc, zoon van wijlen Godfried  van der Sporct, toebehoorde, in een erfpacht van 16,5 mud rogge, erfelijk te voldoen op Lichtmis uit een hoeve genaamd  t Goet te Velde gelegen in de parochie van Boxtel op de plaats genaamd Liempde en uit de aangehorigheden van diezelfde hoeve en uit 18 bunder land gelegen in Liempde , welke pacht van vier mud rogge en 1 sister rogge Ludolf verworven had van Dirck Buc, zoon van wijlen Godfried van der Sporct.  Ludolf, zoon van wijlen Ludolf van Boemel, heeft de erfpacht overgedragen aan Willem Bac, zoon van Mathias van den Molengrave.

1400, BOSCH’ PROTOCOL BP 1182 fol. 69, 08-07-1400 / door Jan Toirkens

Lambrecht Ghijben zoen die Bont verkoopt aan Willem Willems van den Velde t.b.v. Jan Willems van den Velde ¼ e deel in de watermolens, Lijemde, Casteren (Kasteren), ¼ e in 2 bunder beemd Casteren (Kasteren) in den Wert rondom in de Dommel. ¼ e in een erf met houtwas in Luttellijemde en ¼ e in de watermolen in Alsel (watermolen huidige Meulekensweg), Lijemde. Lasten : 40 schillingen payment en 4 mud rog en 4 mud gerst uit het ¼ e.

1400 Tafel van H. Geest van 's-Hertogenbosch door Ton Kappelhof. Deel V. pag. 4., 1274b, datum: 17 augustus 1400
Testament Henricus van den Cloot c.s. Erfcijns goederen Liempde en erfpacht goederen Oss.
Voor: notaris Theodoricus Heym van Vechel, clericus Luik
Van: Henricus van den Cloot, poorter en gehuwd met Agnes dochter van wijlen Franco Hoefslegher. Zij zijn gezond van lichaam en geest.
Betreft:
1. Een legaat aan de Tafel van de Heilige Geest namelijk een erfcijns van 10 pond te vestigen op de goederen geërfd of nog te ervan van zijn ouders.
2. Henricus van den Cloot heeft de helft van de onder 1. vermelde goederen vermaakt aan zijn natuurlijke dochter Sophya, mocht zij overlijden zonder wettig nageslacht na te laten, dan vervallen deze goederen aan de Tafel van de Heilige Geest, maar in dat geval vervalt legaat 1.; Agnes voornoemd heeft het vruchtgebruik van deze goederen.
3. erfpacht van 2 mud rogge uit goederen gelegen in het dorp [villa] Oss minus 1/3 mud rogge vermaakt aan de Tafel van de Heilige Geest.
Plaats: in het huis [domum seu hospitium] van de Tafel van de Heilige Geest, waarin zij thans wonen in een / de nederkamer [camera bassa]; zij plegen daar te slapen.
Getuigen: Arnoldus zoon van wijlen Arnoldus van Dijk, Albertus zoon van Lambertus van Dynter, Johannes zoon van Luytgardis Hannensoen, Arnoldus zoon van Crispianus.
In dorso: 10 pond goederen te Liempde; wat later van de abdij van Averbode [Hoeve c.s. Ten Kerckhove te Liempde]
N.B.: de datering geschiedt volgens de stijl van het hof van Luik.

1400 Tafel van H. Geest van 's-Hertogenbosch door Ton Kappelhof. Deel V. pag. 7. datum: 30 oktober 1400
Aanvulling testament Henricus van den Cloot erfpacht ligging onbekend.
Voor: notaris Paulus Borchardis van Zulichem, priester Luik
Van: Henricus zoon van wijlen Arnoldus van den Cloot rector sue provisor van Tafel van de Heilige Geest. Hij is gezond van lichaam en geest.
Betreft:
Een legaat aan de Tafel van de Heilige Geest van een erfpacht van 2 mud rogge te vestigen op al zijn goederen; al zijn overige niet reeds gelegateerde goederen vermaakt hij aan zijn natuurlijke dochter Sophya, verwekt bij Katherina dochter van wijlen Jordanus van der Vloet van Oerscot; mocht zij overlijden zonder wettig nageslacht na te laten, dan vervallen deze goederen aan de Tafel van de Heilige Geest.
Hij wenst begraven te worden bij de minderbroeders.
Bijzonderheden: Hij herroept alle eerdere testamenten behalve dat, wat gemaakt is ten overstaan van notaris Theodoricus Heym van Vechel, met instemming van wijlen zijn echtgenote Agnes.
Plaats: in het woonhuis van de Tafel van de Heilige Geest, in de bakkerij van dat huis
Getuigen: Johannes van Scijndel, de bakker en zoon van Luytgardis Hannen soen; Arnoldus zoon van Christiani van Nuenrebeke; Arnoldus zoon van wijlen Arnoldus van Nuenen; Rodolphus zoon van wijlen Ghibo Vette; Johannes zoon van wijlen Henricus Voet van Schindel; Elijsabeth dochetr van Noutdonis; Oda dochter van Walterus Bul; Agnes dochetr van Nycolaus Reynkini; Arnoldus zoon van wijlen Arnoldus van Dijk, Albertus zoon van Lambertus van Dynter, Johannes zoon van Luytgardis Hannensoen, Arnoldus zoon van Crispianus.
In dorso: 2 mud rogge uit het goed van Averbode te Liempde [Hoeve c.s. Ten Kerckhove te Liempde]

1401, BHIC, 1232 Illustre lieve vrouwe broederschap in 's-Hertogenbosch, (1291) 1318 - 2005, datum 1401-06-28.
In vigilia Beatorum Petri et Pauli apostolorum
Mechteld, dochter van Hendrik, zoon van Jordaan van Oirschot, heeft verkocht voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Jan Vynninc, goudsmid, voor de broederschap:
erfpacht uit Den Groten Acker in Liempde in Boxtel en uit andere goederen daar en in Den Houwe.

1402, BOSCH’ PROTOCOL BP 1182 fol. 417v, 08-05-1402 / door Jan Toirkens
Gerit van der Aa verpacht voor 6 jaar vanaf Pinksteren a.s. aan Willem Wautghers van Casteren (Kasteren) de hoeve "tguet ter Aa ", Bucstel om 15 mud rog Bossche maat,  op Lichtmis en 10 kapoenen, 2 zesteren raapzaad en 4 steen vlas, tot hekelen bereid. Pachter krijgt de helft van de opbrengst van ´t eerste jaar en aan ´t eind der pachting de helft van ´t koren van het 6e jaar. Pachter moet een roede moer uitsteken, naar Gerits huis in Den Bosch brengen. Last : een grondchijns. 

1402, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: augustus 20
Ghevart van den Venne, Jan Colensoen, Willem van Bychelaer, Willem van Meydensvoert, Jan Godevarts Crommensoen, Jan Wantgerssoen en Henric Enghelensoen, schepenen van Liempde, verklaren, dat Jacop van Vrillekoven  [Vrilkhoven] verkocht heeft aan Lambrecht den Monyc, een beemd, geheten die Tyentbeempt, gelegen te Vrillekoven onder Liempde, tussen Jan Parman Loyen Luntenssoen en Pauwel Jan Coppenssoen.

1403, Tafel van H. Geest van 's-Hertogenbosch door Ton Kappelhof. Deel V. pag. 19. datum: 9 juni 1403
Overdracht erfcijnzen-pachten Sint-Oedenrode-Vressel, Helvoirt, Liempde onder Boxtel, Oirschot, Aarle, Berlicum, Rosmalen, Boxtel-Lennisheuvel.
Theodoricus Buc en Nycolaus genaamd Coel zoon van wijlen Wynricu Screynmaker.
Aan: Theodoricus van den Hoevel zoon van wijlen Lambertus en gehuwd met Agnes en aan Henricus van den Zande gehuwd met Gertrudis beide dochters van Godefridus Visscher en Heiligis natuurlijke dochter van wijlen Johannes Slotel.
Van: de helft van de volgende goederen:
1. de erfcijns van 5 ponden
2. erfcijns van een oude schild
3. erfpacht van 1 mud rogge
4. erfpacht van 5 mud rogge
5. erfpacht van een halve mud rogge
6. erfpacht van 4 mud rogge
7. erfpacht van 4 mud rogge
uit:
1. een huis in de straat die loopt van de Hinthamerstraat naar de Windmolenberg
2. huis c.a. en aangelgen erfgoederen in Sint-Oedenrode in Veretsel [Vressel] aan drie zijden grenzend aan de gemeijnte en uit een beemd in Onstaden.
3. een stuk land in Helvoirt in Ghesel
4. het stuck c.a. Te Laer in Arle [Aarle]
5. een stuk land gelegen in Berlicum en in Rosmalen An Die Audee Moelen
6. de hoeve van wijlen Henricus Paep in Oirschot in Noetellen [Notel] en uit een erfpacht van van 2,5 mud rogge, Oirschotse maat uit een huis, schuur en hof, grenzend aan aan Daniel van der Noetellen, priester, en uit een beemd in Oirschot naast de Langendyck en nog uit een erfpacht van een halve mud rogge, Oirschotse maat uit een stuk land met zijn gebouwen en uit een beemd genaamd Jan Bollaerts Beemd en uit een beemd aldaar genaamd Die Blaecbeemt en nog uit een erfpacht van 10 l. uit een stuk land naast de kerk van Oirschot en ten slitte uit vier lopense rogland grenzend aan het erfgoed der Joffrouwen Erfgenamen Van der Noetellen en nog uit een akker in Boxtel in Lenneshovel [Lennisheuvel]
7. Zeven bunder erfgoed in Boxtel in Lyemde [Liempde].
Deze renten zijn gekocht door de transportanten in hun kwaliteit van executeurs van het testament van wijlen Johannes Slotel met het geld gekomen van de huizen van Johannes voornoemd in de Zadelmakersstraat.
Voorwaarden: Mochten Agnes en Gertrudis streven zonder wettig nageslacht na te laten, dan vervallen deze goederen zoals bepaald in het testament van Johannes Slotel voornoemd aan de Tafel van de Heilige Geest

1403, Tafel van H. Geest van 's-Hertogenbosch door Ton Kappelhof. Deel V. pag. 20, nr. 1325a, datum: 12 juni 1403
Overdracht goederen  Theodoricus van den Hoevel zoon van wijlen Lambertus en gehuwd met Agnes en aan Henricus van den Zande gehuwd met Gertrudis beide dochters van Godefridus Visscher en Heiligis natuurlijke dochter van wijlen Johannes Slotel.
Aan: Henrius Matheeus ten behoeve van Tafel van de Heilige Geest.
Van: 1/5 deel van de op 9 juni 1324 genoemde goederen [zie hierboven] [O.a. Zeven bunder erfgoed in Boxtel in Lyemde [Liempde]

1403, BOSCH’ PROTOCOL BP 1181 fol. 205, 12-10-1403 / door Jan Toirkens
Lambrecht Ghijsbrechts die Bont heeft opgedragen aan Boudewijn Josephssn. van Casteren de helft van de helft van de molens (van wijlen Willem Willems Cortroc van Casterle) in Casterle {Kasteren], verder ¼ e deel van land en houtwas, Boxtel, Lutgherlyemde aen die Vorst. Lasten : ¼ e deel der lasten uit de molens aan de heer van Bucstel, ½ mud rog aan Henrick Pauweter.

 

1403, BOSCH’ PROTOCOL BP 1181 fol. 208v, 24-10-1403 / door Jan Toirkens

Jan Wautgerssn. van Casterle (Kasteren) verkoopt aan Willem Willems van den Velde t.b.v. diens broer Jan van den Velde, den Nennensacker, Lyemde, Casterle (Kasteren), land "dat Schildeken"aldaar, een streep land aldaar en 1/8ste deel in drie molens in Casterle (Kasteren). Lasten grondchijnsen uit de landerijen, pachten en cijnzen aan de heer van Bucstel uit 1/8ste deel van de drie molens.

 

1403, BOSCH’ PROTOCOL BP 1183 fol. 89, 15-02-1403 / door Jan Toirkens

Jan nat. zoon van heer Willem, heer van Bucstel, geeft in erfpacht aan Willem van Dormalen een beemd in Groter Lijemde.

 

1403, BOSCH’ PROTOCOL BP 1183 fol. 105v / door Jan Toirkens
Jan Perman nat. zoon van wijlen Eligius geheiten Loy Luntenssoen, man van Lijsbeth Zeghers van der Heyden (Lijemde).

 

1405, BOSCH’ PROTOCOL BP 1184 fol. 106v, 2 april / door Jan Toirkens

Erembrecht Lodewijckssoen vander Scoervoert, man van Katherijn Jan vanden Callenberch verkoopt aan Willem vanden Velde ten bate van diens broer Jan vanden Velde  een voer tiendhooi uit die Haverbeempt in Lyemde tussen die Dommel en die gemeyn Beemt. (dat hooi moest daaruit vroeger  geleverd worden door wijlen heer Eligius geheten Loy vanden Aker, priester, wijlen Eligius geheten Loy Luntenssoen en wijlen Eligius geheten Loy vanden  Bergess aan Jan vanden Callenberch

1406 / BOSSCHE ENCYCLOPEDIE
Betalingsbelofte erfpacht er erfcijns goederen Liempde
door: Wijchmannus Mesmaker zoon van Nycholaus Wijchmans soen en
Sophia natuurlijke dochter van wijlen Henricus van den Cloot (DE GLOBO)
aan: Eustacius van Hedichusen t.b.v. de THG
betreft: een erfcijns van £ 10 en een erfpacht van 2 m. vermaakt aan de THG (zie nr. 1274b)
uit: al zijn goederen geërfd van zijn ouders
voorw.: zij staan garant voor de betaling van deze renten; de THG zal niet meer eisen
In dorso: Liempde 2 m. rogge uit het goed van Averbode
[Hoeve c.s. Ten Kerckhove te Liempde]
Nr 1413a | 23 september 1406

1407, BOSCH’ PROTOCOL BP 1185 fol. 211, 26 september / door Jan Toirkens
Heer Willem van Meerhem, heer van Bucstel, verkoopt aan Gerit Bathensoen een cijns van 8 gulden peter op St. Lambrecht, uit al zijn molens, tienden, renten, cijnzen en pachten in zijn dorp en heerlijkheid Bucstel en in Lyemde en uit al zijn andere goederen. (Willem kan die cijns binnen 6 jaar lossen met 324 gulden peter.)

 

1407, BOSCH’ PROTOCOL BP 1185 fol. 244, 9 december / door Jan Toirkens
Everart en Lijsbeth, kinderen van Aert van Casteren (Kasteren), timmerman, en van wijlen Yda Aelbrecht Heynendochter, verkopen aan Jan Bont 1/6 deel geerfd van hun grootmoeder Yda, weduwe van Aelbrecht Heynen, in een huis en erf, Bucstel, binnen de bruggen, tussen een erf van 't Gasthuis in Bucstel en Jan Bont, strekkende van een straat tot een beemd van de heer van Bucstel. (last: 6 cijnshoenderen uit heel 't huis)

Gerit Brugman, man van Aleyt Gerit Brugman verkoopt aan Jan Bont 1/3 deel en 1/6 deel in dat huis.

 

1407 of 1408,  BOSCH’ PROTOCOL BP 1185 fol. 077 of 177 of 277 of 377, door Jan Toirkens

Conrart van Lyemde heeft opgedragen aan Aert vander Heyden, bakker, een huis en erf, Bucstel aan die Strijpt tussen Sophie van die Cloet en Yda Dircs. (Conrart had dat huis gerechtelijk gekocht van Pauwels Henricss van Geffen, bakker. (Niet gepasseerd)

 

1408, BOSCH’ PROTOCOL BP 1185 fol. 433, 6 september / door Jan Toirkens
Willem, zoon van wijlen Willem Bastart van Bucstel heeft opgedragen aan Aert en Willem van Meyelsvoirt, broers en hun schoonbroer Henrick Engelensoen de helft in 5 ½ buunder beemd min 10 roeden Lyemde in Wijchmansbroec. (de andere helft is van Gerit Hessels van Lyemde) en een kamp in Groter Lyemde (die Willem in erfpacht gekregen had van Katherijn, weduwe van Jan Houbraken c.s.)

1409, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: juni 8.
Jan Colensoen, Willem van Meydelsfoert, Jan Wantgerssoen, Henric Enghelensoen, Henric van den Perre, Peter Jacopssoen en Arnt Goeswynssoen, schepenen van Liempde, verklaren, dat Boudewyn, zoon van wijlen Maes Boykenssoen, verkocht heeft aan Dirc Jan Rotartssoen, een cijns van 2 oppers hooi, gaande uit de Roesbeempt [Roesbeemd], gelegen te Liempde tussen de koper en Meuws Jan Rutgherssoens soen.

1410, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: februari 27.
Jan Colensoen, Willem van Meydensvoert, Henric Enghelensoen, Henric van de Perre, Arnt Goeswynssoen en Peter Jacobssoen, schepenen van Liempde, verklaren, dat Jan, zoon van wijlen Jan Rutgherssoen, verkocht heeft aan Dirc Janne Rotarts, Meuws Jan Rutgherssoen en Laurens E......... Coelburressoen, de hooitiende, die hij heeft uit een erve onder Liempde.

1410, BOSCH’ PROTOCOL BP 1187 fol. 26v, 27 november / door Jan Toirkens
Lambrecht die Bont verkoopt aan Willem Petersz van Casteren (Kasteren)

-  ¼  deel in een watermolen, Lyemde, Casteren (Kasteren) en in de watermolen van Audsel (watermolen huidige Meulekensweg)

- ¼  wei ( voorzover toebehoord hebbende aan de heer van Bucstel)

- ¼  bos in die Vorst te Bucstel en

- ¼  oliemolen in Lyemde

Willem belooft aan Lambrecht 10 franse kronen en 2 mud rog te betalen op Kerstmis over een jaar.

1412 Archief Groot Ziekengasthuis door H.J.M. van Rooij, datum: 7 november 1412
Willem van Meydensvoert, Jan Woutgherszoon, Dyrc Roc...., Peter Crabbe, Willem Roefszoon, Henric van Bychghelaer en Laureyns van Leemputten, schepenen in Lyemd [Liempde], oorkonden dat Heylwich, wettige dochter van wijlen Gherats Heren Aelbrechtszoon; Maes, haar natuurlijke zoon, en Willem van Pot , als man van Katharina, dochter van Heylwich voorschreven, aan Andries de Scoteldreyer van Boxtel hebben verkocht een erfpacht, groot 8 lopen rogge 's jaars, Boxtelse maat, te leveren binnen de twee bruggen aldaar, verschijdende op 1 november en gevestigd op een stuk beemd gelegen onder de dingbank van Lyemde, ernerzijds naast het erf van Willem van Doermalen, anderzijds naast het erf van Michfgiel van den Velden. 

1413, Tafel van H. Geest van 's-Hertogenbosch door Ton Kappelhof. Deel V. pag. 40. datum: 27 september 1413
Betalingsbelofte en erfpacht en erfcijns goederen Liempde.
Door: Wijchmannus Mesmaker zoon van Nycholaus Wijchmans doen en Sophia natuurlijke dochter van wijlen Henricus van den Cloot [de Globo]
Aan: Eustachius van Hedichuseen ten behoeve van de Tafel van de Heilige Geest
Betreft: een erfcijns van 10 pond en erfpacht van twee mud rogge; deze goederen waren door Henricus van den Cloot vermaakt aan de Tafel van de Heilige Geest.
Uit: Al zijn goederen geërfd van zijn ouders
Voorwaarden: Zij staan garant voor de uitbetaling van deze renten, de Tafel van de Heilige Geest zal niet meer eisen
In dorso: Liempde 2 mud rogge uit het goed van Averbode  [Hoeve c.s. Ten Kerckhove te Liempde]

1415, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: januari 25.
Jan Coelensoen, Willem van Meydensvoert, Jan Wantghers, Arnt Goeswijnssoen, Henrick van Bychghelaer en Peter Crabbe, schepenen van Liempde, verklaren, dat Katheryne, dochter van wijlen Steven van der Steghen, verkocht heeft aan Dyrck Roetart, de helft van een beemd, geheten Smallaer, gelegen te Liempde tussen de erfgenamen van Heer Vlecken, ridder, en een erve geheten die negene geswade, strekkende aan de Dommel.

1416, BOSCH’ PROTOCOL BP 1189 fol. 271, 23 januari / door Jan Toirkens
Willem Peters van Casteren (Kasteren) geeft in erfpacht aan zijn broer Jan Peters van Casteren (Kasteren)

- ¼  deel in een watermolen, Casteren (Kasteren), Lyemde;

- ¼  deel in een de watermolen van Autsel (watermolen huidige Meulekensweg) aldaar

- ¼  deel van een oliemolen aldaar

- en ¼  wei en ¼  bos bij die Vorst

om 2 mud rog Bossche maat op Lichtmis. ( Willem had die vierde delen verkregen van Lambrecht die Bont.)

1417, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: maart 7 . Jan Coelensoen, Willem van Meydensvoert, Jan Wangers, Peter Crab, Heynric van den Per en Jan Arntssoen, schepenen van Liempde, verklaren, dat Jan Reynerssoen, Lysbeth zijn zuster, met Aelbrecht die Steerre haar man en Jan Jutten Reynesdochter soen verkocht hebben aan Dyrck Roetart, hun mede-schepen, 2/3 van 1 1/2 geswade beemds, gelegen in Smallaer tussen de erfgenamen van Jan Vossen en de koper.

1417, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: december 2.
Rodolphus Berwout en Johannes die Lu, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Johannes, zoon van wijlen Gerardus zoon van wijlen Johannes van Casteren verkocht heeft aan Willelmus, zoon van wijlen Willelmus van den Velde, een erfpacht van een half mud rogge, gaande uit een stuk land, gelegen in de parochie Boxtel onder de dingbank van Liempde, tussen wijlen Henricus Mu(t)sart en wijlen Laurencina van der Andermolen, alsmede uit een halve bunder heide, gelegen mede aldaar tussen Theodericus Roetart en Paulus Jan Coppensoen.

1419, BOSCH’ PROTOCOL BP 1191 fol. 146, 13-07-1419 / door Jan Toirkens
Jan zoon van wijlen Henrick Mutsart, Goyart van der Spanc man van Aleijt Henrick Mutsart, en Gerit van den Kerkchove man van Luytgard Henrick Mutsart, geven in erfpacht aan Henrick Henrix Mutsart 3/5e van huis, erf, hof (van wijlen Henrick Mutsart in de parochie Bucstel in 't gericht van Lijempde om 10 lopen rog Bossche maat, te betalen half aan Jan, en half aan Goijart op Lichtmis en de lasten.

Henrick zet als pand  : de helft van de beemd " Autsel (watermolen huidige Meulekensweg)"

1420, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: maart 8.
Godefridus Berwout em Henricus van den Borchacker, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Petrus Loeckart verkocht heeft aan Theodericus, zoon van wijlen Johannes Roetart, het derde deel van een stuk land, geheten Reylantbeemdeken, gelegen in de parochie Boxtel onder de dingbank van Liempde in Smallaer, tussen het erve van wijlen Johannes Vos en de abt van Averbode, [ Hoeve Ten Kerckhove] strekkende van de Dommel tot aan Lambertus van den Acker.

1421, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: juni 19.
Godefridus Smeds en Godefridus de Dommelen, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren dat Theodoricus, Rodolphus en Arnoldus, zonen van Lodewicus de Bladel, alsmede Henricus Boerman, man en momber van Elysabeth, Daniel Janssoen, man en momber van Luytgard, dochter van Lodewicus voornoemd, Ghiselbertus de Dorhout, man en momber van Godescalus de Bladel, Jacobus Oedensoen, man en momber van Elysabeth, dochter van wijlen Anna, dochter van wijlen Gerardus Vos, hebben opgedragen aan Theodericus, zoon van wijlen Johannes Roetart, een stuk land gelegen onder de dingbank van Liempde int Smaller, tussen de koper aan beide zijden, strekkende aan de Dommel, alsmede een stuk land, gelegen als voren tussen Theodericus Hoet en de Dommel, met Lambertus van den Aker aan beide einden.

1422, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: april 26
Jan Colensoen, Jan Wantgerssoen, Willem Roefssoen, Henric die Taye, Gevart Ghevarts, Reyner van Vynckescoet en Goessen Janssoen van der Laerscot, schepenen van Liempde, verklaren, dat Lambrecht, zoon van wijlen Jacob Lambrechtssoen van Vrillinkoven, verkocht heeft aan Laureyns van Leemputten ten behoeve van Arnt Weerners, een erfpacht van 12 lopen rogge, gaande uit een beemd, gelegen in Wychmansbroeck [Wichmansbroek]  tussen Willem van Meydensvoert ter ene zijde en Willem van den Velde en Rombout Janssoen van den Velde ter andere zijde, strekkende van de jonckeren van Boxstel tot aan de steeg.

1422, BOSCH’ PROTOCOL BP 1192 fol. 447v, 17 mei / door Jan Toirkens
Peter Steenwech, man van Christijn Hugo van Wije (weduwe van Willem van Bucstel), zoon van wijlen Willem Bastart geeft aan Mechtelt dochter van wijlen Willem Bastart een pacht in Liemde.

1422, BOSCH’ PROTOCOL BP 1193 fol. 218, 17 mei / door Jan Toirkens
Wouter Henrix van Lyer heeft opgedragen aan Michiel van den Velde ¼ e deel afkomstig van Rombout Janssn. vanden Velde in de watermolens van Casteren (Kasteren) en Liemde, in 2 buunder beemd inden Weert in Casteren (Kasteren) rondom tussen die Dommel en in een erf met hautwas in Luttel..., alsmede ... (rest valt weg in rand)

1422, Sint-Jan Bouwloods 's-Hertogenbosch nr. 338 (327). Datum 01-08-1422
Henricus Steenwech en Arnoldus Wolphardi, schepenen in Buscoducis, oorkonden dat Johannes, Franco, Adam en Ghibo, kinderen van wijlen Ghibo Heester, en Delyana en Aleidis, hun zussen dochters van Ghibo, Petrus natuurlijke zoon van wijlen Arnoldus Zegers soen, wettige echtgenoot van Margaretha, dochter van Ghibo, aan Henricus Heester, zoon van wijlen Johannes Heester, overgedragen hebben elk deel en alle rechten die zij bezaten in een erfpacht van 1/2 mud rogge uit:
1) Halve bunder beemd in de parochie Bucstel in het rechtsgebied van Liempde [Liempde] op de plaats Die Vloet op de plaats die Hamsvoirt tussen het erfgoed van de kinderen van van wijlen Johannes Nonden aan een zijde en het erfgoed van de kinderen van wijlen Laurencius van der Hamsvoirt aan de andere zijde,
2) een huis en erf op de plaats Die Vloet tussen het erfgoed van de kinderen van wijlen Laurencius aan een zijde en de openbare weg aan de ander zijde,
3) 1,5 lopenzaat rogge in het rechtsgebied van Liemde tussen het erfgoed van wijlen Gerardus Vos aan een zijde en het erfgoed van Willelmus de Byechelaer aan de ander zijde
welke pacht Johannes, zoon van Gerardus Heester de Luyssel, van Johannes, zoon van wijlen Gerardus de Casteren, gekocht had.

1422, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel, datum: november 19.
Henricus Dicbier en Goeswinus Moedel van der Donc, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren dat Johannes, Margareta en Digna genoemd Dingen, kinderen van wijlen Willelmus, zoon van wijlen Theodericus de Dormalen, alsmede Willelmus van den Hove, man van Elisabeth, Johannes Willemsoen, man en momber van Agneta, en Quirinus Kareynwreynsen, man en momber van Bile, allen dochters van wijlen Willelmus voornoemd, verkocht hebben aan Theodoricus, zoon van wijlen Johannes Rotart, de helft van een akker, geheten Heerschenecker, gelegen onder de dingbank van Liempde tussen de erven van wijlen Arnoldus de Meyelsvoirt en de erven van wijlen Henricus van de Biechelaer, strekkende van de gemene weg tot aan de erve van wijlen Henricus Hesselssoen, welke helft de verkopers is aangeërfd van wijlen Johannes Rotart.

1423? BOSCH’ PROTOCOL BP 1192 fol. 438 / door Jan Toirkens
de helft der molens in Casteren (Kasteren) is van Willem Willemss Cortroc.

1423 BOSCH’ PROTOCOL BP 1194 fol. 47v, 14 december / door Jan Toirkens
Henrick Hermanss Brant heeft opgedragen aan een sekretaris ten behoeve van zijn natuurlijke kinderen Henrick en Lijsbeth, verwekt bij Katherijn vanden Berge, een mud rog uit grond in Lyemde, Casteren (Kasteren) en uit ¼  deel van die Hovebeempt aldaar aan die Dommel; Henrick had die pacht gekocht van Aleyt Josephs van Casteren (Kasteren)); 33 lopen rog uit erven in die Vloet (transcribent:= Vleut) en Gunterslaer in de parochie Oirscot. (Henrick had die pacht verkregen van Gerit Wouters die Snijder van Bucstel en diens kinderen; Jan Aertss van Gunterslaer had die pacht beloofd aan Gerit Wouters die Snijder).

1423, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel, datum: september 26
Jan Colensoen, Jan Wantgherssoen, Henric Taye, Willem Roefssoen, Peter Crabbe en Goessen van der Laerscot, schepenen van Liempde, verklaren, dat Peter Jan Roetartssoen bekend heeft schuldig te zijn aan Dyrck zijn broeder, een erfpacht van 4 1/2 lopen rogge, gaande uit het huis c.a. van wijlen Jan Roetarts, gelegen in Liempde tussen Willem Roefssoen en de strate.

1423, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel, datum: september 30.
Jan Colensoen, Jan Wantghers, Henric Taye, Willem Roefssoen, Dyrc Roetart, Peter Crabbe en Goessen van der Laerscot, schepenen van Liempde, verklaren, dat Jacob, zoon van wijlen Korstiaen Jan Roetartssoen, verkocht heeft aan Gherart Henric Hesselssoenssoen, de helft van een stuk land, geheten de Heerschenecker, gelegen onder de dingbank van Liempde tussen Arnt van Meydenvoerts erfgenamen en Henric van de Bychelaers erfgenamen, strekkende van Henric Scutkens erfgenamen tot aan de gemene weg, alsmede de helft van een beemd, gelegen in Andsel [Antsel] onder Liempde, tussen Henric van den Perre en Jan Arntsoen ter ene zijde en Henric Mutsarts erfgenamen ter andere zijde, strekkende aan de gemene weg.

1424, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel, datum: april 1.
Jan Colensoen, Jan Wantghers, Henric Taye, Willem Roefssoen, Dirc Roetart, Peter Crabbe en Goessen van der Laerscot, schepenen van Liempde, verklaren, dat Peter Jan Roetartssoen verkocht heeft aan Gerart Henrick Hesselssoen, 1/6 van Bredebeempt, vroeger toebehoord hebbende aan Ghevart van den Venne; 1/6 van een beemd, gelegen aan Brede Eyke tussen Willem van Meydensvoert en Jan Scutkens erfgenamen; 1/6 van die Tiendebeempt, gelegen tussen Jan Colensoen en Lambrecht van den Ecker; 1/6 van een beemd, gelegen in Andsel [Antsel] tussen Arnd Goessenssoen en Jan van den Perre; 1/6 van een beemd, geheten die Hogendonc, gelegen tussen Willem van den Velde en Herbrecht Colensoen; 1/6 van een beemd, gelegen voor de Hogendonc.

1424 / BOSSCHE ENCYCLOPEDIE
Overdracht erfcijns erfgoed [Schilderstraat]
Petrus Becker zoon van wijlen Petrus Becker
aan: Petrus zoon van wijlen Jacobus van Groterliemde [Liempde]
van: erfcijns £ 3
uit: een stukje erfgoed uit een zekere hofstad en een straatje dat loopt van de Hinthamerstraat naar de MANSIO van wijlen Henricus Schilder en grenst aan het erfgoed van mr. [MAGISTER] Arnoldus Buc, CYRURGICUS.
Nr 1678 | 29 mei 1424

1425 BOSCH’ PROTOCOL BP 1195 fol. 152, 2 februari / door Jan Toirkens|
Joseph Lambrechts die Bont heeft opgedragen aan Jan en Boudewijn, zonen van wijlen Peter van Herentham, zijn deel en het deel van Jan en Aleyt, kinderen van wijlen Lambrecht die Bont, in ¼  deel van de molen van Casteren (Kasteren) (Jan vanden Velde had vroeger van Lambrecht die Bont een Bossche schepenbrief ontvangen over dat 3/4e deel; Willem vanden Velde had die brief ten behoeve van Jan vanden Velde verkregen.

Als Jan en Aleyt mondig zijn, zal Joseph hen afstand laten doen.

1425 BOSCH’ PROTOCOL BP 1195 fol. 123v, 5 juli / door Jan Toirkens
Joost Reyneers van Vinckenschoet heeft opgedragen aan Josep Bandewijn Josephs van Casteren (Kasteren)  zijn deel in de watermolens (vroeger van Willem Cortroc) in Vasterle (Kasteren) en in land en houtwas in Bucstel, Lutgherliemde in die Vurst en in erf "die Weert". (Joost had dat deel verkregen van  Mychiel de jonge natuurlijke zoon van wijlen Michiel van Halle (man van Luytgart Boudewijn Joseps van Casteren (Kasteren)

1425?? BOSCH’ PROTOCOL BP 1196 fol. 152, / door Jan Toirkens
Jan Peters van Herenthem belooft de kinderen van Lambrecht die Bont schadeloos te stellen wegens die belofte van afstand doen.

(Lambrecht die Bont had vroeger verkocht aan Willem Peters van Casteren (Kasteren) ( zie ook R 1195 fol123v en 152) ¼  deel van de watermolen van Casteren (Kasteren) in het gericht Liemde en ¼  deel van een oliemolen en ¼  deel van wei en houtwas bij die Vorst.)

 

1427 BOSCH’ PROTOCOL BP 1196 fol. 79, 7 november / door Jan Toirkens
Heer Gielis Voegel, pitancier ( JT: persoon in klooster die er voor moet zorgen dat elke religieus zijn rantsoen krijgt) van Everbode (Averbode), verpacht voor 4 jaar vanaf Pinksteren laatstleden aan Jan Wautgers van Casteren (Kasteren) de hoeve "tguet ten Keirckhove" te Liemde bij de kapel om 26 arnems gulden op Lichtmis, (te betalen op de wissel te Diest of naar believen van de pitancier elders in Brabant) - en de lasten-; de pachter moet

-  jaarlijks 100 willigenpoet planten

-  eykenpoet, die 't klooster levert, planten in die 4 jaar

-  6 vimmen stro dekken in nieuw dak.

Alle beesten zijn van de pachter. De opbrengst in het 4e jaar is half van de pachter  en half van verpachter; de pachter hoeft in het 4e jaar de 26 gulden niet te betalen.

1429, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: januari 10.
Jan Colensoen, Jan Wantgerssoen, Dirc Roetart, Henrick Taye, Peter Crabbe, Willem Roefssoen, schepenen van Liempde, verklaren, dat Goeswyn van der Laerscot hun medeschepenen, verkocht heeft aan Rutgherus Dirc Roetartssoen, 4 lopen rogge per jaar uit een akker, geheten Willem Duffelmans hove, gelegen tussen de gemeint van Liempde en Jan van der Bruggen, welke erfpacht de verkoper is aanbestorven van Jan, zijn vader.

1429 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1200, f149 31 okt 1429 / door dr. Geertrui van Syngel
Hendrik die Weker, zoon van wijlen Dirk die Weker, en Albert, zoon van wijlen Arnold Minnemer, hebben erfelijk verkocht aan Elias, zoon van wijlen Jan van Luyssel, een erfpacht van 1 mud rogge Bossche maat, te voldoen op de eerstkomende Sint Maarten in de winter voor de eerste betaaltermijn uit een stuk weiland genaamd die Hoedert [is die plaatsnaam correct of bekend?] en een klein stukje land hiertoe behorend gelegen in de parochie van Boxtel op de plaats genaamd aan Veller [Velder, Liempde] , gelegen tussen het erfgoed van de heer van Boxtel enerzijds en tussen het erfgoed van Egidius, zoon van [Peter] Heijmericszoon anderzijds, grenzend met ene eind aan het erfgoed van Peter Coppenzoon en met het andere eind aan erfgoederen het erfgoed van Jan Colenzoon, alsmede te betalen uit een huis en tuin en andere aangrenzende erfgoederen daartoe behorend, gelegen op de plaats genaamd Lennensheuvel (Lennisheuvel), tussen de gemene plaats enerzijds en tussen een zekere [XX] daar anderzijds

1430 BOSCH’ PROTOCOL BP 1200 fol. 72v, 12 maart/ door Jan Toirkens
Jan Dirx van Halle en Henrick Enghelenzoen man van Lyemde, H.Geestmeesters van Bucstel.

 

1430 BOSCH’ PROTOCOL BP 1200 fol. 148, 31 oktober/ door Jan Toirkens
Jonker Dirck van Meerhem, heer van Bucstel, verkoopt aan Wouter Dirx Godescalx een rente van 166 ½ oude groten, die hij (Dirck) beurt op St.Marten uit 27 3/4 buunder land "die Scheeyck"  in Liemde, strekkende van een gemeynt van Rote tot een weg in die Vluet. Deze rente of cijns staat "te bueten ende te gewyn".

Gerit Herman Brant ziet af van vernadering van die rente.

1431, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: juni 2.
Reynerus Loden en Gerardus Balyart, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Lambertus, zoon van wijlen Jacobus te Vrillichoven verkocht heeft aan Elysabeth de Zonne, weduwe van Johannes de Zonne, een erfpacht van 1 mud rogge, gaande uit 2 bunder moerasland, gelegen in de parochie Boxtel onder de dingbank van Liempde, tussen het erve van het Huis van Boxtel en Laurencius Sporbosch, strekkende van de gemene weg tot aan Hesselonus van de Loe, onder voorwaarde, dat de verkoper de pacht na dode van de koopster en haar zoon Johannes mag lossen.

1431, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: augustus 31.
Johannes de Erpe en Gerardus Balyart, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Johannes die Wuest van Knechtsel, gehuwd met Mechteld de oudere, en Waltherus Spierinc, gehuwd met Mechteld de jongere, natuurlijke dochters van wijlen Willelmus Voet, priester, hebben opgedragen aan Theodericus, zoon van wijlen Johannes Roetart: 
a. 3 lopense land in de parochie Boxtel onder de dingbank van Liempde in de Bredenacker, tussen Johannes Troestkens ter ene zijde en Godefridus Dunrox en Petrus Goutsmyt ter andere zijde, strekkende van de gemene straat tot aan Johannes de Laerscot;
b. 1 lopense land aldaar tussen Ludovicus Luttensoen ter ene zijde en Godefridus en Petrus voornoemd ter andere zijde; 
c. 1 lopense land aldaar, met Ludovicus voornoemd en de kinderen Van der Laerscot aan beide zijden, strekkende van de Hoelstraat tot aan de kinderen van wijlen Ludovicus van Essche; 
d. 1 lopense land aldaar, tussen wijlen Marcelis van Collenberch en wijlen Johannes van Homberch; 
e. een aandeel in twee weiden op die Tangel bij der Runnemoelen; 
f. enige tienden uit de Bredenbeempt, uit het huis Hezelaer [Hezelaar], uit het Coppelke en het huis ten Kerckhove.

1432 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1203, fol. 117 (112 stempel onder) / door dr. Geertrui van Syngel
Hendrik Steenweg, man van vrouwe Margareta, dochter van wijlen Willem Bac, zoon van wijlen Mathias van den Molengrave, heeft een erfpacht van vier mud rogge en een sister rogge, Bossche maat, uit de helft die aan Dirk Buc, zoon van wijlen Godschalk van der Sporct toebehoorde in een erfpacht van 16,5 mud rogge, erfelijk te voldoen uit een hoeve genaamd  t Goet te Velde, gelegen in de parochie van Boxtel op de plaats genaamd Liempde en uit de aangehorigheden van dezelfde hoeve en uit 18 bunder land gelegen in Liempde , alsmede een erfpacht van vier mud rogge en 1 sister rogge uit de helft die Dirk Buc, zoon van wijlen Godschalk van der Sporct, toebehoorde, [ hierna hele passage gevlekt en onleesbaar, er wordt nog een pacht genoemd] welke genoemde pachten die aan Hendrik Steenwech toegevallen waren door de dood van zijn vrouw, hij erfelijk overgedragen heeft aan Dirck van Rode, koopman, zoon van wijlen Jacob Smeeds van Rode. (naam Roelof Coenen staat ook nog in de aant. van Ferdinand Smulders)

1432 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1203, fol. 144 (145 stempel onder) / door dr. Geertrui van Syngel
Dirck van Rode, koopman, zoon van wijlen Jacob Smeeds van Rode heeft een erfpacht van vier mud rogge en een sister rogge, Bossche maat, die aan Dirck Buc, zoon van wijlen Godfried  van der Sporct, toebehoorde, in een erfpacht van 16,5 mud rogge, erfelijk te voldoen uit een hoeve genaamd t Goet te Velde gelegen in de parochie van Boxtel op de plaats genaamd Liempde en uit de aangehorigheden van dezelfde hoeve en alsmede uit 18 bunder land gelegen in Liempde; alsmede een erfpacht van vier mud rogge en 1 sister rogge die aan Dirck Buc, zoon van wijlen Godfried  van der Sporct, toebehoorde, (in de genoemde pacht van 16,5 mud rogge), welke pachten van 4 mud en 1 sister en 4 mud en 1 sister Dirck van Rode, zoon van wijlen Jacob Smeeds van Rode, verworven had van Hendrik Steenwech, man en wettig voogd van vrouwe Margareta, zijn echtgenote, dochter van wijlen Willem Back, zoon van wijlen Mathias van den Molengrave,  en die Dirck van Rode erfelijk overgedragen heeft aan de stadssecretaris van Den Bosch ten behoeve van Margaretha, dochter van wijlen Hendrick van Broekhoven. 

1432 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1202, fol. 213 door G. Beelen (?)
Gerardus zoon van wijlen Gerardus Coppen, gehuwd met en voogd van zijn echtgenote Jut, gehete Bele, natuurlijke dochter van Nicollas geheten Coel, zoon van wijlen Daniel van Vrillichhoven draagt op een stuk land, genaamd Rondenberch (Rondenborch) gelegen in de parochie van Boxtel en in de jurisdictie van Liempde ter plaatse Vrillichoven (Vrilkhoven), beledingen: de straat, de erfgenamen en kinderen van Bartholomeus van Vrillichoven, aan de andere zijde strekkend van de straat tot aan de erve van Johannes Avenysoen, zoon van wijlen Henricus Abenysoen. Het stuk land wordt erfelijk verkocht aan de eerdergenoemde Johannes Avenysoen, uitgenomen een cijns aan de heer van Helmond

1432,  BHIC 1245, Klooster Sophiae Domus in Vught, (1303) 1465-1641 (1653)  door dr. Jan Sanders, datum: 1432-06-18.
Heilwigis, dochter van Christianus Roesen, heeft verkocht voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Petrus, zoon van Petrus de Herenthem, een akker land geheten Den Dorenacker met een weitje en 2 strepen land in Liempde, gerecht van Boxtel.

1432, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: december 1.
Godefridus de Erpe en Rutgherus de Geldrop, schepenen van s'-Hertogenbosch, verklaren, dat Lambertus, zoon van wijlen Jacobus Lambrechtssoen van Vrilichoven verkocht heeft aan Theodericus, zoon van wijlen Johannes Henrixsoen, een erfpacht van 4 lopen rogge, gaande uit een weide, gelegen onder de dingbank van Liempde in Wychmansbroec [Wichmansbroek], tussen Willelmus de Meydensvoert ter ene zijde en de erfgenamen van wijlen Willelmus van de Velde en de erfgenamen van wijlen Egidius Heymerixsoen ter andere zijde, strekkende van de heer van Boxtel tot aan de steeg, alsmede uit een kamp heide, gelegen aldaar tussen Henricus van der Perre en Willelmus de Meydensvoirt ter ene zijde en de gemene straat ter andere zijde.

1433 BOSCH’ PROTOCOL BP 1204 fol. 4v en 9v, / door Jan Toirkens
Jan die Vorster natuurlijke zoon van wijlen heer Willem, heer van Bucstel, had vroeger een mud rog beloofd aan Jacob en Fissie, kinderen van Jacop vanden Berghe, uit land "Goessensbuenre" (Goossenbunder)  in Liemde.

1433 BOSCH’ PROTOCOL BP 1203 fol. 150v, 17 januari/ door Jan Toirkens
Gerit Gerit Bathensoen heeft opgedragen aan een secretaris ten bate van jonker Dirck van Meerhem, heer van Bucstel, een cijns van 18 peters op St. Lambrechtsdag. ( Heer Willem van Meerhem, heer van Bucstel, ridder, had die cijns verkocht aan Gerit Bathen (vader van voornoemde Gerit) uit zijn hoeven, molen, tienden, renten, cijnsen en pachten in zijn dorp en heerlijkheid Bucstel en in Liemde en Os en uit al zijn andere goederen.)
Jan Bathensoen ziet af van vernadering van die cijns.
Gerit Gerit Bathensoen heeft opgedragen aan Jan Bathensoen het deel van Lambrecht Jan Bathensoen en de voornoemde cijns; (dat Gerit van Lambrecht verkregen had): en de tocht van broeder Jan Gerit Bathensoen van Porta Celi, in 1/3 deel van die cijns, Gerit had die tocht verkregen van broeder Jan.)

1433 BOSCH’ PROTOCOL BP 1203 fol. 184v, 16 april / door Jan Toirkens
Wouter van Lier, weduwnaar van Margriet Jan vanden Velde, heeft opgedragen aan zijn zoon Jan: zijn vruchtgebruik in een voer tiendhooi uit de beemd "dat Haverlant", Lyemde aan die Dommel. (Willem vanden Velde had dat tiendhooi t.b.v. Jan vanden Velde, zijn broer, verkregen van Erembrecht Lodewichss vander Scoervoert)
(Jan van Collenberch beurde dat tiendhooi vroeger; dat Haverlant was vroeger van heer Eligius, geheten Loy vanden Aker, priester, Eligius geheten Loy Luntenssoen en Eligius vanden Berghe)
Jan Wouter van Lier geeft die levering van een voer tiendhooi over aan Michiel, natuurlijke zoon van wijlen Michiel van Hall en van Lijsbeth Berneers.

1433 BOSCH’ PROTOCOL BP 1203 fol. 91v, 9 juni / door Jan Toirkens
Lijsbeth, weduwe van Mychiel vander Velde, geeft aan haar zoon Willem;
- haar vruchtgebruik in ¼  deel in de watermolens van Casteren (Kasteren), Lyemde
- in ¼  deel in 2 buunder beemd  Casteren (Kasteren), in den Weert,rondom tussen die Dommel
- ¼  deel in een erf met houtwas in Luttellyemde
- ¼  deel in de watermolen in Alsel (watermolen huidige Meulekensweg)
(Mychiel had die vierde delen verkregen van Wouter Hannen van Lyer)
Willem Michiels vanden Velde geeft die vierde delen over aan Aert Henrix Werner.

1433 BOSCH’ PROTOCOL BP 1204 fol. 6, 22 oktober / door Jan Toirkens
Aert Henrix Waerneer heeft opgedragen aan Jan Peters van Herenthom

- ¼  deel (afkomstig van wijlen Michel vanden Velde) in de watermolens van

   Casteren (Kasteren), Liemde;

- ¼  deel in 2 buunder beemd in den Weert, Casteren (Kasteren), rondom tussen die Dommel

- ¼  deel in een erf met houtwas in Luttelliemde

- ¼  deel in de watermolen in Alsel (watermolen huidige Meulekensweg)

(Aert Waerneer had die vierde-delen verkregen van Willem Michiels vanden Velde)

 

1434 BOSCH’ PROTOCOL BP 1204 fol. 278, / door Jan Toirkens
heer Willem van Bucstel, ridder, zoon van wijlen heer Henrick van Bucstel, ridder, beurde vroeger een cijns van 32 pond oud uit "die Weybuenre" in Lyemderwaut, tussen gemeynt van Rode in het oosten en een gemeynt van Oirschot in het westen en strekkende met een eind aan de gemeynt van Lyemde.

1434, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: februari 20.
Danccolf Henric Zeland, Matys Molener, Deric van der Horst, Arnt Rulenssoen, Henrick Peter Heymericssoensoen en Arnt de Smit, schepenen van Boxtel, verklaren, dat Henric, Jan en Lysbet Henricskinderen van der Laer verkocht hebben aan Gerrit Henric Hesselssoenssoen, hun drie gedeelten van een stuk land, geheten die Streep, gelegen te Mulsel tussen Meeus Geritssoen en Henric Jans Hoefschensoen; drie delen in de Langestreep, gelegen op Savendonck [Savendonk, Liempde] tussen wijlen Jan Wantgerssoen aan beide zijden; 3 delen van een bunder broekland, gelegen in Bordelaer tussen Henric Mutsaers en Deric Janssoen van den Wyel; drie delen van een heytveld, gelegen in Bordelaer tussen het wederdeel van Henric Jan Hoefschensoen en de kinderen van wijlen Bauden Grietensoen; drie delen van een beemd, geheten het Loe, gelegen te Cleynre Lyemd tussen wijlen Alaerd van Emmichoven en Wouter van Desschel; voorts het derdedeel van een ploegrecht in de gemeint van Kempen.

1434, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: mei 26.
Arnoldus Ghiselberti Monix en Johannes Nolleken, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Gerardus, zoon van wijlen Henricus Hesselssoen, heeft opgedragen aan Reynerus, zoon van Reynerus van Bynckenschoet, een stuk land, gelegen in de parochie van Boxtel onder de dingbank van Liempde in Casteren [Kasteren], ter plaatse geheten den Nennensecker, met aan beide zijden Johannes Wantgerssoen, strekkende van Henricus, zoon van wijlen Johannes sHoefschen tot aan de steeg tegen een erfpacht van 1 1/2 lopen rogge, met 2 1/2 lopen uit landen, welke Reynerus eerder verkregen heeft, tesamen 4 lopen erfpacht.

1435, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: november 5
Peter Bollant, Dirc Roetart, Peter Crab, Jan Arntssoen, Roelof Loywichssoen, Jan Peterssoen en Henric Bloeys, schepenen van Liempde, verklaren, dat Willem Dirc Roetartssoen beloofd heeft aan Gherart Henric Hesselsoen, dat deze het 2/3 part van 24 lopen rogge uit geen ander onderpand zal beuren dan uit de helft van een bunder beemd, gelegen in 's Heren Buynre onder Liempde, tussen Geertruyd van Reytsel en Baudewijn Maessoenssoen, welke erfpacht Dirc Jan Roetarts placht te geven uit dit land en uit het stuk land, geheten 's Monycsstuc.

1435, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: november 5
Peter Boelant, Dirc Roetart, Peter Crab, Jan Arntssoen, Roelof Loywichssoen, Jan Peterssoen en Henric Bloeys, schepenen van Liempde, verklaren, dat Dirc Dirc sWyttensoen, man van Marie, natuurlijke dochter van Dirc Roetarts, heeft opgedragen aan Gherit Henric Hesselssoen, het derde part van een erfpacht van 24 lopen rogge, gaande uit Vrillichover ecker [Vrilkhoven], gelegen onder Liempde tussen Willem van den Velde ter ene zijde en Willem Arnts van Meyelsfoert en Aleyt Loyen wijf ter andere zijde.

1436 BOSCH’ PROTOCOL BP 1206 fol. 28, / door Jan Toirkens
Heer Willem van Bucstel, ridder, zoon van wijlen heer Henrick van Bucstel, ridder, beurde (vroeger) 32 pond payment op St Marten uit die Weybuenre in Liemderwout in de parochie Bucstel tussen de gemeynt van St Oedenrode en een gemeynt van Oirscot en strekkende tot de gemeynt van Liemde.

 

1437 BOSCH’ PROTOCOL  1 febr. 1437 (fol. 42v) door dr. Geertrui van Syngel

Jan Loyt zoon van wijlen Aart Loyt verkoopt aan Goijaert Gijben van der Sporct een erfpacht van

·        half mud rogge (Bossche maat) te leveren op Pasen.

·        Levering van twee tonnen appels bestaande voor de helft uit POETAPPEL en voor de andere helft uit CRUIJSAPPEL op de H. Remijs (1 oktober) in Den Bosch te leveren

Het e.e.a te leveren uit elf lopense land en een wei daarbij in Kasteren te Liempde en uit de wei “Bemerken” met een stukje land.

1437,  BHIC 1245, Klooster Sophiae Domus in Vught, (1303) 1465-1641 (1653)  door dr. Jan Sanders, datum: 1437-05-04
Reynerus, zoon van Reynerus de Vynckenschoet, heeft overgedragen voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Ghiselbertus Kesselman, zoon van Johannes, het vierde deel in een erfpacht van 2 mud rogge uit een stuk land van 10 lopenzaad gerst, geheten Nennens Ecker, in Liempde onder Boxtel, ter plaatse geheten Zavendonc, een stukje wei in Bordelaer en een kamp in Boxtel geheten Wedehage.

1437, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: juli 22.
Peter Boelant, Dirc Roetart, Jan Arntssoen, Roelof Loywichssoen, Jan Crab, Jan Mecus en Peter Crab, schepenen van Liempde, verklaren, dat Dirc Segherssoen van der Heyden verkocht heeft aan Jan Dircs sMoenixsoen, een visserij met de dijken dwars door het veld in de Mortel, met de verkoper aan beide zijden, strekkende van Dirc Roetart tot aan Ermgart Korstkens, gelegen onder de dingbank van Liempde.

1438, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: mei 15.
Arnoldus Ghyselbertssoen Monicx en Willelmus Johanssoen Dicbier, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Lambertus, zoon van wijlen Jacobus de Vrilichoven, verkocht heeft aan Theodericus, zoon van wijlen Johannes Roetarts, een stuk weiland, gelegen in de parochie Boxtel onder de dingbank van Liempde in Wychmansbroeck [Wichmansbroek], belend ter ene zijde Hesselonus, zoon van wijlen Henricus Hessels, ter andere zijde Laurentius, zoon van wijlen Gerardus Sporbosch en de erfgenamen van wijlen Arnoldus, zoon van wijlen Henricus Engelensoen, strekkende van het erve den Perrick tot aan het huis van Boxtel en de gemene steeg alsmede een stuk bouwland, gelegen alsvoren in Vrilichoven, tussen Johannes, zoon van wijlen Godefridus die Cromme en Johannes Arntssoen de Meyensvoert, strekkende met beide einden aan de gemene weg. Lasten : 2 oude groten aan de Heer van Boxtel en 28 lopen rogge aan diverse niet nader genoemde personen.

1438, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: mei 15.
Arnoldus Ghyselberti Monix en Willelmus Johannis Dicbier, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Johannes, zoon van Theodericus Monix, voor schepenen heeft bewezen, dat hij op grond van vernaderingsrecht de wederkoop heeft van een stuk weiland, gelegen in de parochie Boxtel onder de dingbank van Liempde in Wychmansbroec [Wichmansbroek], alsmede van een stuk bouwland, gelegen in Vrilichoven, welk land Theodericus, zoon van wijlen Johannes Roetarts, gekocht heeft van Lambertus, zoon van wijlen Jacobus van Vrillichoven. Theodericus heeft dit recht erkend en doet afstand van de koop.

1438, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: juni 9.
Peter Boelant, Dirc Roetart, Jan Arntssoen, Roelof Loywichssoen, Peter Crab, Loywich Korstiaenssoen en Jan Peterssoen, schepenen van Liempde, verklaren, dat Arnt Peter Roetartssoen, Lysbeth zijn zuster, Jan Jan Achttemanssoen en Agnes zijn vrouw, alsmede Hube Ghenen Ghevartssoenen en Margriete zijn vrouw, tesamen kinderen van Peter Roetart, hun moederlijk versterf gedeeld hebben, waarbij aan Arnt Peter Roetartssoen is toegevallen een stuk beemd, gelegen tussen Andries, natuurlijke zoon van Dirc van der Lake en Pouwel Berten, strekkende aan de gemeint; nog een stuk land, gelegen tussen Dirc van der Loe en de gemene waterlaat, strekkende aan Jan Arken; nog een stuk land, gelegen tussen Jacop van Hamsvoirt en Hube voornoemd; alsmede een stuk land, gelegen tussen Hube voornoemd en Hesel van Loe, strekkende aan de gemene weg, onder voorwaarde, dat hij de cijns van 4 1/2 oude grote en 1 loop rogge daaruit gaande, zal betalen.

1438, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: juni 9
Peter Boelart, Dirc Roetart, Jan Arntssoen, Roelof Loywichssoen, Peter Crab, Loywich Korstiaenssoen en Jan Peterssoen, schepenen van Liempde, verklaren, dat Arnt Peter Roetartssoen, Lysbeth zijn zuster, Jan Jan Achttemanssoen en Agnes zijn vrouw, alsmede Hube Ghenen Ghevartssoen en Margriete zijn vrouw, tesamen kinderen van Peter Roetarts, hun moederlijk versterf gedeeld hebben, waarbij aan Lysbeth is toegevallen de helft van een beemd, geheten de Odendonc, gelegen onder Liempde tussen de erfgenamen van Willem van Meyelsvort en Jan Gholen; een stuk land, geheten de Veltacker, gelegen tussen Roef Pelmans en Jan Gholen; een stuk land, geheten de Steltacker, gelegen tussen de erfgenamen van Willem van Meyelsvort ter ene zijde en Jan Parre en Hein Bloeys ter andere zijde; alsmede een stuk land bij de gemeint, tussen Willem Roefs erfgenamen en Henniken Korstkens, onder voorwaarde, dat Lysbeth gelden zal het vierendeel van 8 1/2 lopen rogge, het vierendeel van de cijns in het boek van Helmond, 7 lopen rogge uit de beemd, alsmede de grondcijns.

1439,  BHIC 1245, Klooster Sophiae Domus in Vught, (1303) 1465-1641 (1653)  door dr. Jan Sanders, datum: 1439-01-14
Petrus, zoon van Petrus de Herenthem, heeft overgedragen voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Nycholaus de Deyl Den Dorenecker met een weilandje en drie strepen aanliggend land in Liempde in Boxtel.

1439, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum:  februari 19.
Godefridus de Erpe en Johannes de Oude Willelmi,schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Theodericus, zoon van wijlen Johannes Henrixsoen, heeft opgedragen aan Johannes, zoon van Theodericus Roetaert. de erfpacht van 4 lopen rogge, welke hij gekocht heeft van Lambertus, zoon van wijlen Jacob Lambrechtssoen van Vrilichoven, gaande uit een stuk land, gelegen onder de dingbank van Lyemde [Liempde] in Wychmansbroec [Wichmansbroek], tussen Willelmus de Meydensvoert ter ene zijde en Hendricus, zoon van wijlen Willelmus van der Velde en Hendricus Egidius Heymericssoen ter andere zijde.

1439  / BOSCH’ PROTOCOL BP 1210, fol. 90 / door dr. Geertrui van Syngel
Michael senior, natuurlijke zoon van wijlen Michael, zoon van wijlen Michael van Halle, heeft een erfpacht van twee mud rogge, Bossche maat,  erfelijk te voldoen uit 2/5 delen die aan Arnoud, zoon van wijlen Willem Mynnemeer, toebehoorden in het goed Ten Assche in de parochie van Boxtel en de aangehorigheden van dit goed, alsmede in drie bunder beemd genaamd die Zyldonc, gelegen op de plaats Vellaer [Velder, Liempde] alsmede in een stuk weiland naast de plaats genaamd Hoggendonk, welke pacht Michael senior verworven had van Michael, zoon van wijlen Michael van Halle, en Michael senior heeft deze erfpacht erfelijk overgedragen aan Dirk die Weker, zoon van wijlen Dirk die Weker. Dirk (die Weker) heeft beloofd dat hij aan Michael senior een lijfrente zal geven van drie mud rogge, elk jaar uit al zijn erfgoederen.

1439, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum:  maart 27.
Johannes Bathensoen en Henricus de Arennest, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Johannes, zoon van Theodericus Roetart de Vrillichoven, heeft opgedragen aan Lambertus, zoon van Chrispianus de Doernen, de erfpacht van 1 mud rogge, welke hij verkregen heeft van Elyzabeth, dochter van wijlen Arnoldus Wouterssoen de Wemel, gaande uit een huis, erf en hof met een weiland, gelegen in Vrilichoven [Vrilkhoven] onder de dingbank van Liempde, tussen Peter Crabben en Petrus Coppensoen.

1439, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: maart 27.
Marcelus die Lu, Godefridus de Erpe, Johannes Bathensoen en Petrus de Erpe, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Godefridus van der Spanck heeft verkocht aan Johannes, zoon van wijlen Theodericus.Roetart, een akker land, geheten die Stoeracker, gelegen in de parochie Bucstel in de jurisdictie van Lyemde [Liempde], in Vrilichoven [Vrilkhoven], met aan beide zijden Jacobus en Willelmus, kinderen van wijlen Johannes de Meyel, alsmede 2 bunder beemd, gelegen in de parochie alsvoren bij de "perric" van Bucstel in Wychmansbroec [Wichmansbroek], tussen Willemus de Meyelsfoirt en de erfgenamen van wijlen Wolterus Mariensoen, strekkende tot aan de "perric" voornoemd, welke landen de verkoper verkregen heeft van Theodericus zoon van wijlen Jan henricssoen, die ze verkreeg wegens gebrek aan betaling van een pacht van 11,5 malder rogge, welke pacht Jacob van Vrilichoven bij acte van 17 augustus 1396 gevestigd had ten behoeve van Dirck Uyttenvalckhuijse.

1440, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: februari 20.
Danclof Henric Zeland, Mathys de Molner, Arnt Ruelensz, Henric Peter Hemericz, Tieleman van der Meer en Arnt Smit, schepenen van Boxtel, verklaren, dat Lizebeth Arnt Woutersdr.van Wemel heeft opgedragen aan Jan Dirc Roetartsz van Vrilichoven, een schepenbrief van Boxtel, sprekende van 1 mud rogge, die zij gekocht heeft van Lambrecht Jacopsz van Vrilichoven, gaande uit een huis, hofstad en beemd te Vrilichoven [Vrilkhoven]onder Liempde

1440 BP 1211, fol. 199r, 10 mei 1440 / door dr. Geertrui van Syngel
Susanna, dochter van wijlen Jacob Wisseleers, met haar voogd, heeft het hele recht en levend bezit daar haar toekomt een erfpacht zolang dat ze zolang ze leefde bezit in een erfpacht van vijf mud rogge, Oirschotse maat die Jan, zoon van wijlen Wouter Bruijstenszoon beloofd had erfelijk te zullen geven aan genoemde Suzanne uit huizen en tuinen en de erfgoederen die daar aan grenzen, gelegen op de plaats Heerbeeck in de parochie van Oirschot, gelegen tussen het erfgoed genaamd Vellaer enerzijds en tussen het erfgoed en met het ene eind naast de gemene gronden en met andere eind aan het erfgoed van Jan van Boert, zoals in de schepenbrieven van Oirschot staat. Ze heeft dit recht dat zij bij leven heeft, overgedragen aan mij, Ghiselbert Roesmont de stadssecretaris met de schepenbrieven en het recht, en deze Ghiselbert Roesmont draagt dit weer erfelijk over aan Susanna [aparte schepenoorkonde]

1440, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: mei 13
Henricus Dicbier, Rodolphus Lonys, Richmannus de Spina en Henricus Beerwout, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Godefridus van der Spanck verkocht heeft aan Theodericus Roetart, 2 bunder land, gelegen in de parochie Bucstel, in de jurisdictie van Lyemde [Liempde], welk land de verkoper is aangekomen van Petrus Michiels, procurator en rector van de H. Geest Tafel te Bucstel, die het samen met 3 bunder heide verkregen had wegens gebrek aan betaling van een pacht van een half mud rogge, welke pacht magister Martinus de Zoemeren behoeve van genoemde Tafel gekocht had van Lambertus, zoon van wijlen Jacobus de Vrilichoven

1441, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: januari 26.
Gerardus de Vladeracken en Arnoldus Beerwout, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Theodoricus, zoon van wijlen Johannses Henricssoen, heeft opgedragen aan Henricus, zoon van wijlen Johannes Henricssoen, een erfpacht van 12 lopen rogge, gaande uit een stuk weiland, gelegen in Wychmansbroeck [Wichmansbroek] onder de dingbank van Liemde [Liempde], tussen Willelmus de Meyensvoirt ter ene zijde en Willelmus van den Velde en Romboldus Janssoen van den Velde ter andere zijde, welke hij verkregen heeft van Arnoldus Veerners

1441, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum:  april 11.
Petrus de Erpe en Henricus de Arennest, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Lambertus, zoon van Chrispianus de Doernen, heeft opgedragen aan Ghiselbertus Roesmont ten behoeve van Johannes, zoon van Theodericus Roetart van Vrilichoven, de erfpacht van 1 mud rogge, hem aangekomen van Theodericus Roetart voorn., gaande uit een huis, erve en hof met een weiland, gelegen onder de dingbank van Liemde [Liempde] in Vrillichoven [Vrilkhoven] tussen Peter Crabben en Petrus Coppensoen

1442, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum:  mei 17.
Arnoldus de Erpe en Martinus Goeby, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren dat Woltherus, zoon van wijlen Willelmus zoon van wijlen Willelmus van den Velde, heeft opgedragen aan Elysabeth, weduwe van Reynerus Loenman, messemaker, een erfpacht van een half mud rogge, gaande uit een stuk land, gelegen in de parochie Bucstel onder de dingbank van Lyemde [Liempde]_tussen Henricus Mutsart en wijlen Laurencius van der Andermolen, alsmede uit een halve bunder heide, gelegen mede aldaar, tussen Theodericus Roetart en Paulus Jan Coppensoen, welke pacht wijlen Willelmus voorn. gekocht heeft van Johannes, zoon van wijlen Gerardus zoon van wijlen Johannes van Casteren

1444, Inventaris van het Oud-Archief van het "Zinnelooshuis" te 's-Hertogenbosch door J.M. van Rooij, pag. 146. Datum: 01-12-1444
Schepenen in 's-Herogenbosch oorkonden, dat Mejuffrouw Katherina, weduwe van wijlen Johannes Hoernken, dochter van wijlen Arnoldus aan Lambertus van Doerne, Crispinszoon, ten behoeve van het gasthuis gesticht door wijlen Reynerus van Arkel aldaar, overdraagt eenen erfelijken cyns, groot twintig schellingen 's jaars, verschijdende op 2 februari en gevestigd op land, genaamd die Putacker, gelegen in de parochie van Boxtel onder de Dingbank van Liempde, ter plaats genaamd op Zavendonk  [Savendonk], tusschen erf van Joseph, molenaar, van Casteren [Kasteren], eenerzijds en dat van Wautger van Casteren en Gerardus van Leemputte anderzijds, alsmede gaande uit land, gelegen alsvoor, ter plaatse genaamd Casteren.

1442-1443 BP  BP 1213 fol. 144v door dr. Geertrui van Synghel (12 juni 2015)
Hendrik,  zoon van wijlen Jan Moeys, heeft erfelijk verkocht aan Jan, zoon van Paul Coppensoen, een stuk weiland van Jan Beekman naast de plaats genaamd Vellaer, tussen het erfgoed van de heer van Boxtel enerzijds en het erfgoed van Gerard Balyart anderzijds, strekkend vanaf het erfgoed van Jan Arntssoen van Meyensvoert naar het andere erfgoed van Hendrik met de tussenliggende gracht samen met de gehele voornoemde gracht, zoals genoemd stuk weiland daar gelegen is, samen met het recht om te gaan vanaf het stuk weiland door het genoemde erfgoed van genoemde Jan Arntsoen tot aan de gemene plaats. Hij heeft beloofd te vrijwaren, behalve voor de helft van anderhalve oude groot grondcijns en de hooitiend uit genoemd stuk weiland, en met de toegevoegde voorwaarde dat de verkoper vanaf zijn erfgoed mag gaan door het stuk weiland op de kortste manier en dat de koper het zal omheinen.

1444 BOSCH’ PROTOCOL BP 1214 fol. 3v, 14 februari / door Jan Toirkens
Reyner Wouters van Vynckenschoet heeft opgedragen aan Peter Willem Peters van Herentham 1/6 deel (van Reyner en zijn zuster Luytgart) in een watermolen van wijlen Peter van Herentham, Lyemde, Casteren (Kasteren).

1446, Inventaris van het Oud-Archief van het "Zinnelooshuis" te 's-Hertogenbosch door J.M. van Rooij, pag. 147 nr. 59. Datum: 16-09-1446
Schepenen in 's-Hertogenbosch oorkonden, dat Henricus van Arkel, zoon van wijlen Henricus, heeft beloofd te geven en te betalen aan meester Arnoldus van Weilhusen, ten behoeve van de armen van het gasthuis, gesticht door wijlen Reynerus van Arkel, zoon van wijlen Henricus aldaar een erfelijke pacht, groot negen en een halven zester rogge 's jaars, Bossche maat, verschijdende op 2 februari en gevestigd op een hoeve,  gelegen in de parochie van Boxtel onder de Dingbank van Liempde, ter plaats genaamd op Casteren [Kasteren] op Zavendonck [Savendonk].

1446, Inventaris van het Oud-Archief van het "Zinnelooshuis" te 's-Hertogenbosch door J.M. van Rooij, pag. 147 nr. 60. Datum: 16-09-1446
Schepenen in 's-Hertogenbosch oorkonden, dat Henricus van Arkel, zoon van wijlen Henricus, heeft beloofd te geven en te betalen aan meester Arnoldus van Weilhusen, ten behoeve van de armen van het gasthuis, gesticht door wijlen Reynerus van Arkel, zoon van wijlen Henricus aldaar heeft verkocht eene erfelijke pacht, groot een half mud rogge 's jaars, Bossche maat, verschijdende op 2 februari en gevestigd op een hoeve,  gelegen in de parochie van Boxtel onder de Dingbank van Liempde, ter plaats genaamd op Casteren [Kasteren] op Zavendonck [Savendonk].

1447, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum:  april 3.
Roloff Loywichssoen, Goyart: Wouterssoen, Loywich Korstiaenssoen, Peter Goyartssoen, Dirc Roetart, Marten jan Danensoenssoen en Michiel Peter Boelantszoen, schepenen van Liemde [Liempde], verklaren, dat Gherit Henric Hesselszoen, man van Agnese, Jan Pauwelssoen, man van Heilwig, beiden dochters van Dirc Roetart voorn., laatstgenoemde tevens voor Yde, dochter van zijn zoon Jan Roetart, alsmede Luytgard Jan van Bekersdyck, hebben gedeeld de nagelaten goederen van Aechte, in leven vrouw van Dirc Roetart voorn., alsmede de goederen, welke Dirc zal komen na te laten

1447 / BOSCH’ PROTOCOL BP 1217, fol. 401, 27 april 1447/ door dr. Geertrui van Syngel
Lambert, zoon van Dirkx Roetart, Jan zoon van wijlen Lambert van den Acker, Nicolaas, zoon van wijlen Willem Colenzoon, Jacop, zoon van wijlen Jacop van der Hamsvoirt, en Hubert, zoon van Gerard Gerartszoon, hebben onverdeeld beloofd aan Lodewijk, zoon van wijlen Erenbert Lodensoen 27 beyerse gulden met Lichtmis te betalen.
Lodewijk, zoon van wijlen Erenbert Lodenzoon[1] heeft alle  eikenbomen, aanwezig bij en op de hoeve genaamd Ten Velde, in de parochie van Boxtel in de jurisdictie van Groter Liempde,  zoals die daar gemerkt zijn, erfelijk verkocht aan Lambert, Nicolaas en Hubert
[1] deze informatie staat  niet in deze registratie, maar in de vorige.

1447 BOSCH’ PROTOCOL BP 1217 fol. 171, 1 juni / door Jan Toirkens
Reyner Wouters van Vynckenschoet heeft opgedragen aan Jan Wouters van Lyer: ¼  deel (dat vroeger van Jan Wouters van Lyer was) in de molen van Casteren (Kasteren) te Casteren (Kasteren) in de parochie Bucstel. (Reyner had dat ¼  deel in erfpacht gekregen van Jan Wouters van Lyer)

1447 BOSCH’ PROTOCOL BP 1217 fol. 282v / door Jan Toirkens
Bucstel, Cleynreliemde, beemd "die cleyn Hoydock" bij erf "die Zijldonc en bij Vellair (dit is  Velder!)

1447, Inventaris van het Oud-Archief van het "Zinnelooshuis" te 's-Hertogenbosch door J.M. van Rooij, pag. 149 nr. 64. Datum: 22-11-1447
Schepenen in 's-Hertogenbosch oorkonden, dat Henricus van Arkel, aan Rutgerus van Arckel  ten behoeve van de arme gasthuis, gesticht door wijlen Reynerus van Arkel aldaar heeft verkocht een erfelijke pacht, groot een mud rogge 's jaars, Bossche maat, verschijdende op 2 februari en gevestigd op een hoeve,  gelegen in de parochie van Boxtel ter plaats genaamd op Casteren [Kasteren, Liempde] op Zavendonck [Savendonk]

1447, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum:  december 7.
Ludolphus Buck en Merselius de Uden, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Gerardus, zoon van wijlen Henricus Hessels, heeft opgedragen aan Johannes, zoon van wijlen Johannes de Zonne, een stuk weiland, gelegen in de parochie Bucstl onder de dingbank van Lyemde [Liempde] in die Pranghe, tussen de erfgenamen van wijlen Johannes Arts de Meyensfoert en de erfgenamen van wijlen Johannes de Biechlaer ter ene zijde en Johannes, zoon van Paulus Coppensoen en een weiland, genaamd de Roesbeempt [Roesbeemd] , ter andere zijde, strekkende van Lambertus Meeussoen tot aan Yda, dochter van wijlen Johannes Roetart, tegen een erfpacht van 5 pond, stellende tot onderpand een huis, erve en hof, gelegen alsvoren in Vrillichoven [Vrilkhoven], tussen Lambertus Meeussoen en de gemene strate, strekkende van Martinus Anemyoens tot aan de gemene strate

1449 BOSCH’ PROTOCOL BP 1220 fol. 173, 11 december / door Jan Toirkens
Michiel Aert Michielssoen van Hall, Henrick Reynerssoen van Vinckenschoet en Jan Henrixsoen die Wise, H.Geestmeesters in Bucstel, geven erfpacht aan heer Lud(olf) vander Water, kanunnik in Den Bosch, "sheiligengeestecker" Lyemde Casteren (Kasteren) om 12 lopen rog jaarlijks. (en de last: 1 oude grote) ( Ludolf kan binnen 10 jaar die pacht lossen met 30 peters) (NB Ludolf van der Water koopt volgens

-  folio 165 ( R 1220 fol 165) op 8 november 1449 een hoeve in Ollant

-  folio 169 ( R1220  fol 169) op 24 november 1449 een hoeve en landerijen in Casteren (Kasteren)

   ( Liempde)

-  folio 173 ( R1220 fol 173) op 11 december 1449 land in Casteren (Kasteren) , Liemde en

-  folio 193 ( 1220 folio 193) op 7 februari 1450 tgoet "ten Acker" in Lyemde

 

1450 BOSCH’ PROTOCOL BP 1220 fol. 232, 22 juni / door Jan Toirkens

Aleyt, natuurlijke dochter van wijlen Dirck van Westphalen, heeft opgedragen aan Mr Marten van Zoemeren, kanunnik in Den Bosch, haar tocht in 9 pond oud frans geld uit 10 pond van Mechtelt Henrix Vilt in een cijns van 32 pond, welke heer Willem van Bucstel, ridder, zoon van wijlen heer Henrick van Bucstel, ridder, vroeger beurde op St. Marten uit die  Weybuenze in Lyemderwout tussen den gemeynt van St. Oedenrode en een gemeynt van Oerschot. Metta (= Mechtelt) Henrix Vilt had 10 pond daaruit verkregen van Elisabeth Henrix van Westphalen.

 

1451 BOSCH’ PROTOCOL BP 1221 fol. 282v / door Jan Toirkens
Bucstel, heiveld "Geerlaer" (Geelders) bij die  Cromvolder in Eilde ( samen met een huis in Olland gekocht door heer Lud(olf) vanden Water !)

 

1451 BOSCH’ PROTOCOL BP 1222 fol. 232, 8-12-1451 / door Jan Toirkens
Corstiaen Matthijss. Haze heeft opgedragen aan Giselbrecht Jans van Coelen ¼ e deel in de Casterse molen, Casteren (Kasteren) in de parochie Bucstel. Corstiaen had dat ¼ e deel verkregen van Jan Wouters van Lyer.

 

1451 BOSCH’ PROTOCOL BP 1222 fol. 232, 17-12-1451 / door Jan Toirkens

Ghiselbrecht van Coelen geeft dat ¼ e deel van de Casterse molen over aan Willem Aerts van Rode.

 

1452 BOSCH’ PROTOCOL BP 1223 fol. 19 / door Jan Toirkens
Kathelijn, dochter van wijlen Henrick Henrick Manssoen van Lyemde, weduwe van Jan Ghijsselen (kinderen: Jan, Gijsbrecht, Henrick, Kathelijn en Geertruyt echtgenote van Corstiaen Coenen)

 

1453 BOSCH’ PROTOCOL BP 1223 fol. 46v / door Jan Toirkens
Lyemde ,  land "Bekelaec"

 

1453 BOSCH’ PROTOCOL BP 1223 fol. 320v / door Jan Toirkens
Lyemde,  beemd "Smaellaer" en die Berenbeempt  aan de Dommel, bij land van de  "hoeve te Wedehamer"

1453,  BHIC 1245, Klooster Sophiae Domus in Vught, (1303) 1465-1641 (1653)  door dr. Jan Sanders, datum: 1453-02-20
Johannes, zoon van Ghiselbertus Kesselmans, heeft overgedragen voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Jacobus Cuper, zoon van Egidius, het vierde deel van een erfpacht van 2 mud rogge uit een stuk land van 10 lopenzaad gerst, geheten Nennens Acker, in Liempde onder Boxtel ter plaatse geheten Zavendonc, uit een stukje wei in Liempde ter plaatse geheten Boudelaer en uit een kamp daar op een plaats geheten Wedehaghe.

1453,  BHIC 1245, Klooster Sophiae Domus in Vught, (1303) 1465-1641 (1653)  door dr. Jan Sanders, datum: 1453-02-23
Johannes en Elisabeth, kinderen van Theodericus Stijnen soen, hebben verkocht voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Simon, zoon van Willelmus van den Velde, het vierde deel van een wei, geheten Die Ruwebeemt in Liempde onder Boxtel ter plaatse geheten Kasteren, en een wei geheten Braendonck in Boxtel.

1453 BOSCH’ PROTOCOL BP 1223 fol. 105v, 16 juli / door Jan Toirkens
Heer Gielis Vogels van Maeseyck, pitansier des convents van Everbode, heeft verjairpacht aan Jan Meeus van Vrellichhoven: een hove in groter Liemde bi der capellen voor 6 jaar vanaf Pinksteren jongstleden tegen 24 Willelmus-scilde jaarlijks, te betalen half op Kerstmis, half op St. Jan. en de lasten.
Jan

- moet"den heykamp" opmaken, bevreden  en met berken bepoten op kosten van 't klooster;

- moet op de huysinge 8 vymmen gedreven daecks dekken,

- moet elk jaar 25 willigen poten zetten en poten op de hoeve

- moet om die myssen vander hoven maken een gelijndt van planken

- moet als  'seynde" elk jaar in 't klooster leveren vyer vette ganse, vier vette capuyn,

 - twee boterweggen elc van thien ponden en twee groet tootweggen van enen zester

   terwenblomen,

-  moet dat duyfhuys opter hoven toemaken en beeselen ende opgemaect ende gebeselt laten

-  in sinen afsceiden mag bij zijn heengaan geen messe of ruwaer meenemen

-  moet den pitansier de kost geven als die op de hoeve komt

- en mag slechts 3 roeden bleckelincs slaen op de heycamp elk jaar.

1454 BOSCH’ PROTOCOL 6 juli 1454 / door Geertrui Van Synghel
Schepenen van ’s-Hertogenbosch oorkonden dat Willem Hinckart, man van vrouwe Gizenrade, dochter van wijlen Leonius van Erp, zoon van wijlen Jan, door Leonius en vrouwe Postuluna, dochter van wijlen Gerard van Beerze, zoon van wijlen Nicolaas van Beerze, verwekt, en vrouwe Hadewich, weduwe van Nicolaas van Beerze, zoon van wijlen Gerard van Beerze, een jaarlijkse erfpacht van 1 mud rogge, die Wouter, zoon van Godfried Roestenberch beloofd had te geven aan Willem Hinckart, voor de ene helft en aan vrouwe Hadewich voor de andere en te betalen uit 2 bunder weiland in de parochie van Boxtel, in de plaats Liempde, tussen het erfgoed van Nicolaas Coel van der Linden enerzijds en het erfgoed van Lambert, zoon van wijlen Deenkin van den Ecker anderzijds, welke 2 bunder nu gelegen zijn tussen de gemene weg enerzijds en tussen het erfgoed van Godfried Colenzn. en enkele andere mannen anderzijds, en die Wouter, zoon van Godfried van Roestenberch van Willem Hinckart, vrouwe Hadewich en Emond Rover in pacht verworven had, wettelijk en erfelijk hebben overgedragen aan Dirk Hoeghe, zoon van wijlen Arnoud. Willem Hinckart en vrouwe Hadewich hebben verdeeld beloofd als hoofdschuldenaars, namelijk elk voor de helft, dat zij Dirk Hoege over deze erfpacht de verschuldigde waarschap zullen bieden en dat zij ervoor zullen zorgen dat de onderpanden voor de lossing van de pacht voldoende zullen zijn.
Getuigen zijn schepenen van ’s-Hertogenbosch: Jan Waerloes, zoon van Jan, en Gozewijn van Beeck.

1454 BOSCH’ PROTOCOL BP 1225 fol. 4v, 17 oktober/ door Jan Toirkens
Meeus Gerits de Momber verkoopt aan heer Lud (olf) van den Water, kanunnik in Den Bosch en Jacop Jacops Cuper een visserij, strekkende van 't goed van Henrick van Achel tot in Ollande beneden die Brugge (d.i van bij de Liempde kapel tot de Bubnagelse brug). De verkoper kan zolang hij leeft daarin vissen. Last 12 oude groten aan Jacop van Geffen. De helft van die visserij moet lands- en geburenlasten betalen.

1455, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: januari 9.
Petrus Steenwech en Johannes Spiker, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren dat Martinus, zoon van Henricus de Elmpt, heeft opgedragen aan Lambertus, zoon van wijlen Theodericus Roetart:
a. 1,5 lopense bouwland in de parochie Bucstel onder de dingbank van Lyemde [Liempde], tussen Lambertus voorn. en Rodolphus, zoon van wijlen Lodovicus de Bladel, strekkende van Wouter Corstiaenssoen tot aan Lambertus voorn.
b. 1 lopense bouwland, gelegen alsvoren, tussen de erfgenamen van wijlen Paulus zoon van wijlen Johannes Coppensoen en Petrus van de Perre, strekkende van Willelmus van den Assch tot aan Lambertus voorn.
c. een stuk bouwland, gelegen alsvoren tussen Lambertus voorn. en Rodolphus de Bladel, strekkende van Henricus en Baudewinus, zonen van wijlen Baudewinus Maessoen tot aan het huis, geheten die hoeve te Wederhamer.
d. een stuk weiland, gelegen alsvoren tussen Johannes, zoon van wijlen Johannes Promans,en meer anderen t.e.z. en de Dommel t.a.z., strekkende van de erfgenamen van wijlen Zebertus de Collenberch tot aan de erfgenamen van wijlen Lambertus de Collenberch.
e. 1/9 van 2 weilanden, gelegen alsvoren tussen de Dommel t.e.z. en de erfgenamen van wijlen Johannes de Cremer en Wolter Corstiaenssoen t.a.z., strekkende van Rodolphus de Bladel tot aan het huis die hoeve te Wederhamer.
f. 1/4 en 1/8 van een weiland, gelegen alsvoren tussen de gemene strate en Petrus de Perre en meer anderen, strekkende van Hessel en Gerardus, zonen van wijlen Henricus Hesselssoen tot aan Gerardus, zoon van wijlen Henricus Hesselssoen, en meer anderen;
g. 1/4 en 1/2 van een tiende uit 2 stukken land, genaamd de Coppelken en den Bredenbeempt;
h. 1/4 en 1/8 van een tiende uit 2 stukken land genaamd Vossenbeempt en Bredenbeempt
Tegen een erfpacht van 1 mud rogge.

1455 BOSCH’ PROTOCOL BP 1226 fol. 3v, 8 oktober/ door Jan Toirkens
Willem nat. zoon van Dirck nat zoon van wijlen heer Willem van Meerhem, heer van Bucstel, geeft in erfpacht aan Aleijt weduwe van Dirck Zegers soen en haar zoon Zeger, den Perrenbeempt, Lijemde, Vrillichoven om 2 mud rog op Lichtmis. Willem had die beemd verkregen van Marten Jan Avenyoen.

1457,  BHIC 1245, Klooster Sophiae Domus in Vught, (1303) 1465-1641 (1653)  door dr. Jan Sanders, datum: 1457-04-04
Symon, zoon van Willelmus van den Velde, heeft overgedragen voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Arnoldus Stamelaert, handelaar, het vierde deel in een wei, geheten Die Ruwenbeempt, in Kasteren in Liempde in Boxtel en een wei, geheten Die Braendonck, in Boxtel.

1459 BOSCH’ PROTOCOL BP 1229 fol. 269, 29 maart / door Jan Toirkens
Heer Peter Geroncssoen van der Heijden, pitanzier des convents van Everbode (Averbode) heeft namens dat convent verjairpacht aan Jan Meeus van Vrillichoven een hoeve (="tguet ten Keirckhove") in Groter Lyemde bij der capellen voor 5 jaar vanaf Pinksteren aanstaande om 23 rijnsgulden op Pinksteren etc. etc. Als de pachter hout nodig heeft voor timmering moet hij dat vragen aan Dirck Jannis. Men geve deze brief aan Dirck Jannis.

1460, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: februari 21.
Johannes Steenwech en Johannes Neve, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Johannes, zoon van wijlen Paulus zoon van wijlen Johannes Coppensoen,heeft opgedragen aan Martinus van Elmpt, visser, een stuk land, genaamd den Roesbeempt [Roesbeemd], gelegen in de parochie Bucstel onder de dingbank van Lyemde [Liempde] in Vrilichoven [Vrilkhoven], tussen Aleydt, weduwe van Martinus Anensoen en haar kinderen en Martinus de Elmpt voorn. ter ene zijde en Johannes de Zonne, Johannes, zoon van wijlen Henric Lybensoen, Willelmus van den Hulzen en Johannes de Biechelaer ter andere zijde, strekkende van Johannes de Zonne tot aan de kinderen van wijlen Zebertus Laureynssoen

1465, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: februari 9.
Johannes de Arkel Peterss en Lucas Pieck Jacobss, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren dat Johannes van den Pas, zoon van wijlen Johannes Laurencius Zebensoen en Elisabeth, dochter van wijlen Aelbertus van den Dyck, hebben opgedragen aan Martinus de Elmpt, visser, hun aandeel in een kamp land, hen aangekomen van Johannes Wreynsen, gelegen in de parochie Bucstel onder de dingbank van Lyemde [Liempde] in Vrilichoven [Vrilkhoven],, tussen Laurencius Zebensoen en Martinus de Elmpt

1465, pag. 104v, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Verschenen is Henrick Goijaerts van Weert, verder Jacop Henrick Jacops van Strijp, Herman Aert Vos en Willem Dircks van Hagelaer en hebben hoofdelijk zowel als samen beloofd om aan Gijsbrecht Pauwels van Liempde en aan Lambrecht Jan Aerts en aan aan Lijsken en Hadewijch gezusters en kinderen van wijlen Dirck Wilneven, die 31 peters te zullen betalen, tegen 19 stuivers voor elke petyer gerekend,  de helft ervan per a.s. O.L. Vrouwendag te 'later" (?) en de andere helft per a.s Maria Lichtmisdag. Actum als boven. Voetrnoot : Genoemde personen zullen elkaar voor deze belofte vrijwaren.

1465, pag. 107r, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Verschenen  zijn hier heer Dirck de Crom, priester en Willem Vos de jonge onze collega-schepen, beiden als kerkmeesters en hebben  beloofd aan Gijsbrecht Pauwels van Liempde (Vlemmincks?, JT) en aan Lambrecht Jan Aerts en aan Lisbeth en Hadewich, gezusters en kinderen van wijlen Dirck Wilneven, die  47 peters van elk 18 en een halve stuiver te gaan betalen, de helft ervan per a.s. O.L. Vrouwedag te .... ( er staat nog iets achter dat ik niet thuis kan brengen, JT) en de andere helft per a.s. Maria Lichtmisdag. Datum als boven, getuigen Jan in Heerbeeck, Henrick de Crom en Huijskens.

1466,  BHIC 1245, Klooster Sophiae Domus in Vught, (1303) 1465-1641 (1653)  door dr. Jan Sanders, datum: 1466-04-23
Johannes van den Dael, zoon van Johannes Thijssoen, heeft verkocht voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan heer Ludolphus van den Water, priester, een erfcijns van 2 pond uit 4 lopen land in Kasteren in Liempde onder Boxtel, op een plaats geheten Int Broeck.

1467, pag. 171v. (16v) , Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Verschenen zijn de groep personen met hun voogden etc. en verkopen nu aan genoemde Jan (waarschijnlijk betreft het de voor-voorgaande akte zie Jan Jan Rolofs van der Ameijden, JT) die een pacht van een half mud rogge, maat van Oirschot, steeds te betalen op Maria Lichtmisdag op onderpand van een perceel beemd gelegen hier in Oirschot onder Erdbruggen achter de Vleesslag daar, b.p. de kinderen van Peter Janssen, Gerart Jan Coppens van Liempde, de gemeenschappelijke straat, het erf dat eerder van Willem Rutgers van Oudenhoven was. Datum 1 april 1467,

1467, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: april 14.
Martinus de Rode en Symon de Gheel, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren dat Johannes, zoon van wijlen Johannes de Zonne, vruchtgebruiker van een stuk weiland, geheten Roesbeempt [Roesbeemd] , en eigenaar van 1/4 deel, dit deel heeft opgedragen aan zijn zonen Johannes en Adrianus, mede ten behoeve van zijn dochters Elisabeth en Mechteld, zoals het gelegen is in de parochie Bucstel onder de dingbank van Lyemde [Liempde], tussen Martinus de Elmpt en Willelmus Hessels, strekkende van Johannes Molyman alias Bredebaert en meer anderen tot aan Godefridus van den Huls

1467, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: april 14.
Martinus de Rode en Symon de Gheel, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Johannes en Adrianus de Zonne, gebroeders, Godefridus de Yngen, man van Elisabeth de Zonne, en Johannes de Wyntelre, man van Mechteld de Zonne, hebben opgedragen aan Martinus de Elmpt, 1/4 van een stuk weiland, geheten Roesbeempt [Roesbeemd] , gelegen in de parochie Bucstel onder de dingbank van Lyemde [Liempde], tussen Martinus voorn. en Willelmus Hessels.

1467, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: april 14.
Martinus de Rode en Symon de Gheel, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren dat Mr. Arnoldus Doremans, chirurgijn, voor schepenen bewezen heeft dat hij op grond van vernaderingsrecht de wederkoop heeft van 1/4 van een stuk weiland, geheten Roesbeempt [Roesbeemd], gelegen in de parochie Bucstel onder de dingbank van Lyemde [Liempde], dat door Johannes en Adrianus, zonen van Johannes zoon van wijlen Johannes de Zonne, Godefridus de Yngen en Johannes de Wyntelre is opgedragen aan Martinus de Elmpt. Martinus voorn. erkent dit recht en doet afstand

1467, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum:  april 14.
Martinus de Rode en Symon de Gheel, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren dat Mr.Arnoldus Doremans, chirurgijn, voor schepenen bewezen hebbende, dat hij op grond van vernaderingsrecht de wederkoop heeft van 1/4 van de Roesbeempt [Roesbeemd] onder Lyemde [Liempde]  (zie vorig regest), zijn recht heeft overgedragen aan Martinus de Elmpt

1468, BHIC, 7633   Dorpsbestuur Sint-Oedenrode, (1232) 1315-1811, datum 1468-08-08
Karel (de Stoute), hertog van Bourgondie Lotharingen, Brabant etc., oorkondt dat gedeputeerden van Oirschot, Sint-Oedenrode en Liempde in 1465 met zijn vader, hertog Philips de Goede, hebben onderhandeld over de verdeling en aankoop van een stuk gemeenschappelijke grond tussen de dorpen, bij welke gelegenheid die van Rode hun gedeelte hebben gekocht voor een bedrag van 150 Rijnse guldens en een jaarlijkse erfcijns van 20 oude Tournoois alsmede onder zekere gebruiksvoorwaarden. Hertog Karel heeft een akte van overeenkomst daartoe opgesteld hetgeen tot nog toe niet was gebeurd wegens drukte en verzuim, hoewel afspraken over het gebruik van die gronden wel gemaakt zijn en ook hebben gegolden. De goede luiden van Rode mogen die gronden gebruiken ten eeuwige dagen, maar daarvan verkopen slechts met toestemming omdat van elke doorverkochte bunder nog een oude groot zal moeten worden betaald aan de hertog, hetgeen in de chijnsboeken van de hertogelijke rentmeester van 's-Hertogenbosch moet worden geregistreerd.

1469, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: november 20.
Johannes Ghysselen Johanness en Willelmus de Busco, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Jacobus, zoon van wijlen Godefridus van der Heze, en zijn vrouw Aleyda, dochter van Henricus zoon van wijlen Reynerus Loenmans, messemaker, en Elisabeth, hebben opgedragen aan Martinus de Elmpt, een erfpacht van een half mud rogge, gaande uit een stuk land, gelegen in de parochie Bucstel onder de dingbank van Lyemde [Liempde] , tussen Henricus Mutsart en de erfgenamen van wijlen Laurencius van der Audermoelen, alsmede uit een halve bunder heide, gelegen mede aldaar, tussen Theodericus Roetart en Paulus Jan Coppensoen, welke pacht Elisabeth, weduwe van Reynerus Loenmans, verkregen heeft van Wolterus, zoon van wijlen Willelmus Willelmi van der Velde

1471,  BHIC 1245, Klooster Sophiae Domus in Vught, (1303) 1465-1641 (1653)  door dr. Jan Sanders, datum: 1471-12-13
Nadat Ludolpus van den Water, vroeger kanunnik van de Sint-Jan in 's-Hertogenbosch, in aanwezigheid van frater Walterus de Leend van het huis van de Heilige Maria van Bethlehem in Roermond en frater Arnoldus de Curia van het huis van Insula Regine Celi bij Wezel, prioren, de volgende hoeven en goederen geschonken heeft: een hoeve in Rode ter plaatse Olland, gedeeld met zijn broer Everardus; de hoeve daaraanliggend, die Ludolphus verkregen had van de kinderen van Gerardus Ceelen; zijn hoeve daar bij de plaats geheten Houthem, verkregen van Johannes van den Laer en zijn vrouw; zijn hoeve daar tegenover een plaats geheten Hermalen, vroeger van Johannes Hoernken en anderen; zijn hoeve in Boxtel, ter plaatse geheten Casteren [Kasteren], rechtsgebied van Liempde, samen met een eikenbos, verkregen van Johannes Spaeybaet; een hoeve in de parochie en plaats voorschreven, die Ludolphus verkregen had van Gerardus de Deyl en enkele anderen; een hoeve in Son ter plaatse geheten Aenschot samen met verscheidene erfpachten tot 15 mud en 1 zester rogge toe, en met erfcijnzen tot 44 pond en 4 schelling, die eerst uit die hoeve betaald moesten worden en later door Ludolphus verkregen en gelost zijn; een halve hoeve in Liempde op een plaats geheten Casteren, gekocht van Gerardus de Cymiterio; een akker bouwland, gelegen naast de genoemde halve hoeve, door Ludolphus verkregen van Adriana, dochter van Engbertus de Slaepbroeck; een kamp land deels bouwland, deels broekland, geheten Berendes Buenre, gekocht van Marcelius van den Langenborch; zijn hoeve geheten Die Hoeve aen die Heyde, deels in Gemonde, deels in Schijndel; zijn hoeve of 18 morgen land in 's-Hertogenbosch op Die Poeldonck, vroeger van Theodericus Wellens; zijn hoeve of 18 morgen ter plaatse geheten Eyckendonck in Den Dungen; zijn visrecht in Rode, beginnend bij de plaats geheten Beneden Bruggen alias Bubnagel, een mijl doorlopend tot het goed van Henricus de Achel, ongeveer tegenover de kapel van Liempde; met alles wat erbij hoort, met uitzondering van een kamp land in Schijndel, vroeger van Henricus de Arkel en gereserveerd voor heer Ludolphus; en wel aan de kartuizers Johannes de Monte, rector, en Thomas de Dryel, procurator van het nieuwe kartuizerklooster van Sint-Sophie [...] bij 's-Hertogenbosch ten behoeve van genoemd nieuw klooster, zoals blijkt uit een daarover gemaakt notarieel instrument, is heer Ludolphus van den Water verschenen voor onderstaande schepenen ter bekrachtiging van het voorstaande en heeft hij alle genoemde zaken overgedragen aan meester Willelmus de Busco ten behoeve van het nieuwe kartuizerklooster met uitzondering van 3 mud rogge erfpacht voor Johannes, zoon van Aelbertus Valkensoen, leerlooier, uit genoemde hoeve op Casteren in Boxtel, en 3 mud rogge erfpacht voor Goeswinus Heer, leerlooier, uit genoemde hoeve in Olland, en een lijfrente van 2 mud rogge en 4 pond geld voor Aleydis, dienstmaagd van Ludolphus, na zijn dood uit de 18 morgen op Die Poeldonck, en met uitzondering van de eerder gemaakte bepalingen en een lijfrente voor Ludolphus van 100 peter, die frater Johannes de Monte en Thomas de Dryel heden beloven hem te zullen betalen uit de hoeve in Son, uit de 18 morgen op Die Poeldonck en uit alle andere goederen van het klooster.

1472, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: maart 5.
Willelmus de Bochoven en Theodericus die Borchgreve, 'schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Johannes, zoon van wijlen Paulus Coppensoen, heeft opgedragen aan Martinus de Elmpt, de helft van 4 lopense land, gelegen in de parochie Bucstel onder de dingbank van Lyemde [Liempde] in den Herschenacker [Heersenakker], voorts zijn aandeel in de kampen land in de Bredenbeempt [Bredebeemd] in Andsel [Antsel], zijn aandeel in een heideveld, genaamd dien Stuelt, bij Goeswinus van den Velde, alsmede zijn aandeel in een kamp land, geheten Smalart [Smalder], gelegen bij de Dommel

1472 BOSCH’ PROTOCOL 1 april 1472 / door Geertrui Van Synghel
Schepenen van ’s-Hertogenbosch oorkonden dat Jan, zoon van Paul genaamd Gevartszn., man van Heilwich, dochter van wijlen Jan Paimans, wettelijk en erfelijk verkocht heeft aan Jan van Meyelsfoirt, zoon van wijlen Willem, een jaarlijkse erfcijns van drie pond uit een stuk weiland met de omvang van drie vierde van 1 bunder in de parochie van Boxtel in de jurisdictie van Liempde, tussen het erfgoed van Lambert, zoon van wijlen Dirk Roetart enerzijds en van Hendrik van Tulden anderzijds, en met het ene einde, strekkend met het andere eind tot het erfgoed van Hendrik van der Hoerc.
Getuigen zijn de schepenen van ’s-Hertogenbosch: Hendrik Monix en Godfried die Lu.

1472 BP 1241, fol. 338v, door dr. Geertrui van Synghel
Wouter en Engbert xxx , broer, kinderen van wijlen Christiaan van Eerdbruggen hebben een bunder weiland gelegen in de parochie van Boxtel op de plaats genaamd Kleinder Liempde, Aen Vellaer, tussen het erfgoed van de heer van Boxtel aan de ene kant en het erfgoed van de erfgenamen van wijlen Hendriks Pauwels anderzijds, grenzend met het ene eind aan het erfgoed van de erfgenamen van wijlen Godfried Engbrechs Wouter en Engbert hebben dat stuk weiland erfelijk verkocht aan Peter van Straten , belovend de verkoop van waarde te houden en elke verplichting af te doen met uitzondering voor een erfcijns van twee gouden Hollandse penningen en vier Hollandse plakken aan Willem, kramer daaruit eerst te betalen.

1473 pag. 177v Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Komen zijn Gijsbrecht Pauwels van Liempde (=Vlemmincks, JT) als man van Heijlwig dochter van Dirck Wilneven, verder Lambrecht Aerts als man van Aleijt dochter van genoemde Dirck en Wouter Thomaes van de Venne als man van  Hadewijch ook dochter van genoemde Dirck en verkopen met schepenbrief van Oirschot aan Korstiaen Henricks van de Velde ten behoeve van de tafel van de H. Geest te Oirschot, een pacht van 7 lopen rogge, maat van Oirschot, welke pacht Aert Joerdens van der Braecken met schepenbrieven van Oirschot had verkocht aan Didderick  Willem Wilneven en zij als echtgenotes van hun vrouwen van genoemde Dirck hadden geerfd. Die pacht had Henrick Heijman eerder aan Aert Joerdens van der Braeken beloofd, steeds te betalen op Maria Lichtmisdag, op onderpand van een akker gelegen in herdgang Hedel, b.p. Henrick van Helmond, zoals dat bezit aan Aert was toebedeeld. Dat bezit had Henrick van genoemde Aert voor die 7 lopen rogge gepacht met schepenbrief van Oirschot. De verkopers beloven alle lasten van hun kant af te handelen. Actum als boven.

1473 pag. 178r Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Komen is Lisbeth weduwe van Dirck van de Hagelaer met haar voogd en haar wettige zoon verwekt bij genoemde Dirck en verkopen met schepenbrieven aan Jacop van Dormalen  onze collegaschepen een stuk beemd groot ca. 2 bunders, gelegen in de gemeente Boxtel onder Liempde in de Braeck, genoemd het Wijchmansbraeck (of Broek?) [Wichmansbroek], b.p. de gemeijnte daar genoemd de Verdonk (of Beverdonck? Veerdonk), Willem van de Velde, de kinderen van Jan van de Velde, Jan de Kremer van Aerle, Everaerts van der Vloege. Dat perceel hadden Lisbeth en Dirck geerfd van wijlen genoemde Dirck, zijnde resp. haar man en zijn vader, en wijlen Dirck had het voor 1/8ste deel geerfd en de andere 7/8e delen had hij van zijn broers en zusters verkregen. De verkoopster belooft alle lasten van haar kant etc. af te handelen, behalve 2 oude groten in Boxtel te betalen en 16 lopen rogge per jaar, maat van Oirschot. Datum als boven, getuigen Jan Vos en Willem van Geldrop.

1473 pag. 205V Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Komen zijn Michiel Wilneven. Lambrecht Jan Aerts als man van Aleijt dochter van wijlen Dirck Wilneven, verder Gijsbrecht Pauwels van Liempde (=Vlemmincks, JT) als man van Heijlwig dochter van wijlen Dirck Wilneven, nog Wouter van den  Heesakker als man van Mechteld dochter van wijlen Jan Aerts van Meijensvoort, Henrick Herman Daems als man van Margriet dochter van genoemde Jan Aerts (=van Meijensvoort, JT), Jacop Jacop Keijmps als man van Johanna dochter van Henrick Pauwels en hebben een deling gemaakt van het bezit dat ze na de dood van Jan Jan Wilneven hebben geerfd.

1473 pag. 210v Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Komen is Henrick Herman Daems als man van Margriet dochter van wijlen Jan Aerts (van Meijensvoort, JT) en verkoopt aan Jacop Jacop Keijmps die de 2 delen (lees twee derde delen, JT) van een vierdedeel van een beemd genoemd de Geerlicksbeemd, gelegen onder Best, b.p. de kinderen van Dirck van de Hagelaer, Gijsbrecht Pauwels van Liempde waarvan is afgedeeld, zoals hij een deel ervan had geerfd vanwege zijn vrouw en hem in de deling was toebedeeld samen met Wouter van den Heesakker en genoemde Jacop, en het andere deel had verkregen van genoemde Wouter, volgens de deelbrief ervan. De verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. Datum 5 november 1473, getuigen Huijskens en Lieveld.

1473 BP 1243, fol. 294r, Geertrui 31 oktober 2014 en 9 juni 2015:
Hendrik van Erp, de schout van Peelland, heeft zijn weiland/beemd geheten Die Braexschbuenre gelegen in de parochie van Boxtel, in het rechtsgebied van Liempde tussen het erfgoed van Godfried Peterszoon enerzijds en het erfgoed van Rover Rolofsz.  anderzijds, grenzend aan de gemene plaats met het ene einde, verhuurd aan Christiaan Voermans, zoon van wijlen Willem, en aan Thomas, zoon van wijlen Joannes Pauluszoon, voor vier jaar voor vijf gouden Peters elk jaar aan Hendrik te betalen, onder de voorwaarde dat Christiaan en Thomas de grondcijnzen aan de heer van Boxtel en de hooitiend daaruit rechtens te voldoen, zullen betalen, zodat voor Hendrik aan hem en over hem en zijn weiland geen schade toekomt in de toekomst; ook zullen Christiaan en Thomas de bomen mogen omhakken de bomen die daar staan en groeien op het erfgoed genaamd Den Wall of Den Omloop [rondlopende wal van Velder?] en in deze bossen (of met dit hout) het genoemde weiland gemeenschappelijk maken wat in de volkstaal beheimen heet. Ook zullen Christiaan en Thomas gedurende de genoemde jaren tot hun eigen gemak het hout hebben en verwerven dat daar groeit, den werft genaamd , samen met de wilgen die daar niet langer groeien, genaamd doefwilligen, met uitzondering dat ze voor elk van deze wilgen zo door hen uitgeroeid daar opnieuw een nieuwe wilgenplant zullen planten.

1475 pag. 32r Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Verschenen is Dirck Willems van de Hagelaer en verkoopt Jacop van Dormalen het 4/8e deel van een beemd van 2 bunders, gelegen in de gemeente Boxtel, ter plaatse genoemd in het Wijchmansbroek [Wichmansbroek] onder Liempde nabij de gemeijnte daar genoemd de Veerdonk, b.p. de kinderen van Jan van de Velde.  Dat perceelsdeel had Dirck Dircks van de Hagelaer eerder van zijn broer Willem geerfd en die had het   weer van zijn moeder geerfd volgens schepenbrief van Oirschot. Datum 16 januari 1475, getuigen Huijskens en Geldrop.

1474, Inventaris van het Oud-Archief van het "Zinnelooshuis" te 's-Hertogenbosch door J.M. van Rooij, pag. 166 nr. 117. Datum: 21-02-1474
Schepenen in 's-Hertogenbosch oorkonden, dat Anthonius, zoon van wijlen Johannes Peterszoon Crabbe, aan Franconis van Langel ten behoeve van het hospitaal voor zinnelooze menschen aldaar, gesticht door wijlen Reynerus van Arkel, verkocht heeft eenen erfelijken cyns, groot vier pond 's jaars, verschijdende op 2 februari en gevestigd op een huis, erf en hof,  gelegen in de parochie van Boxtel onder de Dingbank van Liempde, ter plaats genaamd Casteren [Kasteren] op Zavendonck [Savendonk], tusschen het erf van Henricus van Arkel eenerzijds en dat van Gerardus van den Leemputten anderzijds, alsmede gaande uit land, gelegen alsvoor, genaamd den Rondenacker [Rondenakker], den Langenacker [Langenakker], die Smalle Strepe [Smalle Strepen] en het Bemerken.

1475 pag. 32v Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Komen is Woutera (Tswetters alias Wouter Hollen, JT) als weduwe van Jan Bruijstens die men ook wel van Heerbeeck noemt en haar zoon heer Daniel, priester en verder haar zoons Wouter en Jan, nog Daniel van Petershem als wettige man van Heijlwig dochter van Jan Bruijstens, voor henzelf handelend en voor hun andere broers en zusters en verkopen nu een pacht van 1 mud rogge, maat van Oirschot, steeds te betalen op Maria Lichtmisdag op onderpand van een stuk land groot 3 en een halve lopenzaad, gelegen onder Boterwijk hier, ter plaatse genoemd de Hesselsdijk, b.p. Jan Luijten Henricks (Aleijten, JT) van Liedeveld, Henrick van Liempde. Dat mud rogge had Henrick de Wetter eerder verkregen van genoemde Jan Luijten Henricks van Liedeveld volgens een schepenbrief van Oirschot. Ze verkopen de pacht nu aan Jan Peters de oude (Sannen = doorgestreept, JT). Datum 16 januari 1475, getuigen Haest en Crom. Voetnoot : Woltera belooft dat ze aan Jan een bedrag van 4 peters en 2 stuivers zal geven.

1475 pag. 38v Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Komen is Peter van Berckt en belooft aan Henrick zoon wijlen Jan Cremers te Liempde die per a.s. Maria Lichtmisdag een bedrag van 14 peters te gaan betalen, samen met een rente van een half mud rogge. Datum als boven, getuigen Gerit Huijskens en Crom.

1475, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: februari 9.
Johannes de Arkel en Lucas Jaobi Pieck, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Johannes, zoon van wijlen Johannes van den Pasch, heeft opgedragen aan Martinus de Elmpt, visser, een kamp heide, gelegen in de parochie Bucstel onder de dingbank van Leymde [Liempde] in Vrilichoven [Vrilkhoven], tussen Martinus voorn. en Aleyda, weduwe van Martinus Anemyous, strekkende van Martinus voorn. tot aan Laurencius Zebensoen

1475, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: augustus 3.
Ghiselbertus Haeck en Johannes Kanapert Johanss, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren dat Johannes, zoon van wijlen Paulus Coppensoen, en zijn vrouw Heilwiga, dochter van wijlen Theodericus Roetarts, hebben opgedragen aan Martinus, zoon van wijlen Henricus de Elmpt, de helft van een stuk bouwland, geheten die Stoerecker, groet 3 lopense, gelegen in de parochie Bucstel onder de dingbank van Lyemde  [Liempde] , tussen Aleyda Martens en Arnoldus van der Perre ter ene zijde en Thomas, zoon van wijlen Johannes zoon van wijlen Paulus Coppensoen ter andere zijde

1475, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum:  augustus 3.
Ghiselbertus Haeck en Johannes Kanapert Johanss, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren dat Johannes, zoon van wijlen Paulus Coppensoen,en zijn vrouw Heilwig, dochter van wijlen Theodericus Roetarts, hebben opgedragen aan Martinus de Elmpt:
a. 1/4 van een erfpacht van 4,5 lopen rogge, gaande uit een erve, gelegen te Lyemde tussen de gemene strate en Willelmus Roefssoen, alsmede uit een stuk land, geheten Heilwigs buenre, gelegen tussen de gemeint en Johannes van den Hoeve, welke erfpacht Petrus, zoon van Johannes Roetart, gevestigd had ten behoeve van zijn broeder Johannes, die hem overdroeg aan Gerardus, zoon van wijlen Henricus;
b. 1/4 van een erfpacht van van 8 lopen rogge, gaande uit een stuk land onder Lyemde [Liempde] , tussen.Wilelmus de Dormalen en Michaelus van den Velde, welke erfpacht Gerardus zoon van wijlen Henricus Hesselssoen, verkregen had van Theodoricus, natuurlijke broeder van wijlen Andreas Scoteldreyers de Bucstel en Arnoldus de Roesel, man van Katherine, natuurlijke dochter van Andreas voorn.
c. 1/4 van een cijns van 40 solidi, gaande uit 1,5 hont land, gelegen onder Lyemde tussen Willelmus de Engelen en Alardus Reymbouts, voorts uit 2 hont land tussen het erve van de abt van St.Truiden en Hubertus Claessoen, welke erfpacht Gerardus, zoon van wijlen Henricus Hesselssoen, verkregen had van Sophia, dochter van wijlen Henricus Roeskens, zoon van wijlen Franciscus Roeskend, van Johannis, zoon van wijlen Henricus Libensoen, Johannes de Aerle en Rutgherus, zoon van wijlen Henricus Hessels

1475, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum:  september 28.
Ghiselbertus Haeck en Johannes Kanapert, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Petrus, zoon van wijlen-Johannes de Herenthom, en zijn vrouw Mechteld, dochter van wijlen Johannes de Zonne, hebben opgedragen aan Martinus de Elmpt, een akker, genaamd die Brake, groot 8 lopense, gelegen in de parochie Bucstel onder de dingbank van Lyemde [Liempde] in Vrilichoven [Vrilkhoven], met Martinus voorn. aan een zijde en aan een einde en Johannes, zoon van wijlen Paulus Coppensoen aan de andere zijde en aan het andere einde, tegen een erfpacht van 1 mud rogge, te betalen zolang zij leven en na hun dood aan Petrus, zoon van Petrus voorn. en wijlen zijn eerste vrouw Elisabeth, alsmede aan Petrus, zoon van Nycolaus Reynerssoen.

1475, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum:  september 28.
Giselbertus Haeck en Johannes Kanapert Johanss, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Martinus de Elmpt beloofd heeft te betalen aan Petrus, zoon van wijlen Johannes de Herenthom, en zijn vrouw Mechteld, dochter van wijlen Johannes de Zonne, een erfpacht van 1 mud rogge, gaande uit een akker, geheten die Brake, gelegen in de parochie Bucstel onder de dingbank van Lyemde  [Liempde] in Vrilichoven [Vrilkhoven], onder voorwaarde,' dat Martinus deze pacht mag lossen met 36 gouden peterskronen.

1476, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum:  februari 5.
Johannes de Os en Reynerus van den Hoevel, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Petrus, zoon van wijlen Johannes de Herenthom en zijn vrouw Mechteld, dochter van wijlen Johannes de Zonne, beloofd hebben, dat Martinus de Elmpt 8 mudden van een pacht van 11,5 mud rogge mag lossen, welke pacht gaat uit een huis, erve en hof, gelegen in de parochie Bucstel onder de dingbank van Lyemde  [Liempde] te Vrilichoven [Vrilkhoven], tussen Martinus de Elmpt en Johannes Pauwels, alsmede uit een stuk land, gelegen aldaar. De lossing moet binnen tien jaar geschieden met 18 goudgulden

1476, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum:  februari 5.
Johannes de Os en Reynerus van den Heuvel, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren, dat Petrus, zoon van wijlen Johannes de Herenthom, met zijn vrouw Mechteld, dochter van wijlen Johannes de Zonne, hebben opgedragen aan Martinus de Elmpt, een huis, erve en hof, gelegen in de parochie Bucstel onder de dingbank van Liemde [Liempde] in Vrilichoven [Vrilkhoven], tussen Martinus voorn. en Johannes Pauwels, strekkende van de gemene straat tot aan Johannes Maessoen, alsmede een stuk bouwland, gelegen 'aldaar tussen Johannes Maessoën aan een zijde en aan een einde en de gemene straat ter andere zijde, strekkende met het andere einde aan zeker land genaamd die Cluyse tegen een erfpacht van 11,5 mud rogge per jaar, zolang zij leven

1477, pag. 10v Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Komen zijn Aert zoon wijlen Aert de Smijt (Smeets, JT) , zijn broer Korstiaen, verder Heijlwig, Aleijt en Elisabeth gezusters en alle kinderen zijnde van wijlen Aert de Smijt met hun voogden en hebben een deling gemaakt van het bezit dat ze van wijlen hun vader Aert en wijlen hun moeder Margriet hebben geerfd. Genoemde Aert en Korstiaen krijgen samen een huis, tuin etc. gelegen in herdgang Straten, b.p. Dirck de Hoppenbrouwer de jonge, de gemeenschappelijke straat, Willem Ceelen. Hieruit moeten ze jaarlijks een pons paijment betalen aan het altaar van St. Barbara, nog 6 stuivers aan Gerard  de Harnismaker, nog aan die van Postel (de abdij, JT) een rente van 9 stuivers en 3 lopen rogge, verder 1 vlaamsche als chijns aan de hertog, nog 10 lopen rogge in Den Bosch. Genoemde Heijlwig en Aleijt krijgen samen twee stukken land, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, waar tussenin een weg loopt, b.p. Adriaen van den Doeren met meer anderen, de erfgenamen van Henrick Daniels met meer anderen. Nog krijgen ze een stukje land genoemd de Castaert ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. Jan van Best, Heijmerick Schepens. Hieruit moeten ze jaarlijks een pacht van 14 lopen rogge betalen aan heer Willem Vos, nog een half Bosch mud rogge in Den Bosch ook te leveren. Genoemde Elisabeth krijgt de helft van een stuk beemd genoemd de Oijendonk gelegen in de gemeente Boxtel onder Liempde daar, b.p. Heijlwig van Meijensvoort, Heijlwig Lucas, Bartholomeus van Beerwinkel, Jan van Hulst. Hieruit moet Lisbeth jaarlijks 3 ´budkens´ (boddedragers, JT) als chijns aan de joffrouw van Hoodonk betalen.  Genoemde delers beloven de gebruikelijke bepalingen bij een deling. Als er meer lasten op iemands erfdeel drukken zullen ze die samen betalen. Actum als boven.

1477 BOSCH’ PROTOCOL BP 1246 fol. 200, 5 mei / door Jan Toirkens
Heer Willem Becker, pitancier (persoon in klooster die er voor zorgt dat een ieder zijn rantsoen krijgt) van 't klooster Averbode (in Belgie zuid van Geel), en Wouter Henrixs Schuerman, commissaris hiertoe gemachtigd, hebben opgedragen aan Marcelis Goyart Byerkens van Weerde ( die reeds pachter was) 't goed "ten Kerckhove" in Lyemde. Hubrecht van Gemert had dit goed na opwinning in Den Bosch gekocht; het was eerst van Aert vanden Cloot. Hubrecht had het goed overgegeven aan aan heer Jan Blauwverver, prior van Averbode, ten behoeve van dat klooster).

(lasten: - 6 oude groten grondcijns aan de heer van Bucstel

             - 37 oude groten aan Mr Aert vander Cluyten

             - 5 cromstarden aan St. Odakapittel in Rode

             - 5 beierse gulden en 2 mud rog aan de H.Geest in Den Bosch

             - 2 pond oud geld aan deken en kapittel in Den Bosch )

Marcelis Goyart Byerkens en zijn broer Goyart en zijn schoonbroer Lucas Jan Stemkens beloven aan Averbode gedurende 4 jaar op St.Jan

- 24 rijnsguldens te betalen

- 180 rijnsguldens te betalen op St.Jan over 4 jaar

- 12 rijnsgulden St.Jan over 5 jaar

- 12 rijnsgulden St.Jan over 6 jaar

- en 12 rijnsgulden en 180 rijnsgulden op St. Jan over 7 jaar.

 

1477 BOSCH’ PROTOCOL BP 1246 fol. 230, 9 juli / door Jan Toirkens

Willem Scoeff van Mechelen verhuurt die Vlasstyende in Lyemde voor 4 jaar.

 

1477 BOSCH’ PROTOCOL BP 1246 fol. 299 2 januari / door Jan Toirkens

Brueder Thomas van Driell, procurator des convents vanden Carthusen, Vucht, verhuurt voor 8 jaar vanaf Pinksteren laatstleden aan Jan Sanders een hoeve, Rode, Ollant, metten Aecker ende cleynen hoefken om 17 pond payment, 5 steen vlas te hekelen bereet, 2 peters, en 100 eyer op Lichtmis (en de lasten). De huurder moet elk jaar 300 elsenpoeten en 100 willigen poeten zetten, en elk jaar 300 rijs houwen ende bijnden en naar Vucht brengen. Alle beesten op de hoeve, ook de ijmen oft bijen, en de vervaderinge daerraf, en 't gewas van 1000 hopkuylen en al 't oeft zal wezen halff ende halff. Mist ende andere ruwaer moet op de hoeve blijven. De laet kan aan 't eind der huur afvaren met halver scharen.

 

1477 BOSCH’ PROTOCOL BP 1246 fol. 255, 1 september / door Jan Toirkens

De Kartuizers van Vucht verkopen aan Anthonis Jan Peters:

- twee heivelden "die Laren" in Casteren (Kasteren), parochie Bucstel en

- de daarnaast liggende 3 strepen land "den Wuestenhoff" en

- een weiveld bij den Zoutcopersacker en bij ScHoesschenacker aldaar.

Anthonis belooft aan de Kartuizers 12 peters binnen 14 dagen te betalen alsmede 6 peters en 3 pond payment op Lichtmis aanstaande.

6 peters en 5 pond op Lichtmis over 1 jaar

6 peters en 4 pond op Lichtmis over 2 jaar

6 peters en 3 pond op Lichtmis over 3 jaar

6 peters en 2 pond op Lichtmis over 4 jaar

6 peters en 1 pond op Lichtmis over 5 jaar

 

1477 BOSCH’ PROTOCOL BP 1246 fol. 255v, 1 september / door Jan Toirkens

De Kartuizers van Vucht verkopen aan Andries Corstiaen Hellinx een  hoeve (vroeger van heer Ludolf vander  Water) in Ollant, parochie St. Oedenrode, nl een huis, erf, hof, schuur, scop, visserij, land "die Donck" , land "Jannes Hoernkens-hoeve", een beemd achter den Akar bij de Dommel, een beemdje bij de Dommel, een wei- en broekveld; een heiveld onder Gemonde Beerselaer.

(lasten: enige pachten en cijnsen)

Andries belooft aan de Kartuizers 177 peters, 7 ½ stuiver, 24 mud en 3 zesteren rog te betalen, verdeeld over 7 jaar.

 

1478 BOSCH’ PROTOCOL BP 1247 fol. 287, 2 april / door Jan Toirkens

heer Boudewijn Evert Jan Erberts, priester, geeft in erfpacht aan zijn broer Henrick

- 1/3 deel in een hoeve (die afkomstig is van hun vader Erbert) in Groter Lyemde aan die Weghesceydingh tussen Thomas die Cort en Kathelijn, weduwe van Henrick Boyenssoen enerzijds en Rutger Rolofssoen van Bladel en Lambert Jans vanden Ecker, strekkende van de straat tot den gemeynen moelenwech

- 1/3 in 1/3 beemd "die Oyendonck" 3 buunder op Oyendock aldaar,

- 1/3 deel in  1/3 beemd (geheel 3 buunder)

- 1/3 deel in de Schelenbeempt in die Moerkensboeme

- 1/3 in beemd "die Wedehage"

-1/3 van bouwland in de akkers van Smadelaer

om een erfpacht van 2 mud 11 lopen rog aan Boudewijn, en de lasten.

1478 pag. 143r Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Komen is heer Willem van Geldrop, priester en zijn wettige broer Peter, kinderen van wijlen Willem van Geldrop en verkopen (verkopen hier in de betekenis van beloven) aan heer Henrick Belaerts, priester, ten behoeve van hemzelf en ten behoeve van zijn wettige zuster Heijlwig en Margriet, een jaarlijkse pacht van 8 lopen rogge, maat van Oirschot, steeds op Maria Lichtmisdag te betalen op onderpand van een stuk land gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p. Vranken Mols, Peter Jacops van Esch, het erf eerder van Jan zoon wijlen Aert Heijlgheenen, Gijben Pauwels van Liempde (=Vlemmincks, JT). De schuldnaars beloven het onderpand in goede staat te houden. Datum 19 augustus 1478 getuigen Willem van Geldrop en Loij van Hersel. (naast twee Willemen van Geldrop in de akte hebben we ook nog een derde Willem van Geldrop als schepen, JT)

1478 BP 1247, fol. 216r, / door dr. Geertrui van Synghel 31 oktober 2014 en 9 juni 2015
Heer Bartholomeus en vrouwe Petra, zijn zuster, hebben een erfpacht van 4 mud rogge en 1 sister rogge Bossche maat uit 1) een erfpacht die aan Hendrick Buc zoon van Dirck Buc etc. toekwam in een erfpacht van 16,5 mud te voldoen elk jaar erfelijk uit de hoeve genaamd tgoet Te Velde, van wijlen Bartholomeus, zoon van Dirk gelegen in de parochie van Boxtel  in de plaats Liempde, samen uit alle aanhorigheden van de genoemde hoeve waar dan ook gelegen 2) Uit 18 bunder land gelegen onmiddellijk naast het erfgoed van Paulus, zoon van Hendrik. Thomas Boudewijnszoon en Fyssia van den Berghe. Ze (Bartholomeus en Petra) hebben deze erfpacht overgedragen aan de stadssecretaris ten behoeve van Sint-Geertruiklooster in ’s-Hertogenbosch. [Betreffende klooster staat in volgende akte genoemd]

1479, pag. 167v, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Komen is Jutta weduwe van Henrick vander Capellen met haar voogd en verkoopt (=belooft, JT) aan Aert Dirck Goossens (Neven, JT) een pacht van 1 mud rogge, maat van Oirschot, steeds op Maria Lichtmisdag te voldoen en voor de eerste keer na de dood van genoemde Jutten, op onderpand van een stuk land groot ca. 3 lopenzaad genoemd de Bittishoeve, met een stuk heide eraan dat tot land is gemaakt, gelegen in herdgang Verrenbest, b.p. Henrick Heesters, Henrick Meeus van Liempde, de gemeenschappelijke straat, Jan Cuijpers. Voor het heiveld zijn de b.p. de kinderen van Gijben Everits, Henrick Heesters, Henrick Cremers, Henrick Meeus van Liempde. Nog op onderpand van een stuk land genoemd de Oijenbraeck, groot ca. 2 lopenzaad, b.p. Peter Francken, Wouter Rutten, Gerit Geerlicks, Henrick Heesters. Nog op onderpand van een stuk land genoemd de Philipsakker, b.p. de kinderen van Gijben Everits, Henrick van der Capellen genoemde Jutten. Nog op onderpand van een stuk land genoemd de Hoerkensakker, groot ca. 2 lopenzaad, b.p. Wouter van den Arennest, Dirck van Hoeven, de erfgenamen van Jan van der Capellen, Gijsbrecht Everits. Nog op  onderpand van een huis, tuin met schuur etc. b.p. Wouter Rutten, de gemeenschappelijke straat, Nog op onderpand van een stuk land genoemd de Winkelen (?), gelegen bij de steenoven van Gerit Cuijpers, b.p. de gemeenschappelijke straat, Henrick Beertkens. Nog uit een stuk land groot 1 lopenzaad, b.p. Willem Dolcks, de erfgenamen van Geertruid Gielis, Willem Haecks, de gemeenschappelijke straat. Nog op onderpand van een stuk land groot anderhalf lopenzaad, b.p. Wouter van den Arennest, genoemde Jutken, de Hoernkensakker, Gijsbrecht Everaerts. Nog uit een stuk beemd genoemd de Twaalf Bunders waarin het deel van Henrick van de Laeck in het midden ligt, met beide kanten de delen van Jutken, verder b.p. Jan de Cuijper, de gemeenschappelijke straat. Datum 10 dagen in de oogstmaand 1479, getuigen Ellaer en Spina.

1479 Archief Groot Ziekengasthuis door H.J.M. van Rooij, datum: 15 juli 1479
Willem van Meyensvoert, Goyaert Petersoon, Jan Eeverits, Maes Henricszoon, Jan van den Ven en Henrich (Hermans), schepenen in Liempd [Liempde], oorkonden, dat Jan en Arnt, gebroeders, kinderen van Everits Jan Eevritszoon, aan Pouwel, hun broeder, hebben overgedragen 2 delen van een stuk land, gelegen in het gerecht van Liemd, genaamd 'Homborchshof'.

1479, pag. 177r, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Komen is Jut weduwe van Henrick van der Capellen en belooft aan Jan van den Doeren ten behoeve van Aert zoon Dirck Goossen Neven die een jaarlijkse pacht van 3 mud rogge, maat van Oirschot, steeds op Maria Lichtmisdag te voldoen, op onderpand van een stuk land groot 3 lopenzaad genoemd de Bittishoeve met een stuk heide dat tot land is gemaakt, b.p. Henrick Meeus van Liempde, Henrick Haest, de gemeijnte, Jan de Cuijper. Het heiveld is b.p. de kinderen van Gijben Ervaerts, Henrick Haest, Henrick Cremers, Henrick Meeus van Liempde. Nog op onderpand van een stuk land groot 2 lopenzaad, genoemd de Meijenbreack, b.p. Peter Francken, Wouter Rutten, Henrick Heesters, Gerard Geerlicks van de Melcroth. Nog op onderpand van een stuk land genoemd de Philipsakker, b.p. de kinderen van Gijsbert Ervaerts, Henrick van der Capellen, genoemde Jut zelf. Nog op onderpand van een stuk land groot 2 lopenzaad, genoemd de Hoernkensakker, b.p. Wouter van den Arennest, Dirck van Hoerne, de erfgenamen van Jan van der Capellen, de gemeijnte, Gijsbert Ervaerts. Nog op onderpand van een huis, tuin etc. met de schuur daar, b.p. Wouter Rutte,de gemeijnte. Nog op onderpand van een stuk land genoemd dat Weijnkel bijde steenoven, b.p. Gerit de Cuijper, de gemeijnte, Willem Dolcks, Gerard Gielis, Willem Haecks, de gemeeijnte. Nog op onderpand van een stuk land van een half lopenzaad, b.p. Wouter van den Arennest, Jutta zelf, de Hoernkensakker, de kinderen van Gijsbert Everits. Nog op onderpand van een stuk beemd in de Twaalf Bunders, b.p. Henrick van der Haest die het middenstuk ervan heeft, genoemde Jutta zelf die de beide zijkanten heeft, Jan de Cuijper, de gemeenschappelijke straat. (geen datum en geen getuigen vermeld, akte is van 1478, JT)

1480 BOSCH’ PROTOCOL BP 1249 fol. 70 / door Jan Toirkens

Lyemde,  aen die Wegesceide

 

1480 BOSCH’ PROTOCOL BP 1249 fol. 330, 20 januari / door Jan Toirkens

Jan Lambert Meeussoen, Lambert Jan Aertssoen en Gerit Jan Coppenssoen. H.Geest-meesters van Bucstel, gemachtigd daartoe door de bisschop van Luik, hebben opgedragen aan de secretaris ten behoeve van de Kartuizers van Vucht een pacht van 12 lopen rog, welke Lud. vanden Water, kanunnik in Den Bosch, beloofd had op Lichtmis te vergelden aan de H.Geestmeesters van Bucstel uit Sheyligengeestecker, Lyemde, Casteren (Kasteren) (welk land Lud vanden Water te pacht gekregen had van Michiel Arnt Michiels van Hall, Herman Reyners van Vinckenschot en Jan Henrick die Wijse, H.Geestmeesters van Bucstel).

 

1480 BOSCH’ PROTOCOL BP 1250 fol. 118, 2 januari / door Jan Toirkens

Herman Jan Hermanss vanden Berghe (transcribent: nazaat van Eligius vanden Aker), weduwnaar van Cecila, heeft opgedragen aan zijn kinderen Jan en Aert: zijn tocht in land in die Kerckacker, Lyemde, met 1 eind en 1 zijde aan een erf van die hoeve ter Wehamel. (Transcribent: Herman Jan Hermanss vanden Berghe had dat land verkregen van Kathelijn Jan Gevarts).

Jan en Aert dragen daarna op aan Laureijns Lambrecht Aben.

1480 Archief Groot Ziekengasthuis door H.J.M. van Rooij, datum: 19 november 1480
Henric Hermans, Goyart Petersoon, Jan van den Ven, Willem van Meyensvoert, Maes Henricxszoon, Lambrecht Jan Lambrechtszoon en Jan Zebenzoon van Collenberch, schepenen in Liempd [Liempde], oorkonden, dat er tussen Lambrecht en Jan, gebroeders; Heiliwich en Lysbeth, gezusters, kinderen van wijlen Jan Lambrechtszoon, benevens Heilwich, weduwe van Andries, zoon van wijlen Jan Lambrechtszoon en Arnt Willemszoon van den Velde, weduwnaar van wijlen Goedscuwe dochter van wijlen Jan Lambrechtszoon een scheiding en deling heeft plaats gehad van de goederen hen aangekomen van Jan Lambrechtszoon voornoemd, gelegen 'aan den Berg' in de dingbank van Liempde en in 'de Boxtelse Hoeve' in de parochie van Scynle.

1481 pag. 264v, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Verschenen is Jan Jan Leemans en heeft beloofd om aan Henrick Henrick Wouters van der Heijden die 15 peters te gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag over 40 jaar, met onderwijl steeds een rente van 7 en een halve lopen rogge,m Oirschotse maat. Actum als boven. (er staat duidelijk over 40 jaar, maar het is de enige keer dat ik zo´n lange termijn tegenkwam in de protocollen, het komt me dus wat vreemd over, JT).  Daniel zoon wijlen Heijmerick Scepens (nee is onjuist, hij is de  zoon van wijlen Daniel Heijmerick Scepens, ook wel de Crom genoemd, JT) verkoopt aan Jan Damen van Berckt die het 1/4e deel van een stuk beemd genoemd de Buender op de Vloet (Vleut, JT), groot anderhalve bunder, b.p.de kinderen van Aert van Best, het erf eerder van heer Jan van Andel, de gemeijnte. De verkoper belooft alle lkasetn van zijn kant af te handelen, behalve het 1/4e deel van 9 oude groten als grondchijns. Datum de maandag na St. Mathijsdag, de voorlaatste dag van februari 1481, getuigen Huijskens en Meeus. Verschenen is Jan Damen van Berckt als man van Geertruid dochter van wijlen Daniel Scepens (in een andere akte is deze Geertruid de dochter van Heijmerick Scepens en er is dus verwarring hoe de vader heet, maar uit weer andere aktes blijkt dat Geertruid de dochter is van Daniel Heijmerick Scepens en op deze laatste versie  houden we het maar op, JT) en verkoopt nu aan Henrick van Esch (secretaris, JT) ten behoeve van Aernt, Henric, Claes, Goijaert en Lisbeth kinderen van genoemde Daniel, die de 3/4e delen van de helft van een stuk beemd groot anderhalve bunder zoals in de vorige akte is vermeld, waarvan hij de ene helft van de anderhalve bunder als echtgenoot van zijn vrouw heeft verkregen en de andere helft gekocht van zijn zwager Daniel Heijmerick Scepens. De verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen behalve het 3/4 e deel van 4 en een halve oude grote als grondchijns voor de helft van de genoemde beemd. Actum als boven.   Genoemde Jan Damen verkoopt nu aan ........ (niet vermeld, maar waarschijnlijk aan de kopers uit de vorige akte, JT) zijn erfdeel van 7 lopen rogge, dat ze samen ontvangen van Heijlwich Lucasen of van haar kinderen uit een pacht van 2 mud rogge, maat van Den Bosch, welke pacht Everaert zoon wijlen Henrick Everaerts had beloofd aan Willem Gijsbrecht Wellens van Acht op onderpand van de helft van 9 en een halve bunder ...gelegen in de gemeente Boxtel ter plaatse genoemd Liempde te Oetendonk, b.p. het erf genoemd de  Stadakker, Thomas Lonis Boijdekens, een vrouw genoemd Fissie, zoals zijn zwager (hier is bedoeld schoonvader?, JT) Heijmerick die pacht had verkregen van Gijsbrecht Aert van Straten. (geen datum en geen getuigen vermeld, JT) Nog verkoopt Daniel (Scepens, JT) aan Jan (Damen van Berckt, JT) de helft van een pacht van 8 lopen rogge te ontvangen van Henrick Mercks. (geen datum en geen getuigen vermeld, JT).

1481, pag. 265v. Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Verschenen zijn Daniel die voor hemzelf handelt, verder Aert, Claes en Goijaert broers, Elisabeth met haar voogd voor henzelf en voor hun broer Henrick en nog Jan Damen van Berckt als man van Geertruid, zijnde allen wettige kinderen van Heijmerick Scepens en hebben een deling gemaakt van het bezit dat ze van hun vader Daniel (rara, heet hun vader nu Heijmerick of Daniel?, JT) en hun moeder Aleijt hebben geerfd. Genoemde Henrik, Aert, Goijaert en Elisabeth krijgen een huis, tuin etc., gelegen in herdgang Aerle, groot ca. 6 lopenzaad, b.p. Dirck Meeus Crommen, de kinderenb van Jan van de Maerselaer, de straat, een stuk land genoemd de Strepen dat eerder van Henrick Smeets was. Nog een stuk beemd genoemd de Oeijendonk [Ooiendonk], groot ca. een bunder gelegen onder Boxtel ter plaatse Liempde, b.p. de kinderen van van der Hulst, de kinderen van de Langeneep, Heijlwich Lucassen, Heijlwich van Meijensvoort. Nog krijgen ze een stuk beemd gelegen in herdgang Straten, b.p. de gemeijnte, de kinderen van Willem Cuijpers Meeus van der Rijt (hij is waarcshijnlijk kuiper, JT), Jan Bouwen Bouwmans. Nog een stuk beemd gelegen in herdgang Straten, genoemd ´t Maerselaer, rondom in de gemeijnte daar. Nog de helft van een stuk beemd groot ca. anderhalve bunder genoemd de Bunder gelegen in het Gunterslaer herdgang Verrenbest, b.p. de kinderen van Aert van Best, het erf eerder van heer Jan van Andel priester, de gemeijnte. Nog de helft van 3/4e bunder beemd genoemd de Elsbroek onder Ameijden hier in het Quinckerse Broek, b.p. Joerden Henrik Hoppenbrouwer, de gemeenschappelijke straat, Willem Goijaert Beckers, meester Aert van Weijlhuijsen. Nog een stuk land in de Achterste Castaert genoemd de Donk, groot ca. 1 zesterzaad, b.p. Dirck Hoppenbrouwers, de straat, de kinderen van Henrick van Best, Joerden Henrick Hoppenbrouwers. Nog krijgen ze een stuk beemd genoemd dat Cleijn Donksken, gelegen in herdgang Straten, b.p. Wouter van Herlaer, de kinderen van Jan Wolfs, de kinderen van Henrick van best. Nog een stuk beemd genoemd de Blakenbeemd, waarvan een deel tot land is gemaakt gelegen herdgang Straten, b.p. Jan de Crom, de kinderen van Henrick van Best, nog 2 stukken land aan elkaar gelegen, het ene de Grote Hoelt genoemd, het andere de Cleijne Hoelt, b.p. een perceel genoemd de Ertboer, Willen Goijaert Beckers, de weduwe en kinderen van Claes Lijmbeeck (Lijmborg?, JT), een stuk land genoemd het Haverland, de Blakenbeemd. Nog krijgen ze de helft van een stuk land genoemd de Ertboer, b.p. de Grote Hoelt, hun broer Jan en Jan Damen waarvan is afgedeeld, de Blakenbeemd, Wouter Claes Beckers. Nog krijgen ze de helft van een stuk land genoemd de Tiendeloze akker, b.p. Gijsbrecht Henrick Hoppenbrouwers, hun broer Daniel en Jan Damen, Gerart Jan Stijnen, de straat. Nog een stuk land genoemd de Paeijakker, b.p. Wouter Claes Beckers, de straat, Willem Wouters, hun broer Daniel en Jan Damen. Nog een stuk land groot ca. een half mudzaad, b.p. de gemeenschappelijke straat, de kinderen van Jan Crommen, Dirck van de Maerselaer, Jan Gijben Hoppenbrouwers. Nog krijgen ze een huis, en 2 lopenzaad land gelegen in herdgang Straten, b.p. Daniel en Jan Damen, Jan de Hoppenbrouwer, de gemeenschappelijke straat. Uit het huis en schuur moeten ze jaarlijks 2 lopen rogge betalen en 1 mud rogge aan Claes de Becker, nog 3 lopen rogge aan de H. Geest te Oirschot en 3 hollandse plakken aan het O.L. Vrouwenaltaar in de kapel en het St. Lucia-altaar in die kapel, nog een halve oude grote als chijns aan de hertog en 1 obool, nog alle grondchijns uit de genoemde percelen. Nog uit een stuk land eerder van heer Joerden Ansems, gelegen in herdgang de Kerkhof 14 lopen rogge, uit een stuk beemd genoemd dat Broekelijn nu eigendom van Claes van Lijmborg (?) 9 lopen rogge, aan Dries Aert Heijen 6 lopen rogge, nog aan Peter de  Raijamaker 2 mud rogge, nog uit de Groortdonksbeemd nu eigendom van Jan Damen van Berckt 2 lopen rogge die Jan verklaart ....... van Henrick de Smijt ...(?), nog 9 lopen rogge aan Henrick Gijben, nog aan Claes de Becker 6 lopen rogge, aan Aert Coppens, aan Heijlwich Smollers een mud rogge. Ieder zal zijn of haar deel hiervan betalen.  Daniel en Jan krijgen samen een huis, tuin etc.,et de schuur die ze later zullen afbreken, met 2 lopenzaad land, gelegen in herdgang Straten, b.p. Peter Loijen, Joest van Lievendael, de straat, Aert van Lievendael, het erf waarvan is afgedeeld. Hieruit zullen ze aan Claes de Becker 1 mud rogge betalen, aan de H. Geest 3 lopen en 7 Hollandse plakken en een halve oude grote als grondchijns. Nog krijgen ze een stuk beemd groot ca. 4 lopenzaad genoem de Par Hofstad, b.p. Wouter Claes Beckers, de straat, het erf genoemd de Waerakker, de andere erfgenamen. Nog krijgen ze de helft van een akker genoemd de .....akker, b.p. Gielis de Cremer, de genoemde andere kinderen waarvan is afgedeeld, Gerart Jan Stijnen, de straat. Nog krijgen ze de halve Ertboer, b.p. Ansem Henrick Loijen, het erf waarvan is afgedeeld, de Blakenbeemd, het erf van Meeus Jan Eessen genoemd de Ertboer. Nog krijgen ze de helft van 3/4e bunder genoemd de Elsbroek, b.p. Joerden Henrick Hoppenbrouwers, de straat, Willem Goijaert Beks, meester Aert van Weijlhuijsen. Nog krijgen ze de helft van anderhalve bunder genoemd de Bunderen gelegen in het Gunterslaer te Verrenbest, b.p. het erf eerder van heer Jan van Andel priester, de kinderen van Aert van Best, de gemeijnte. Hieruit zullen ze de grondchijns betalen, aan Heijlwich Lucas 13 lopen rogge, aan Henrick Mercks te Best 8 lopen rogge, aan Goijaert van Berckt 4 lopen rogge, nog 1 lopen rogge aan Willem Bliecks. Datum 12 maart 1481, getuigen Rutger Goessens, Gerart Mathijssen en Meeus Jan Eessen. Voetnoot : Jan krijgt 3 en een halve plak.

1482 ,pag. 317v, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Komen is Lodewijk van Herzel onze mede-schepen en verkoopt nu met een vonnisbrief aan Jan Gijsbrecht Pauwels van Liempde (=Vlemmincks, JT) het bezit dat was uitgewonnen en hij had verkregen van Henrick Jacops van Esch en Henrick op zijn beurt als gemachtigde voor Henrick van der Heijden had laten uitwinnen. Het bezit is gelegen in  herdgang Spoordonk, b.p. Jan de Gruijter, Jan van Dormalen, Jan van Meerwijck. De verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. (geen datum en geen getuigen vermeld, JT).
Komen is Henrick zoon wijlen Willem van der Heijden en staat aan Jan Gijsbrecht pauwels uit de vorige akte toe dat de 2 verschillende muddes rogge die hij jaarlijks heft uit bepaald bezit onder Spoordonk, welk bezit eerder eigendom was van Wouter van der Haestm en nu van deze Jan Gijsbrecht Pauwels (Vlemmincks, JT) , dat die de rogge binnen de tijd tussen a.s. Maria Lichtmisdag en 8 jaar verder kan aflossen, tegen betaling van 28 peters voor elk mud rogge, elke peter gerekend tegen 18 stuivers, mits hij een half jaar vooraf opzegt. Als hij niet binnen die 8 jaar aflost dan komt deze brief te vervallen en blijft de pacht permanent. Actum als boven.

1482 Archief Groot Ziekengasthuis door H.J.M. van Rooij, datum: 2 oktober 1482
Michiel Bolant, Henric Hermans, Godevaert Peters, Jan van den Ven, Maes Henric, Jan Zeben en Wilhelmus van Leyelsfoert, schepenen in Lyemde [Liempde], oorkonden, dat Aert Peters Roeverszoon, als wettige man van Lysbeth, dochter van Henric Peterszoon van den Pars, aan Eeverardus, zoon van Everaert Janszoon heeft verkocht een halve heikamp, gelegen onder de jurisdictie van Lyemd, grenzend enerzijds aan het erf van Wouter van den Bersellare, anderzijds aan dat van Anthonys Henric Boyenzoon en strekkende vanaf de openbare straat tot het erf van de kartuizers van Vucht.

1482, pag. 329v, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Komen is Gijsbrecht Pauwels (van Liempde of soms ook Vlemmincks genoemd, JT) als man van Heijlwig, verder Lambert Jan Aerts als man van Aleijt, dochters van Dirck Wilneven en verkopen met schepenbrief van Oirschot aan Wouter Thomaes van de Ven hun 2/3e delen die ze hebben in een pacht van 1 mud rogge, maat Oirschot, welke pacht Gijsbrecht Gijsbrechts van der Dweert eerder had beloofd aan Aleijt dochter van Jan Wilneven ten behoeve van Dirck Jan Wilneven, steeds op Maria Lichtmisdag te voldoen op onderpand van een stuk land gelegen in herdgang Hedel, b.p. de gemeenschappelijke straat, Rutger Zeeben (van Kerkoerle?, JT). Nog op onderpand van een stuk land gelegen in herdgang Hedel, b.p. de erfgenamen van Dirck Seijkens, Jan van Creijelt en meer anderen, Henrick Timmermans. Nog op onderpand van een stuk beemd ter zelfder plaatse gelegen, b.p. Henrick van den Toeren (Toerkens, JT), Henrick van der Rijt, de gemeijnte. Dat mud rogge hadden ze als echtgenoten van hun vrouwen geerfd van hun zwager (=schoonvader, JT) Dirck Wilneven. De verkopers beloven alle lasten van hun kant af te handelen. Datum 4 november 1482, getuigen Vlierden en Haest.

1482, pag. 1v, Boxtel vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Jan wettige zoon van Goossen van Halle als man van Adriana wettige  dochter van Hubrecht zoon wijlen Hubrecht Laureijns, verder Elizabeth en  Marie, gezusters en wettige kinderen van genoemde Hubrecht met hun
voogdem, hebben een deling gemaakt van het bezit afkomstig van hun  vader Hubrecht en hun moeder Margriet Huben. Boxtel.  Jan krijgt een huis, tuin, hofstad etc gelegen in Boxtel ter plaatse
genoemd op t Eghelsvoert waarin zijn vader Hubrecht is gestorven. Nog  een beemdje, nog een weiland daar aan gelegen, nog 9 lopenzaad land,  b.p. Elias Huben, de gemeijnte van Zelisel.  Nog krijgt hij een beemd  aldaar gelegen genoemd de Abroecjk, b.p. Lambrecht Michiel Aerts, Jan  Laureijs Huben de jongste, de gemeijnte van Zelisel, Elias Huben en meer anderen. Nog een dagmaat beemd genoemd Achter de Berg. Uit dit  erfdeel jaarlijks 4 stuivers en een half plak Bosch geld als chijns aan de heer te betalen en 1 mud rogge aan diegene die er recht op heeft. Elisabeth en Marie krijg en samen een stuk erf met een heiveld gelegen op  t Egelsvoert genoemd de Heijhove, b.p. genoemde Jan, de gemeijnte  van Zelisel.  Nog een zesterzaad land gelegen in de parochie van Esch  genoemd de Hugenbraeke, nog een stuk land in de parochie van Esch  groot ca. 4 lopenzaad genoemd de Stapecker. Nog 11 lopenzaad land in  de parochie Esch, b.p. Henrick Kreijten. Nog een dagmaat beemd in de  parochie van Esch genoemd de Ochell, die gewisseld wordt met de  erfgenamen van Goessen Heijms. Nog een halve morgen beemd gelegen op Gheen Ooteren bij Den Bosch. Nog krijgen ze een weiland gelegen in de parochie Boxtel bij de Egelvoert genoemd de Abroeck, nog een weiland genoemd de  Heijbuender, gelegen in de parochie van Boxtel tussen Lucel en  Nergentnae. Nog 1 mud rog per jaar dat wordt betaald door Jan Colen te Liempde, nog 1 malder rogge dat wordt betaald door de  Brugmanskinderen in de parochie Esch. Uit dit erfdeel jaarlijks 4 stuivers  en een halve plak Bosch geld te betalen als chijns aan de heer. Nog een  chijns die wordt betaald uit de Butenakker te Esch, nog de 2 delen van 1  malder rogge in Den Bosch te betalen. Nog de verplichting een tuin te houden voor de erven die erin gelegen zijn. (afrasteren?). Datum 22 januari, getuigen Wouter van den Loeck en Aert van Vucht.

1482, pag. 30, Boxtel vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Meeus  Zuetericks belooft aan Marcelis vanwege de kapel te Liempde die  per a.s. Maria Lichtmisdag 8 peters min 4 stuivers te betalen.
Datum 4  juli, getuigen Engelbert van de Berselaer, Jan de Momber en Jan Laureijs  Huben.

1483, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: februari 27.
Johannes Kanapert Johanss. en Bernardus Janssoen de Overmeer, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren dat Petrus, zoon van wijlen Johannes de Herenthom, en zijn vrouw Mechteld, dochter van wijlen Johannes de Zonne, hebben opgedragen aan Martinus de Elmpt, de erfpacht van 11,5 mud rogge, welke deze beloofd had te zullen betalen zolang zij leven uit een huis c.a. en een stuk bouwland te Liemde  [Liempde] in Vrilichoven [Vrilkhoven]

1483, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: maart 27.
Johannes Kanapert en Bernardus Janssoen de Overmeer, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren dat Petrus, zoon van wijlen Johannes de Herenthom, man van Mechteld, dochter van wijlen Johannes de Zonne, heeft opgedragen aan Martinus de Elmpt, al zijn recht op een erfpacht van 1 mud rogge (gaande uit 8 lopense land geheten die Brake [Braak, Liempde]), welke erfpacht Martinus beloofd had te betalen zolang zij leven en na hun dood aan Petrus, door Petrus de Herenthom gewonnen bij Elisabeth, alsmede aan Nycolaus Reynerssoen

1483, pag. 356r, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Komen zijn Joerdaen zoon wijlen Goijaert Delien en Gielis Laureijs van Hulsel als man van Kartarina dochter van genoemde Goijaert Delien door deze Goijaert verwekt in wettig huwelijk met Ida dochter van Joerden Jonkers en hebben een deling gemaakt van het bezit dat ze na de dood van hun ouders hebben geerfd. Joerden krijgt een huis, tuin etc., genoemd dat Groenland en het Heiligland, samen 6 lopenzaad gelegen in herdgang de Notel, b.p. een waterloop daar genoemd de Lerpt, Daniel de Metsere, Jan van Aerle als zwager van Dirck Neven, de gemeenschappelijke straat. Hieruit jaarlijks 1 mud rogge te betalen aan de erfgenamen van Korstiaen Peters van de Venne. Nog krijgt hij een rente van 2 rijnsguldens te Brussel te ontvangen, nog 7 lopen rogge maat van Oirschot in Straten te ontvangen van Peter de Raijmaker volgens de  brieven. Hieruit zal hij jaarlijks aan zijn zuster joffrouw Henrick te Rothem een pacht betalen van 16 lopen rogge en aan zijn zuster Geertruid in Marienwater 1 oude grote per jaar, zolang ze beiden leven en niet langer. ( joffrouw Henrick zit in het klooster in Rothem  zie 362-v haar zus komt er niet al te best af met die een oude grote, JT) Genoemde Gielis krijgt een stuk weiveld genoemd de Moest, gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p. heer Willem van Geldrop, Merten Steemetsers, Jan Goijaerts, Jan Wilden. Nog krijgt hij een stuk beemd genoemd dat Heechbroek, b.p. Adriaen van den Doeren, Lisbeth Sbrouwers, Lich van Hersel. Uit de beemd jaarlijks een halve oude groet als grondchijns te betalen aan de hertog, nog een mud rogge maat van Oirschot aan Willem Dolks te Best, nog 12 en een halve stuivers per jaar te Liempde, nog 12 gulden aan Aert de Nagelmaker te Straten, nog anderhalf mud rogge aan Henrick Beerskens op ´t Dunne, nog een half mud rogge aan Jan Knoep te Boterwijk hier. Ieder van hen zal de lasten op het eigen erfdeel zo betalen dat het erfdeel van de andere daarvoor is gevrijwaard. Als er meer onvermelde lasten op enig bezit drukken zullen ze die samen betalen. Datum 30 mei 1483, getuiugen Lieveld en Jan Oemen.

1483, pag. 364r, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Komen is Baudewijn Jan Pauwels van Liempde als man van …. (niet ingevulde naam, JT) dochter van Goessen Thomaes van Oudenhoven en verkoopt met schepenbrief van Oirschot aan zijn zwager Goijaert zoon Goossen van Oudenhoven een stuk beemd genoemde de Goessen, gelegen onder Ameijden hier, b.p. Aert Bernts, de kinderen van der Bocht, de gemeijnte, volgens de schepenbrief. De verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen, behalve 14 lopen rogge, maat van Oirschot aan Claes Thomassen. Datum 30 september 1483, getuigen Dormalen, Dormalen en Ansems.

1484 BOSCH’ PROTOCOL BP 1253 fol. 256, 5 april / door Jan Toirkens

Heilwich, weduwe van Jan van Meyelsvoert, en Henrick Jan Tyelmans, beloven aan Gijsbert en joffrouw Willem (van Erpe) een pacht van 4 mud en 4 lopen rog, te betalen Lichtmis en te leveren in Den Bosch, uit 1 buunder beemd "Wijchmansbroeck"(van Heilwich) in Lyemde; en uit huis (van Henrick) in Lyemde. De belovers kunnen binnen 16 jaar die pacht lossen met 40 Peters per mud). Ze mogen die pacht ook betalen half in rog, half in geld, nl 2 peter per mud.

 

1484 BOSCH’ PROTOCOL BP 1253 fol. 256v, 5 april / door Jan Toirkens

Henrick Jan Tyelmans belooft aan Heilwich, weduwe van Jan van Meyelsvoert een pacht van 8 mud rog en een cijns van 8 Peters te betalen op Lichtmis en te leveren in Bucstel binnen de bruggen uit een huis in Lyemde en uit een beemd in Wijmansbroeck aldaar. (Henrick kan die pacht en cijns lossen met 40 Peter per 1 mud en per 2 Peter)

1484, pag. 43v, Boxtel vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Jan wettige zoon van wijlen Willem Hanen verkoopt aan zijn zwager Jan Willems die het 1/3e deel van een huis, tuin, hofstad gelegen te  Lennishovel, b.p. Dirck Wouters, de gemeenschappelijke straat. De
verkoper belooft de verkoop gestand te doen behalve 1/3e van een pond  en het 1/3e deel van de chijns aan de heer van Boxtel.  Genoemde Jan Willems als man van Heijlwig wettige dochter van Willem  Hanen verkoopt aan Jan en aan Dirck, broers en wettige kinderen van  Willem Hanen het 1/3e deel uit een jaarlijkse pacht van 1 mud rogge dat  wordt betaald door Lambrecht Jans van den Acker die in Liemde [Liempde] woont volgens de brief ervan. De verkoper belooft de verkoop gestand te doen en alle lasten van zijn kant af te handelen. Genoemde Jan Willems Hanen belooft dat hij zijn deel van het mud rogge dat aan hem en zijn broer is gevest (=verkocht) niet zal verkopen dan alleen met toestemming van zijn neef Emont Dirck Janssen. Als Emont komt te overlijden zal men iemand anders als naaste bloedverwant kiezen voor het toezicht daarop. Datum 2 maart, getuigen Engbrecht van de Berselaer en Wouter van den Loeck.

1484, / BOSCH’ PROTOCOL BP 1234, fol. 188, / door dr. Geertrui van Syngel
Jan van Mulsen, zoon van wijlen Gerard van Mulsen, heeft een erfpacht van twee mud rogge, Bossche maat, te voldoen uit een weiland genaamd Den Roesbeempt [Roesbeemd] binnen de parochie van Boxtel op de plaats genaamd Vrillichoven [Vrillikhoven, Liempde], tussen het erfgoed van de erfgenamen van wijlen Martinus Aven[j]oens enerzijds en het erfgoed van Jan Gulten en de andere buren daar anderzijds, alsmede uit een weiland genaamd Die Hodonck [Hodonk], groot twee bunder,  in eerder genoemde parochie en plaats [Vrilkhoven], gelegen tussen het erfgoed van de erfgenamen van Martinus Aven[j]oens enerzijds en het erfgoed van Willem  Zuetrix anderzijds, alsmede uit een stuk  weiland genaamd Beeckmansbuenre [Beekmansbunder], gelegen in de genoemde parochie op de plaats genaamd Craendonc [Kraandonk] tussen het erfgoed genaamd Vellaer [Velder], dat tot de heer Boxtel behoort enerzijds en tussen het erfgoed van Gerard Balyaert anderzijds, welke pacht de voornoemde Jan van Mulsen gekocht had van Jan, zoon van wijlen Paul Jacopszoon, , heeft hij (= Jan van Mulsen) erfelijk overgedragen aan de stadssecretaris ten behoeve van Wolter van den Loeck, zoon van wijlen Petrus.

1484 434v, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Komen zijn Goijaert, Jan, Dirck en Bartholomeus, broers en kinderen van Henrick Jan Aleijten (van Tulden, JT) verwekt bij Katarina dochter van wijlen Goijaert Michiels (Beldekens, soms van de Velde, JT), waarbij Jan nog handelt voor zijn broer Aert en verkopen nu met schepenbrief aan Peter Janssen van der Bruggen die een huis, tuin etc., met eeuwsel en beemdjes, gelegen in de Vloetstraat hier (Verrenbest, JT), b.p.de Vloetstraat, Claes Thomaessen en zijn kinderen, Jan Henrick Vervloeten, het erf van de hoeve van Gunterstaler eerder eigendom van Willem Dicbier. Nog verkopen ze hem 3 stukken land en 2 beemden aan elkaar gelegen, ter zelfder plaatse als hiervoor, genoemd dat Grimme, b.p. het erf van de hoeve van Gunterslaer eigendom van Willem Dicbier met zijn kinderen, het erf van Beertken van de Spijker dat eerder van Goijaert Eckerman was, Meeus Maercolfs. Nog verkopen ze een stukje land genoemd de Gijsenakker, b.p. Mechteld van Gewanden, Jan Speecks. De koper moet hieruit jjaarlijks de grondchijns betalen en 1 mud rogge aan de erfgenamen van Jacop van Hal in Den Bosch te leveren, nog 4 lopen rogge in Liempde aan Mech…. Zeben of aan diegene die er recht op hebben, nog 4 mud rogge aan…. Henrick Aleijten, verder nog voor een jaarlijkse pacht van 10 mud en 10 lopen rogge aan genoemde Goijaert, Jan, Dirck, Bartholomeus en Aert, steeds op Maria Lichtmisdag. Datum op St. Nicolaasdag 1484, getuigen alle schepenen. Voetnoot : Geef de brief aan de kinderen van Henrick Rutger Belaerts.

1485 BOSCH’ PROTOCOL BP 1254 fol. 336, 17 augustus / door Jan Toirkens

Jan van Deventheren en zijn zonen Jan, Willem en Gerit, en Wouter van Stael, man van Elisabeth Jan van Deventheren, en Henrick Goyarts Dicbier, man van Sophie Jan van Deventher, hadden vroeger in erfpacht gegeven aan Reyner Janss van Vijnckenschoet 't goed ten Acker in Lyemde (behalve de cijnzen en cijnshoenderen en 1 zester raapzaad daaruit en behalve 10 buunder min een dagmaat land in Eylde) om 16 mud rog en 2 zesteren raapzaad op Lichtmis en 20 steen vlas tot hekelen bereid op Allerheiligen en met deze voorwaarde  Reyner moet elk jaar in het land in Eylde graven 15 boemeroeden bleckelinck zolang er turf is in dat veld, en die turven moeten een hamervoet dik zijn, hij moet ze drogen en in Den Bosch leveren in het woonhuis van Jan van Deventheren

Als 't  veld uitgegraven is, is Reyner ook vrij van de verplichting om turf te graven, te drogen en te leveren. Jan Goyart Scilder, ook namens zijn moeder joffrouw Heilwich, weduwe van Goyart Willem Gijsbert vanden Pettelair, Goyart van Lancvelt natuurlijke zoon van Lennis van Lancvelt, namens zijn vader, Henrick Scilder natuurlijke zoon wijlen Willem Scilder, Goyart van Lancvelt voornoemd man van Lerya, natuurlijke dochter van wijlen Willem Scilder en Henrick Yewaars, man van Luytgart natuurlijke dochter van wijlen Willem Scilder, dragen op aan de Kartuizers van Vucht die voorwaarde over het het turf graven, drogen en leveren.

 

1485 BOSCH’ PROTOCOL BP 1254 fol. 336v, 17 augustus / door Jan Toirkens

Broeder Tyman Croeck, prior der Kartuizers te Vucht, belooft aan Heilwich, moeder van Jan Scilder gedurende 29 jaar 2 Peter te betalen op Lichtmis, evenveel aan Willem vande Pettelair, evenveel aan Goyart van Lancvelt ten behoeve van zijn vader Leunis; en evenveel aan Henrick Scilder, Goyart van Lancvelt en Henrick Ylivaens samen wegens de overgave van die turfplicht uit dat land, dat nu van de Kartuizers is.

1485, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: juni 10.
Michgiel Bolant, Gerart Peters, Jan van den Ven, Willem van Meyensvoert, Maes Henricksz, Jan Zebrechtszt van Collenberch en Jan Lucas, schepenen van Liemde [Liempde], verklaren dat Lysbet Aelbrechtsdochter verkocht heeft aan Marten van Helmont, het achtste deel van een beemd, geheten die Ruynen [Runne], gelegen aan de molen te Ansel [Antsel], tussen Lambrecht Dirck Roetartsz en die Voerbeempt [Voorbeemd], strekkende van Jan Zebrechts van Collenberch tot aan Arnt van den Pas

1486, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: februari 5.
Michgiel Bolant, Gerart Peters, Willem van Meyensvoert, Maes Henricksz, Jan Zebrechtszt van Collenberch en Jan Lucas, schepenen van Liemde, verklaren dat Lysbeth, weduwe van Thomas Jan Pauwelsz. met Jan jan Pauwelsz. haar momber, verkocht heeft aan Marten van helmont, een stuk land gelegen onder de dingbank van Liemde  [Liempde] aan Vrilichoven [Vrilkhoven], tussen Willem van Huls en Ariaen Pauwels van Akeren, strekkende aan Ghysbrecht Willemsz.

1486, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: maart 21. Michgiel Bolant, Jan van den Ven, Gerart Peters, Jan van den Ven, Willem van Meyensvoert, Maes Henricksz, Jan Zebrechtszt van Collenberch en Jan Lucas, schepenen van Liemde, verklaren dat Marten van Helmont gerechtelijk verwonnen heeft zeker stuk land te Liemde  [Liempde] tussen Ghysbrecht Willemsz. en Ghysbrecht Jan Meeuws, strekkende aan Ghysbrecht Jan Meeuws voorn., wegens een erfpacht van 1 molder rogge

1487, Inventaris van het Oud-Archief van het "Zinnelooshuis" te 's-Hertogenbosch door J.M. van Rooij, pag. 173 nr. 134. Datum: 07-06-1487
Schepenbrief, mentionerende van twee mud ende vier lopen rogghe, Bossche mate, uijt huys, erfve, hof in de prochie van Boxtel onder de Dingbank van Liempde, begynnende: Johannes en Wilhelmus broers ende eyndende.

1487/ BOSCH’ PROTOCOL BP 1256 fol. 100v / door dr. Geertrui van Syngel
Heer Hendrik van Ranst, tijdelijk heer van Boxtel en van Kessel heeft erfelijk verkocht  aan de stadssecretaris van Den Bosch ten behoeve van meester Marcus van [H]am die in de Raad van Brabant zit, een erfcijns van veertig Rijnse gulden, die betaald moet worden uit twee huizen, erven en tuinen in de Postelstraat  te Den Bosch tussen het erf van Martinus van xx en het erfgoed van Lambert Millinc bij de Dieze, en uit een zeker erfgoed of bos genaamd Veller [Velder, Liempde] gelegen in de parochie van Boxtel, met de daarin gelegen woningen en alle rechten en alle aangehorigheden die daarbij horen.

1487,  BHIC 1245, Klooster Sophiae Domus in Vught, (1303) 1465-1641 (1653)  door dr. Jan Sanders, datum: 1487-02-26
Notaris Jacobus de Fine oorkondt dat priester Willelmus Hals en zijn broer Herbertus, Bosschenaren, een schenking onder de levenden gedaan hebben aan broeder Tymannus Croeck, prior van de kartuizers in Vught, ten behoeve van het onderhoud van 1 monnik in dat klooster, bestaande uit: 8 pond erfcijns uit een huis met toebehoren in Oss in Die Cortvaert; 5 pond erfcijns uit een huis met toebehoren daar; 8 pond uit een huis met toebehoren in de Vughterstraat in 's-Hertogenbosch tussen de twee poorten; 1 mud rogge erfpacht uit een hoeve, vroeger van Johannes van den Velde, in Liempde onder Boxtel; 5 pond erfcijns uit een huis en erf in de Ridderstraat in 's-Hertogenbosch; 6 pond erfcijns uit een huis met toebehoren daar in Oudenhuls; 3 stukjes land buiten 's-Hertogenbosch bij Die Rundmoelen, jaarlijks 6 rijnsgulden en 4 stuiver opleverend; 10 schelling groten Tournoois erfcijns uit een huis en hofstad van Lemkinus van der Rijt in Vught en uit 2 stukjes land van hem, geheten Die Schiltberch en Die Ganspoell; 10 pond erfcijns uit een kamp land geheten Thonis Hoeveken in Schijndel; 1 mud rogge erfpacht van 5 mud uit 13 stukjes land in Schijndel; 3 pond erfcijns van 5 pond uit 1 zesterzaad land in Schijndel. Gedaan in het woonhuis van Willelmus en Hubertus in de Peperstraat in 's-Hertogenbosch.

1487, pag. 663, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Dirck Aert Seijkens belooft aan Aert Heijmericks die voortaan een rente van een rijnsgulden te betalen, elke gulden van 20 stuivers, steeds op St. Gielisdag op onderpand van een stuk beemd genoemd de Mortel gelegen onder Ameijden hier, b.p. Dirck Dirck Hoppenbrouwers, Boudewijn Pauwels van Liempde, Gijb Dircks. De schuldenaar belooft het onderpand in goede staat te houden voor de betaling van de rente. Datum op St. Jansdag 1487, getuigen Mathijs en Dirck.De rente uit de vorige akte is aflosbaar tegen betaling van 15 rijnsguldens. (geen datum en geen getuigen vermeld, JT)

1487, pag. 89v, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Komen zijn Henrick en Goijaert kinderen van wijlen Willem Aelbrechts van Gheenen en hebben een boedeldeling gemaakt. Genoemde Henrik krijgt een huis, tuin etc. met 3 lopenzaad land, gelegen in herdgang Verrenbest, b.p. de gemeenschappelijke straat, Henrick van Gheelst, Dirck van Beerwinkel. Nog krijgt hij een stuk land genoemd ´t Sonderen groot ca. 16 lopenzaad gelegen in herdgang Verrenbest, b.p. Goijaert Dielis Janssen, Jan Beertkens, de gemeenschappelijke straat. Nog krijgt hij een stuk land genoemd ´t Blaeck Sonderen, groot ca. 4 lopenzaad, b.p. Jan Beertkens, Jacop van Dormalen, de gemeenschappelijke straat, Pauwels Henrick Pauwels. Nog krigt hij een stuk land genoemd de Hosstadt, gelegen in herdgang Verrenbest bij de St. Odulphuskapel, b.p. de gemeenschappelijke straat, de kinderen van Jan Peter Haecks. Nog een stuk land gelegen in herdgang Verrenbest genoemd de Broekakker, b.p. Jacop Willem Keijmps, de gemeenschappelijke kerkpad, Hap Goijaert Jacops. Nog krijgt hij een beemd genoemd de Blakenbeemd gelegen in herdgang Verrenbest, b.p. de gemeenschappelijke kerkpad, Mathijs Janssen, Bertken Sbruijnen, Pauwels Henrick Pauwels. Nog krijgt hij een stuk beemd groot een halve bunder genoemd dat Cleijn Beemdeken, b.p. Dirck van Aerle, Luppen van Berse, de gemeenchappelijke straat, Jan Everaerts. Nog krijgt hij een stuk beemd genoemd de Oijendonk [Ooiendonk] gelegen in de gemeente Boxtel onder Liempde, b.p. de kinderen van Heijlken Back, de kinderen van Met Seben, Henrick Huijben. Nog krijgt hij een stuk beemnd genoemd de Boender gelegen onder Liemde bij het Veller, b.p. Henrick van de Maerselaer, Dielis Janssen, de kinderen van Aleijt Mertens. Uit dit erfdeel de pachten en chijnsen te betalen die er op drukken, nog 28 lopen rogge die ze samen aan hun broer Willem hebben beloofd in een schepenbrief van Oirschot. Genoemde Goijaert krijgt een huis etc., gelegen in herdgang Naastenbest, b.p. Jan Daniels, de kinderen van Wouter Keester, Michiel Metsers, de straat. Nog krijgt hij 3 lopenzaad land genoemd het Loo, b.p. de straat, Wouter Coelen (?), Nog een stuk beemd genoemd de Melcrothstege, b.p. Adriaen Smollers, verder rondom aan de de straat. Nog een stuk beemd genoemd de Noeijtenbeemd, b.p. Adriaen Smollers, Henrick van Best, de straat. Hieruit 4 philipsdenarii te betalen als grondchijns.  Ieder zal de lasten op het eigen erfdeel zo betalen dat de erfdelen van de anderen daarvoor gevrijwaard blijven. Datum 6 juli 1488, getuigen Claes Maes en Aert Vos.

1487 BOSCH’ PROTOCOL BP 1256 fol. 23 / door Jan Toirkens

Lyemde,  beemd  "Wijchmansbroeck" neven 't stroompje "Ryoel".

 

1487 BOSCH’ PROTOCOL BP 1256 fol. 96 / door Jan Toirkens

Lyemde, veld "Pranghe"

 

1487 BOSCH’ PROTOCOL BP 1256 fol. 224 / door Jan Toirkens

Lyemde,  aen die Collenberch

 

1487 BOSCH’ PROTOCOL BP 1256 fol. 494 / door Jan Toirkens

Lyemde, "die hoeve tot Wedehamel"

1488, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum: april 19. Gerart van Eyck en Johan Pynappel, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren dat Barbara Henric Hesselssoendochter heeft opgedragen aan Marten van Elmpt, het vierdepart van een beemd, geheten die Rune [Runne], gelegen te Lyempde  [Liempde] in de Voerbeemd [Voorbeemd] bij de molen van Ansel [Antsel], tussen Lambert Theodoricus Roetartssoen en de Voerbeemd, strekkende van Johan Zeberts van Collenberch tot aan Arnt van den Parre en meer anderen

1488, Inventaris van het Oud-Archief van het "Zinnelooshuis" te 's-Hertogenbosch door J.M. van Rooij, pag. 174 nr. 137. Datum: 27-09-1488
Schepen Boschbrief, mentionerende van twee mud ende vier loepen rogghe, Bossche maat, uyt huys erfve, hof inde prochie van Boxtel onder de Dinghbank van Liempde, begynnende: Lambertus, Johannes, Wilhelmus, Henricus et Arnoldus ende eyndende.

1488 BOSCH’ PROTOCOL BP 1257 fol. 351 / door Jan Toirkens

Lyemde, beemd "Beecklaeck" Herzelaer, aan de Dommel.

Lyemde, Audschelbeemde

 

1488 BOSCH’ PROTOCOL BP 1257 fol. 394v / door Jan Toirkens
Lympde, beemd "die Runne" bij de molen van Ansel (nu Meulekensweg) naast die Voertbeempt

 

1488 BOSCH’ PROTOCOL BP 1258 fol. 38 / door Jan Toirkens
Willem Engbertss vanden Bersselaer en Elyas Janss vanden Laerscoet, dekens en provisoren van 't Barbara-gulde in de kerk van Bucstel, geven een pacht uit in Lyemde, aan Yda weduwe van (moeilijk leesbaar op foto, in vouw papier.??.Aert Gerits??)

1489,  BHIC 1245, Klooster Sophiae Domus in Vught, (1303) 1465-1641 (1653)  door dr. Jan Sanders, datum: 1489-04-09
Judocus die Necker heeft erkend voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan meester Godefridus de Dommelen ten behoeve van het kartuizerklooster bij 's-Hertogenbosch dat hij bepaalde lasten zal betalen uit een hoeve geheten Den Leemputt [Leemputten] in Liempde onder Boxtel en vooral uit een kamp land van 1 bunder in Sint-Oedenrode int Florijssen, vandaag verkocht aan meester Godefridus ten behoeve van het klooster.

1472 BOSCH’ PROTOCOL 31 juli 1489 / door Geertrui Van Synghel
Schepenen van Boxtel oorkonden dat Peter en Jan, broers, wettige kinderen van Peter van Broegel, wettelijk en erfelijk een schepenoorkonde van Boxtel d.d. 19 oktober 1446 verkocht hebben aan Hendrik Peterszn. van Liempde, waarin staat dat Katrien, wettige dochter van Jan Cattelaer, aan Peter van Broegell, wettige zoon van Peter van Broegel, een stuk land in de parochie van Boxtel heeft verkocht, geheten ‘Scuerwisbraect’, met meer percelen van erfgenamen,  maar dat Hendrik geen van de percelen mag gebruiken voor zijn eigen erfgenamen behalve het stuk land ‘Scuerwisbraec’ en een stuk land aan de Mijlstraat. Ter meerdere zekerheid heeft Jan de Momber Lucaszn. afstand gedaan van zijn recht op die twee percelen en heeft hj beloofd dit eeuwig zo te houden, behalve dat de koper de erfpacht van zes lopen rogge zal voldoen.

1490 BOSCH’ PROTOCOL BP 1259 fol. 131, 20 maart / door Jan Toirkens
Gerit Willem Scordeels en heer Wouter Henrick Wouters, priester, voogden van Dirck, onmondige zoon van Wouter Willem Scordels en Barbara Dirck Wouters hebben opgedragen aan Jan, natuurlijke zoon van Jan Coppen huis, erf en hof "den Engel" (dat vroeger was van Gerit Florens (=van der Aa, JT), daarna van Jacob Pauwels vervolgens van Peter Wouters vanden Loeck, die het opgedragen had aan Wouter Scardeels) in Bucstel binnen bruggen tegenover Lijnde tussen Henrick van Lyemde en Wouter Janss die Cremer. Jan, wettige zoon van Jan Coppen behoudt de huur.

1491 BOSCH’ PROTOCOL BP 1260 fol. 210v / door Jan Toirkens
Lyemde, Audselsche beemde

1491 BOSCH’ PROTOCOL BP 1260 fol. 286v, 14 juni / door Jan Toirkens
Elisabeth Jan Henrix die Wijze, begijn in 't Klein Begijnhof in Den Bosch, heeft opgedragen aan Willem Willem van Ammichoven, man van Adriaen, natuurlijke dochter van Jan van Ranst van Bucstel, een pacht van 1 mud rog Bucstelse maat op Lichtmis (te aanvaarden na de dood van Elisabeth) uit ¼  deel van 2 buunder broek in Wijchmansbroeck in Lyemde bij den Ryoel; (Jan Hendrix die Wijze had die pacht verkregen van Peter Willem Peters van Herenthom) (na de dood van Elisabeth, Willem en Adriaen komt die pacht aan de kinderen van Willem en Adriaen); alsmede land aen die Hoechvonderen en een pacht van 1 mud rog op Lichtmis Bossche maat uit erven in Uden.

1491, Inventaris van het Oud-Archief van het "Zinnelooshuis" te 's-Hertogenbosch door J.M. van Rooij, pag. 176 nr. 143. Datum: 23-06-1491
Schepen Boschbrief, mentionerende van twee mud ende vier loepen rogghe, Bossche maat, uyt huys erfve, hof inde prochie van Boxtel onder de Dinghbank van Liempde, begynnende:  Alzoe Jan ende Willem, gebruederen ende eyndende: Gegeven opten drye ende twentichsten dach der maent van Junio int Jaer ons Heeren duysent vierhondert een ende tnegentich.

1491, Inventaris van het Oud-Archief van het "Zinnelooshuis" te 's-Hertogenbosch door J.M. van Rooij, pag. 176 nr. 144. Datum: 14-10-1491
Schepenenbrief, wesenden constitutie ende tytel van vercrych van een mudde rogghe, begynnende:  Gerardus zoon van wijlen Arnoldus ende eyndende: [Pacht was gevestigd op onderpanden te Kasteren, Liempde]

1492, BHIC 5004  MANNENGASTHUIS  door W.A. Fasel datum:  mei 19.
Godefridus Grotart de Os en Yewanus- Bruyst, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren dat Johannes, zoon van Lambertus Dirckss. van de Wegesceiden, heeft opgedragen aan Martinus de Elmpt, 1/7 part en een heel part van de weide, genaamd Roesbeempt [Roesbeemd], gelegen in de parochie Bucstel onder de dingbank van Lyemde [Liempde] in Vrillichoven [Vrilkhoven], tussen Martinus voorn. en Willelmus Martenssoen, strekkende van Elisabeth, weduwe van Thomas, zoon van wijlen Johannes Pauwelssoen en haar kinderen tot aan Laurencius Lathouwers

1492, pag. 315r, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Claes Stevens van der Donck verkoopt aan zijn vader Steven Henrick Stevens van der Donck die een jaarlijkse pacht van 9 lopen rogge, maat van (blanko gelaten, JT) uit een pacht van 18 lopen per jaar, welke pacht Steven nog heeft wat betreft vruchtgebruik en welke pacht Claes als zoon na diens dood zou erven. De pacht wordt jaarlijks geheven op de Smeedskinderen van Loon, zoals is vermeld in de boedeldelingsbrief ervan. Claes als verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. Datum als boven, getuigen Esp en Ansems. Genoemde Steven belooft aan zijn zoon die per de eerste MAria Lichtmisdag na zijn dood, een bedrag van 10 peters te betalen, elke peter gerekend tegen 18 stuivers, samen met een rente van 5 lopen rogge. Als extra zekerheid van het genoemde bedrag en de rente, stelt Steven aan Claes een stuk beemd in onderpand gelegen onder Ameijden hier, b.p. Henrick Gerard Coppens, Jan Coppens te Liempde, de Heerstraat daar, het Quinckersche Broek. Actum als boven.

1492 BOSCH’ PROTOCOL BP 1262 fol. 84 / door Jan Toirkens
Joest de Necker, inwoner van Casteren (Kasteren), gemachtigd door de gebueren des gehuchts van Casteren (Kasteren) in een proces tussen Casteren (Kasteren) enerzijds en Bucstel, Rode, Scijndel en Gestel anderzijds ter cause vanden gebruyke eenre gemeynten aldair omtrent gelegen, substitueert brueder Henrick van Duvelandia, prior de cartisers in Antwerpen, en diens procurator (transcribent: vermoedelijk om te procederen voor de Raad van Brabant over het Kasterse deel van de bodem van Elde)

1492 BOSCH’ PROTOCOL BP 1262 fol. 298 / door Jan Toirkens
parochie Bucstel, Casteren (Kasteren), in de Moye

1493 BOSCH’ PROTOCOL BP 1262 fol. 65 / door Jan Toirkens
de
erfenis Vellair ( Velder, van de Heer van Bucstel) grenst aan land "die Heerbeeck" in Oerscot in de herdgang Aerle.

1493 BOSCH’ PROTOCOL BP 1262 fol. 356 / door Jan Toirkens
Lyemde, beemd "die Oyendonck" op Oyendonck
Lyemde, beemd in die Cloetsche buenre
Lyemde, den Schelenbeempt in die Moerkensbuenre
Lyemde, beemd "Wedehage"
Lyemde, land in die Smadelaer

1493 BOSCH’ PROTOCOL BP 1262 fol. 357 / door Jan Toirkens
Lyemde, ter plaatse Smaler

 

1493 BOSCH’ PROTOCOL BP 1262 fol. 376 / door Jan Toirkens

Henrick Peter Goyart 'sHoessenzoon, weduwnaar van Ermgard Jacob Bloeys, draagt op aan Michiel Peters van Hall een pacht van 2 mud rog, welke Aleyt, weduwe van Dirck Zegers, en haar zoon Zeger beloofd hadden te vergelden aan Willem, natuurlijke zoon van wijlen heer Willem van Meerhem, voorheen heer van Bucstel, ridder, en op Lichtmis in Den Bosch te leveren uit den Perrenbeempt, Lyemde, Vrillichoven, uit beemd "die Kelre", uit hei en land bij Cleynre Lyemde; uit huis met 18 lopense land in Lyemde; en uit een wei of eeussel in Lyemde. (Mr gerit Boest had die pacht ten behoeve van de kinderen van Jacob Bloeys verkregen van Henrick Goyart Bartramssoen van Hedel).

1494 pag. 7r, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Dirck Seijkens belooft aan Willem Goijaert Beckers die voortaan een jaarlijkse pacht van 4 lopen rogge te gaan betalen, steeds op Maria Lichtmisdag op onderpand van een beemd genoemd de Mortel groot ca. 5 vierde bunder, gelegen onder Ameijden hier, b.p. Dirck Hoppenbrouwers, Boijen Pauwels van Liempde, Agnees Crommen. De schuldenaar belooft het onderpand in goede staat te houden voor de betaling van de pacht. Datum 12 februari 1494, getuigen Henrick en Beertram.

1494, pag. 9v, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Jan Aernden Baks, voor hemzelf handelend en als voogd over Ruelen zoon wijlen Gerart Arnden Baks, nog minderjarig zijnde, die hij later alsnog zal laten beloven afstand te doen, verder Willem Dirck van Dormalen als man van Aleijt, Jan Rutten Timmermans als man van Lisbeth, gezusters en dochters van genoemde Aernden Baks, hebben een deling gemaakt van het bezit dat ze van Aernden Baks en diens vrouw Heijlwich na hun dood hebben geerfd. Bij deze deling krijgt Jan Aernt Baks een huis, tuin en een stuk land van 4 lopenzaad, gelegen in Oirschot herdgang Aerle, b.p. Aelbrecht van de Maerselaer, Merten Verloes, de gemeenschappelijke straat, Willem Stijnen. Nog krijgt hij een stuk land genoemd ´t Hagelaer, gelegen in herdgang Aerle, b.p, Jan natuulrijke zoon van Lambrecht van Berze, Wreijs Happen, Jan Houbraken, de Haegstraat daar. Daaruit moet hij aan het gasthuis van Oirschot jaarlijks 2 mud rogge betalen, nog aan Henrick van Hese 10 lopen rogge, nog 4 lopen rogge per jaar op Maria Lichtmisdag aan Willem Dircks van Dormalen en nog de grondchijns, nog 3 peters aan Jan Rutten Timmermans binnen nu en 3 jaar. Nog krijgt Jan ten behoeve van Roelof Gerart Backs, waarvan Katalijn de weduwe van Roelof het vruchtgebruik krijgt, een stuk land groot ca. een half mudzaad, gelegen in de Aerlesche Akkers, b.p. Alijden Brants, Jan natuurlijke zoon van Dirck Stockelmans, Heijn Goossens van der Achter. Hieruit moet hij jaarlijks aan Henrick Meeus Crommen een kroon per jaar betalen en de grondchijns. Genoemde Willem Dircks van Dormalen namens zijn vrouw krijgt een bunder land genoemd het Nuwe Rot, gelegen in hergang Aerle in de Hagelaeren, b.p., Henrick de Crom, de Haegstraat, Aert Celen. Daaruit moet hij aan Henrick de Crom een mud rogge per jaar betalen en een kroon en een derde van de grondchijns. Verder krijgt hij van Jan Aernt Baks een jaarlijkse pacht van 4 lopen rogge, maat van Oirschot uit het erfdeel van deze Jan. Jan mag die pacht van 4 lopen altijd aflossen tegen 9 peters, elke peter tegen 18 stuivers.  Genoemde Jan Rutten Timmermans als echtgenoot krijgt de helft van een beemd genoemd de Oijendonk [Ooiendonk], gelegen in de gemeente Liempde, in totaal za. 5 vierde bunder groot, die jaarlijks wordt geruild met Willem Bowens te Liempde die de andere helft heeft, b.p. de gemeijnte, genoemde Oijendonk, Met Seben te Liempde, een beemd genoemde de Neepschen Bunder. Hieruit zal hij jaarlijks aan Jacop Keijmps in Den Bosch twee Bossche zesters rogge betalen, nog de grondchijns en de tiende van het hooi aan de heer van Boxtel.Verder krijgt Jan van Jan Aert Backs per Maria Lichtdag over 2 jaar een bedrag van 3 peters en onderwijl steeds een rente daarvan ad 2 lopen rogge.  Datum 18 februari 1494, getuigen Joerden en Crom.

1494, pag. 21r, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Willem Peter Keijsers en Gijsbrecht Jan Daniels als man van Margriet dochter van genoemde Peter Keijsers, en verder Katalijn en Janna, gezusters en kinderen van genoemde Peter Keijsers, hebben een deling gemaakt inzake het bezit dat ze hebben geerfd van Jutten dochter van wijlen Andries van den Laeck, zijnde hun moeder. Bij deze deling krijgt Willem een stuk land groot ca. 4 lopenzaad gelegen in herdgang Verrenbest, b.p. zijn zuster Janna waarvan is afgedeeld, de straat, de kinderen van Willem van Dormalen. Daaruit moet hij jaarlijks aan de H. Geest van Vught en daar ook te leveren een half Bosch mud rogge betalen, nog 2 lopen rogge per jaar aan de rector van de St. Odulphuskapel, nog een lopen rogge aan de H. Geest van Oirschot en nog het vierde deel van 9 lopen rogge aan zijn tante Lisbeth van de Laeck zolang ze leeft, verder de grondchijns. Nog krijgt hij een beemdje genoemd de Oude Beemd, groot ca. een vierde bunder, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. Jacop Willems, het erf van St. Petrus, de straat. Daaruit moet hij de grondchijns betalen en een half mud rogge per jaar danwel 11 peters. Gijsbrecht Jan Daniels als echtgenoot krijgt een pacht van een mud rogge per jaar, maat van Oirschot op onderpand van een stuk beemd genoemd dat Swermenveld, gelegen in de Vloet (de Vleut, JT). Nog krijgt hij een stuk land genoemd ´t Laer gelegen in herdgang Verrenbest, b.p.de kinderen van Willem van Dormalen, Kreen (Karijn, JT) Moijes, Peter Henricks, Peter Somakers. Hieruit moet hij jaarlijks 8 lopen rogge maat van Oirschot betalen. Nog krijgt hij de helft van een stuk beemd gelegen in de Vloet, b.p. het eeuwsel van Gunterslaer, Aert Berbiers, Goijaert Raijmakers, Jan Speeck, de Vloetstraat daar. Hieruit moet hij jaarlijks anderhalve stuiver betalen en het vierde deel van 9 lopen rogge aan Lijsken van de Laeck, nog de helft van 22 lopen rogge en een viedevat per jaar. Genoemde Katalijn krijgt een stuk land groot ca. 4 lopenzaad genoemd de Grootekker gelegen in herdgang Verrenbest, b.p. Gerart van den Melcroth, de kinderen van Henrick van der Haest, Jan Cuijpers, Dirck van Beerwinkel. Nog krijgt ze een stuk beemd genoemd de Nijenbeemd, gelegen in herdgang Verrenbest, groot ca. een halve bunder, b.p. Jacop Willem Keijmps, de straat, Frank Vermeer, de kinderen van Coppen Jacops. Nog krijgt ze de heflft van een stuk beemd genoemd de Stillenbeemd gelegen in de Vloet, waarvan Jan en Peter Jan Scomakers de andere helft hebben, de totale beemd ca. anderhalve bunder groot zijnde, b.p. Aert Berbiers, Jan van den Velde te Liempde, Jan van Liempd, Jan Everaerts. Die helft zal ze aanvaarden na de dood van haar vader Peter en niet eerder. Uit dit erfdeel moet ze jaarlijks de grondchijns betalen, nog anderhalve rijnsgulden per jaar aan Margriet Belaerts, nog 6 lopen rogge aan het gasthuis van Oirschot, een mud rogge per jaar aan Jan Henrick Heijmans en een vierde deel van 9 lopen rogge aan Lijsken van de Laeck zolang ze leeft en niet langer. Genoemde Janna krijgt een stuk land groot ca. een zesterzaad, gelegen in herdgang Verrenbest, genoemd dat Cleijn Grootakkerken, b.p. de kinderen van Henrick Verhaest, de Somerweg daar, Meeus van Beerwinkel. Nog krijgt ze de helft van een stuk beemd waarvan Gijsbrecht Jan Daniels de andere helft heeft gelegen in de Vloet, b.p. het eeuwsel van Gunterslaer, Aert Berbiers, Goijaert Raijmakers, Jan Speecks, de Vloetstraat daar. Nog krijgt ze een schuur met een stukje land eraan groot ca. anderhalf lopenzaad gelegen in herdgang Verrenbest, b.p. haar vader peter, haar broer Willem, de kinderen van Willem van Dormalen, de straat. Uit haar deel zal ze jaarlijks de helft van 22 lopen en een vierdevat rogge betalen, nog het vierde deel van 9 lopen rogge en anderhalve stuiver per jaar. Verder beloven de delers elkaar dat ze ieder de lasten etc. op het eigen erfdeel zo zullen betalen dat het erfdeel van de anderen daarvoor gevrijwaard blijft. Datum 12 juni 1494, getuigen Rutger, Henrick en Crom.

1494,  BHIC 1245, Klooster Sophiae Domus in Vught, (1303) 1465-1641 (1653)  door dr. Jan Sanders, datum: 1494-10-22
Marcelius die Lu, prior, Lambert Vilt, supprior en Nicolaus Houtappel, kelwerder van het klooster van de Hemelse Poort of Bazeldonk bij 's-Hertogenbosch, draagt over aan de kartuizers te Vught een erfpacht van 2 mud en 2 zester rogge uit een kamp van 3? bunder in Boxtel in Zavendonk [Savendonk] en andere onderpanden, een erfpacht van 1? mud rogge uit een half mudzaad land in Houthem onder Sint-Oedenrode, een erfcijns van 3 kapoenen en een erfpacht van 1 mud gerst in Houthem onder Sint-Oedenrode, alle te betalen door de kartuizers, in ruil waarvoor broeder Tymannus Croeck, prior, Jan van Meeuwen, vicarius, Cyriacus van Alckmar, procurator, en Petrus van Westerscouwen, koster van het kartuizerklooster overdraagt aan het klooster van de Bazeldonk een erfpacht van 2 mud rogge, een erfpacht van 1 mud rogge uit een hoeve, vroeger van Jan van den Velde, in Liempde, en een erfpacht van 1 mud rogge in Oisterwijk. De kartuizers nemen bovendien de betaling over van 2? pond aan het kapittel van Sint-Oedenrode uit bepaalde gronden daar.

1495, pag. 19r, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Dirck Dirck Seijkens verkoopt aan Aernden Wouter Thijs Backs een beemd groot ca. een bunder genoemd de Mortel, gelegen onder Ameijden hier, b.p. Dirck Hoppenbrouwers en meer anderen, Boijen Pauwels te Liempde (is hij Boudewijn of is hij bode?, JT). Hieruit moet de koper jaarlijks een mud rogge betalen aan Margriet Belaerts in Oirschot te leveren en nog een oude grote als grondchijns. De verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. Datum 26 juli 1495, getuigen Snepschuet en Belaerts.

1495 BOSCH’ PROTOCOL BP 1229 fol. 269, 29 maart/ door Jan Toirkens
Heer Peter Geroncssoen van der Heijden, pitanzier des convents van Everbode (Averbode) heeft namens dat convent verjairpacht aan Jan Meeus van Vrillichoven een hoeve (= tguet ten Keirckhove)  in Groter Lyemde bij der capellen voor 5 jaar vanaf Pinksteren aanstaande om 23 rijnsgulden op Pinksteren etc. etc. Als de pachter hout nodig heeft voor timmering moet hij dat vragen aan Dirck Jannis. Men geve deze brief aan Dirck Jannis.

1495 BOSCH’ PROTOCOL BP 1264 fol. 202, 6 augustus / door Jan Toirkens
Er is een geding in de Raad van Brabant tussen de inwoners van Casteren (Kasteren) en de Kartuizers enerzijds en Andries Corstiaens van Rode anderzijds over het gebruik van de gemeynte tussen Rode, Bucstel, Scijnle en Gestel. Akkoord.

1496, pag. 25r, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Gevart Janssen van Geldrop verkoopt nu aan Joerden Ansems van Liefveld onze collega-schepen, een pacht van een mud rogge, maat van Oirschot, welke pacht Gevaert zelf had gekocht van Wouter van Vrieselt, kanunnik te Oirschot en deze Wouter weer had verkregen van Bertelmeeus Zuetericks te Liempde, welke pacht jaarlijks wordt geheven op onderpand van een stuk land gelegen in herdgang de Kerkhof, b.p. Daniel Heijn Omen, de gemeijnte, de koper. Gevert belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. Datum 20 november 1496, getuigen Jacop en Henrik. Wouter Willem Wouters voor hemzelf handelend en voor Willem Willems van der Schueren en voor Jan Lambrechts als man van Margriet dochter van wijlen Willem van der Schueren, nog Jan Willem Wouters die voor zichzelf handelt en ook nog namens Thomas Goossen Thomas van Oudenhoven, en voor Dirck de Raet als man van Marie dochter van wijlen Willem van der Schueren en voor zijn broers Willem en Jan en voor Eva en Dingen zijn zusters, die ook nog handelen namens Jan Gijsbrechts van der Lijnden en voor Jan Willems van der Schueren en nog vanwege Mercelis Matheeus van Croonenburg als man van Lisbeth, hebben samen een deling gemaakt van het bezit dat ze hebben geerfd van hun tante Aleijt, dochter van Jan van der Schueren. Bij deze deling krijgt Wouter Willem Wouters voor hemzelf en Willems Willems van der Schueren en voor Jan Lambrechts het vierde deel van een bunder beemd genoemd dat Maerselaer, gelegen in herdgang Straten, b.p. het erf eerder van Claes Beckers, Jan Willem Wouters, Aert Janssen van der Schueren, de gemeijnte. Nog krijgen ze samen een pacht van 4 lopen rogge uit een mud rogge, maat van Beers, dat jaarlijks wordt betaald door Roef Goijaert Loijen. Nog krijgen ze het derde deel van een stuk heiveld gelegen onder Eckensrijt. Nog een half pond paijment jaarlijks te ontvangen van Peter van Esp. Ze moeten hieruit jaarlijks de gronchijns betalen ieder naar rato van zijn deel ervan. Jan Willem Wouters, voor hemzelf en voor Dirck krijgt het vierde deel van een bunder beemd genoemd het Maerselaer gelegen in herdgang Straten,  zoals hiervoor al is omschreven. Nog krijgen ze een pacht van 3 lopen rogge  uit de pacht van een mud, maat van Beers, die wordt betaald door Roef Goijaert Loijen te Beers. Nog krijgen ze de helft van een akker genoemd de Castaert, gelegen in herdgang Straten, in totaal groot ca. 4 lopenzaad, b.p. het erf eerder van Dirck Mathijs Huijskens, Jan Willem Wouters, een pad daar, het erf eerder van Goijaert Slouwers. Nog krijgen ze het vierde deel van een stuk land genoemd dat Slouwers  Buchtken, b.p. de kinderen van Heijmerick Scepens, genoemde Jan waarvan eerder is afgedeeld. Nog krijgen ze ca. het derde deel van een stuk heiveld geleegn op Eckensrijt. Nog een half pond paijment te ontvangen van Peter van Esp. Uit dit erfdeel moet men jaarlijks een Bosch zester rogge betalen in Den Bosch te leveren aan de H. Geest en verder nog de grondchijns ieder na rato van zijn deel hierin. Aert Janssen van der Schueren voor hemzelf en voor zijn broers Willen en Jan en voor Ida en Dingen zijn zusters en nog voor Marcelis Matheeus, krijgen  samen de helft van een stuk land genoemed de Castaert, waarvan Jan Willem Wouters de andere helft heeft, zoals hiervoor al is beschreven. Nog krijgen ze het vierde deel van een stuk land genoemd dat Slouwers Buchtken waarvan Jan Willem Wouters het andere vierde deel heeft zoals hiervoor omschreven. Nog krijgt hij een akker genoemd de Reweijten akker, groot ca. 4 lopenzaad, met de weg daarbij gelegen in herdgang Straten, b.p. Aert Wouter Thijssen, Daniel Schepens, de kinderen van Heijmerick Schepens, Nog krijgt hij een deel in een stuk heiveld onder Eckensrijt, nog krijgt hij een pacht van 5 lopen rogge, maat van Beers uit een heel mud, te betalen door Roef Loijen te Beers. Uit dit erfdeel moet jaarlijks 14 lopen rogge worden betaald aan een altaar te Oirschot in de O.L. Vrouwkapel, nog een Bosch zester rogge in Den Bosch aan de H. Geest daar en verder de grondchijns. Genoemde personen beloven de deling altijd gestand te zullen doen en ieder zal de lasten op het eigen erfdeel zodanig betalen dat het erfdeel vav de ander daarvoor gevrijwaard is. Alle niet genoemde lasten zullen ze samen betalen. Datum 3 juli 1496, getuigen Joerden, Peter en Jacop.

1497, pag. 3v, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Marie dochter van wijlen Wautgaert Jan Wautgaerts verkoopt aan genoemde Bertelmeeus een rente van 10 stuivers per jaar, welke rente Lambrecht van de Bichelaer haar had beloofd volgens een brief van de schepenbank van Liempde op onderpand van bezit ook te Liempde. Nog krijgt Bertelmeeus van Marie elk jaar een pacht van 3 lopen rogge, maat van Oirschot zolang als zij het huis en de tuin gebruikt, maar Bertelmeeus zal wel altijd de 10 stuivers bliiven ontvangen of hij daar nu wel of niet woont. Actum als boven.

1497, pag. 34v, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Gielis Jan Crijns heeft hier voor schepenen ermee ingestemd dat hij aan Everaert Willem Rutgers het bezit zal overdragen en verkopen dat Gielis eerder had laten uitwinnen, eerder eigendom van Willem de Greef. Dat betreft een eeuwsel genoemd de Bijvink met een stuk land eraan gelegen onder Boterwijk hier, zoals is vermeld in de vonnisbrief, maar Gielis houdt wel zijn jaarlijkse pacht van 14 lopen rogge per jaar, waarvoor het was uitgewonnen en de kosten van de procedure, etc. en verder houdt hij nog wel zijn oorspronkelijke aanspraken op het bezit omdat de opbrengst bij uitwinning onvoldoende was volgens zijn principale brief, welke vordering in totaal 31 stuivers een oort beloopt. Nog dient de koper een Bosch mud rogge per jaar te betalen die 2 jaar onbetaald is gebleven, welke pacht Ijken Geenen te Liempde jaarlijks uit het bezit ontvangt en welke pacht Gielis steeds heeft betaald gehad en daarvoor heeft hij per lopenzaad 3 stuivers betaald maakt totaal 4 rijnsguldens en 4 stuivers. (14 lopen x 3 stuivers = 42 stuivers = 2 gulden 2 stuivers x 2 jaar is  4 gulden 4 stuivers, JT) verder heeft hij daar nog de rente van een half mud moutkoren over betaald en de kosten voor een deel van het jaar zijnde 3 rijnsguldens van 20 philipsstuivers. En omdat het bezit daarvoor was uitgewonnen, heeft Gielis destijds de koop daarvan verworven van de rentmeester en de totale kosten daarvan belopen dus 8 oude grote vanwege de veiling en aan de de leenmannen is een bedrag van 5 ´gelten´ wijn betaald, elk kwart voor 3 philipsstuivers maakt samen anderhalve rijnsgulden.  Verder heeft Gelis nog 2 rijnsguldens ´zwaar´ geld moeten betalen volgens de certificatie van de rentmeester. Nog om de grondchijns te betalen is een bedrag van een oude grote en nog 9 stuivers betaald, nog voor het jaar dat Everaert het bezit heeft gebruikt is voor de grondchijns die Everaert niet wilde betalen ook 9 stuivers betaald en voor de genoemde blanken die erop drukken als grondchijns samen 1 oude grote en anderhalve stuiver, nog als kosten van de twee uitwinningen samen 17 stuivers betaald. Daarna heeft Gielis het bezit in het openbaar in aanwezigheid van schepen laten veilen en omdat er verder niemand is geweest die er meer voor wilde bieden heeft Gielis de koop ervan definitief verworven en er is nog 3 stuivers verteerd vanwege de verkoping. Datum op St. Laurensdag 1497, getuigen Crom en Stayakker.

1499, pag. 31v, Oirschot vrijwillige rechtspraak, regesten door Jan Toirkens
Dirck Henricks van Tulden (doorgestreept is Goijaert Henricks van Tulden, JT) verkoopt nu aan Jan zoon wijlen Willem Suermonts  (doorgestreept is Goijaert Jan Peters van Bergeijk, JT) een pacht van 1 mud rogge, maat van Oirschot uit een pacht van 10 mud rogge en 10 lopen per jaar, welke pacht Peter Janssen van der Bruggen eerder had beloofd steeds te betalen op Maria Lichtmisdag aan Goijaert, Jan, Bertelmeeus, Aerden en Dirck zijn zwagers en aan Andries Maercolfs als man van Marien, zijnde allen wettige kinderen van wijlen Jan Aleijten verwekt bij Katharina dochter van wijlen Goijaert Michiels, op onderpand van een huis, tuin etc., gelegen in de Vloetstraat, b.p.de Vloetstraat, Claes Thomassen met meer anderen, Jan Henricks van der Vloeten, de hoeve van Gunterslaer eerder eigendom van Willem Dicbier. Nog op onderpand van 3 stukken land en 2 beemden met een eeuwsel etc., ter zelfder plaatse gelegen genoemd dat Grimmen, b.p. de Vloetstraat, het erf dat eerder van Willem Dicbier was, met meer anderen, Beertken van den Spijker dat eerder eigendom was van Goijaerden Ackermans, Meeus Maercolfs. Nog op onderpand van een stuk land genoemd de Gijsenakker, b.p. Mechteld van Gewanden, Jan Speecks. Dat bezit hadden genoemde schuldenaars als kinderen van Henrick Aleijten verpacht (verkocht tegen een pacht, JT) aan Peter Jans van der Bruggen voor de grondchijns en voor een jaarlijkse pacht van een Bosch mud rogge aan de erfgenamen van Jacop van Hal, en aan de Rijke Fraters van Den Bosch een Bosch mud rogge en nog aan Mechteld Ceelen te Liempde 4 lopen rogge, en nog 4 mud rogge per jaar aan genoemde Peter van der Bruggen als huwelijkse gift. Verder nog voor een jaarlijkse pacht van 10 mud en 10 lopen rogge, die genoemde Peter Jans van der Bruggen daaruit aan de verkopers had beloofd. De pacht is steeds op Maria Lichtmisdag te betalen. De verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. Voetnoot 1 : Is niet gepasseerd (akte is veranderd op enkele punten en ook doorgestreept, JT) Voetnoot 2 : Datum 18 januari 1503 (?), getuigen Crom en Maes Gielis. Voetnoot 3 : Akkoord voor vidimusakte voor Jan van de originele brief vanwege veranderingen. (op 26 september 1503 laat Cornelis Smeets als gemachtigde voor Jan Willem Suermonts het bezit uitwinnen voor de pacht van 1 mud rogge met de achterstand, JT)

1501 BOSCH’ PROTOCOL BP 1269 fol.  297v, 7 juni / door Jan Toirkens
Willem Henrick Peters zoene verhuurt aan broeder Dirck van Dynther ten bate van de Kartuizers van Vucht voor 13 jaar ¼  deel in een leengoed (leenroerig dat ¼  aan de heer van Bucstel) bestaande in een hoeve Bucstel, Zelisel, om 35 Rijnsguldens, eens te geven aan Willem Henrick Peters (en heden betaald) en de lasten: sheeren diensten die op dit ¼  deel rusten).

1507 BOSCH’ PROTOCOL BP 1276 fol.  336 +337, 19 april / door Jan Toirkens
Anthony, Jan en Andries, zonen van wijlen Willem Rutgers van Griensvenne die gehuwd was met Henrica Wauters vander Vlasvoert en Henrick Goyarts Strick  die gehuwd is met Antonia, dochter van Willem Rutgers van Griensvenne en Henrica, ook namens Rutger, nu te Leuven wonend, en Henrick, nu ziek, ook zonen van Willem Rutgers van Griensvenne en Henrica, verkopen aan broeder Hubrecht van Loen, prior, en Ciriaens van Alcmaer, procurator der Kartuizers van Vucht, ten bate van de Kartuizers van Vucht een hoeve ( afkomstig van Wouter vander Vlasvoert) Bucstel, Cleynre Lyemde aent Hoige Eynde. Lasten:

-  9 ½ oude grote en 3 penningen payement grondcijns aan den Heer van Bucstel;

- ½ oude grote grondcijns aan 't Convent van Hoedonck;

- 2 cijnshoender en een halff vastelavontshen en ¼  vracht tiendhooi aan de heer van Bucstel

- 20 lopen rog en 3 mauwer gerst aan St.Maartensaltaar in de Bucstelse kerk;

- 5 1/3 zester rog aan de Kartuizers van Vucht)

Hub van Loen belooft aan Andries en Henrick

- 15 Rijnsguldens op Lichtmis eerstkomend

- 15 Rijnsgulden en 150 Rijnsgulden op Lichtmis over 1 jaar

- 7 ½  Rijnsgulden Lichtmis over 2 jaar

- 7 ½ Rijnsgulden en 150 Rijnsgulden Lichtmis over 3 jaar

 

De afwezigen zullen nog afstand doen van die hoeve.

 

De Kartuizers betalen terstond 25 Rijnsgulden voor de slagen en 70 Rijnsgulden in gerede penningen.

 

 

 

HOME